Jed McKenna

‘Ik ben geen heilige of een goeroe. Ik verkondig niets. Ik sta niet in een of andere traditie en vertegenwoordig geen systeem.’ Citaten van de spirituele auteur ‘Jed McKenna’.

Redactie en titels Hans van Dam, illustratie Lucienne van Dam.

Dwaalgids > Advaita > Jed McKenna


Inhoud

Uit Spirituele verlichting? Vergeet het maar (2005):


Niets is verkeerd

Sarah lijdt onder dezelfde misvatting als iedereen. Ze is van mening dat er, in de meest algemene zin, iets fout zit en dat ze dat goed kan maken. Wat dat iets is, en wat er verkeerd aan is en hoe dat rechtgezet kan worden, daarover verschillen de meningen van persoon tot persoon maar het patroon is altijd hetzelfde. De waarheid is echter, dat er nergens iets verkeerd is. Niets is ooit verkeerd en niets kan ooit verkeerd zijn. Het is zelfs niet verkeerd te geloven dat iets verkeerd is. (18)


Niets te doen

Als er niets verkeerd is, dan is er ook niets dat rechtgezet moet worden, hetgeen erop neer komt dat er helemaal niets gedaan hoeft te worden. Hoogten hoeven niet beklommen te worden en diepten niet gepeild. Rijkdom en macht hoeven niet verworven te worden. Er hoeft niet gezorgd te worden voor het nageslacht. (19)


Onbeschreven blad

[Sarah] is niet aan komen waaien als een onbeschreven blad, dus het eerste wat er moet gebeuren is ervoor te zorgen dat ze haar greep verliest op, nou ja, op alles: haar meningen, haar ideeën over goed en kwaad, haar meest vaste en diep gekoesterde overtuigingen. (22)


Uit het raam springen

‘Wát precies hoop je met je leven te bereiken?’
‘Vrij zijn van gebondenheid,’ antwoordt hij zonder aarzeling. ‘Bevrijding. Eén-zijn met al wat is. Eenheidsbewustzijn.’
Het lukt me nog net, niet uit het raam te springen.


Overboord

Wat als je zou ontdekken dat je alles wat je ooit geleerd hebt overboord zou moeten gooien om die verlichting waar je het over hebt, te bereiken? Zou je al die kennis die je hebt opgedaan kunnen laten vallen? (37)


Nog voordat die begonnen is

Loyaliteit aan welke spirituele lering of leraar, of autoriteit van buitenaf dan ook, is de verraderlijkste valkuil waar je in kunt trappen. Het eerste waar we op uit zijn als we met onze zoektocht beginnen, is de kameraadschap en de bevestiging die uitgaat van een bestaande groep. Zodoende eindigen we in feite onze zoektocht al nog voordat die goed en wel begonnen is. (43)


Deprogrammering

Ontwaken is een proces van deprogrammering. Verlichting is: niet geprogrammeerd zijn. (43)


Krankjorum

Bijna altijd is de verlichting die verhandeld wordt helemaal niet de realisatie van de waarheid, maar een bewustzijnstoestand die zo krankjorum fantastisch is, dat je wel een idioot moet zijn om die niet te willen. Zo bedrieglijk fantastisch eigenlijk, dat de schittering ervan talloze miljoenen zoekers heeft verblind voor het feit dat hij niet bestaat. (44)


Klaar

[Paul] kwam zonder een woord te zeggen naast me lopen en zo liepen we samen verder. Het duurde nog tien minuten voordat hij iets zei. ‘Ik ben klaar.’ … Zo gaat dat wanneer je het bereikt hebt: zonder trompetgeschal, er is geen stralend licht op de achtergrond en er klinken geen engelenkoren. Zoals Layman P’ang het zei: ‘Je bent alleen maar een doodgewone kerel die klaar is met zijn werk.’
‘Ik heb geen vragen meer’, zei Paul. Hij bedoelde niet alleen dat hij geen vragen meer had voor mij, hij bedoelde dat hij helemaal geen vragen meer had. Punt uit. Zo is dat wanneer je het eindpunt hebt bereikt: je bent klaar. (51)


Geen boodschap

Ik heb aan niets en niemand een boodschap. Ik ben niemand rekenschap verschuldigd. Mocht dat wat ik beschrijf niet kloppen met weet ik hoeveel andere verslagen, ook al genieten die verslagen en degenen die ze hebben vastgelegd nog zo’n grote reputatie, dan zijn die verslagen wat mij betreft niet meer dan sprookjes en legenden en kunnen ze verwezen worden naar de schroothoop van de geschiedenis. (54)


Het knappen van een twijgje

Voor iemand die ontwaakt is, heeft het einde van de wereld niet meer of niet minder impact dan het knappen van een twijgje. ‘De wijze ziet in alles hetzelfde,’ zegt de Gita. ‘De wijze is onbevooroordeeld,’ heet het in de Tao te Tsjing. (63)


Wat het niet is

Verlichting heeft te maken met waarheid. Het gaat er niet om een beter of gelukkiger mens te worden. Verlichting heeft niets te maken met persoonlijke groei of spirituele ontwikkeling. … Voor het ogenblik volstaat het te zeggen dat een van de meest essentiële taken op weg naar verlichting is: uit te vinden wat verlichting niet is. (64)


Krampachtig

Het is verbazingwekkend hoe krampachtig we vasthouden aan wat we geloven. Zoals de geschiedenis laat zien: de snelste manier om normale, keurige mensen terug te laten vallen tot het peil van barbaren is aan hun geloofsovertuigingen te morrelen. Iemand die dat doet heet een ketter, en historisch gezien worden ketters veel harder gestraft dan iedere andere overtreder van de wet. (70)


Slopershamer

Het punt is: Tegen de tijd dat de mensen bij mij komen, zijn hun overtuigingen inmiddels stevig verankerd. Niemand benadert mij met het verzoek moeizaam verkregen overtuigingen met de grond gelijk te maken. Ze komen allemaal hier naartoe om door te bouwen op wat ze al hebben en voort te gaan op de weg waar ze al op zitten. Toch is een slopershamer precies wat ze nodig hebben. Tenminste, als ze willen ontwaken. (70)


Santenkraam

De meesten die naar ons toe komen hebben zich al met hart en ziel overgeleverd aan de spirituele rozengeur- en maneschijn variant. Ze willen betere mensen worden, opener, liefdevoller, gelukkiger, dichter bij God zijn. … Ze hebben zich laten inpakken door die hele verlichtingssantenkraam, en dat is waar ze nu op uit zijn.


Er is geen ‘daar’ daar

Ik weet niet wat ze zich bij verlichting voorstellen, want ik hoef het onderwerp alleen maar aan te stippen of ze blijken geen idee te hebben. Als ik ernaar vraag, krijg ik gewoonlijk dezelfde vage antwoorden over hoger bewustzijn, tat tvam asi, vereniging, gelukzaligheid, éénwording, leeg zijn, enzovoorts. Ze verkopen me hetzelfde geklets als anderen aan hen verkocht hebben, zonder dat ze zich in die tussentijd ook maar enig begrip hebben eigengemaakt. Geen wonder omdat, met Gertrude Stein te spreken: er is geen ‘daar’ daar. (71)


Potsierlijk

Wat ze beschrijven is voornamelijk een potsierlijk mengsel van mythen over de hemel, Shangri La en Nirvana, bedacht door hindoe-boeddhistische New-Age aanhangers die het gelukt is hun joods-christelijke wortels achter zich te laten. … Verlichting heeft niets te maken met liefde of mededogen of bewustzijn. (72)


Zonder uitstraling

Ik kleed me niet als een goeroe en ik praat niet als een goeroe; ik heb geen bloemen bij me, vertoon geen wonderen, lach niet gelukzalig en straal, voor zover ik weet, niets bijzonders uit. (73)


Zwart gat

Ik kan het niet duidelijk genoeg zeggen: de enige, echte waarheid ligt bij ieder mens als een zwart gat diep in zijn binnenste verborgen en alles wat daarbuiten ligt, echt alles, is niet meer dan nonsens en overbodige rommel die dat gat bedekken. (75)


Wat in de weg staat

Vanzelfsprekend vormen die nonsens en overbodige rommel voor iemand die een gewoon menselijk bestaan leidt, zonder te worden afgeleid door de grote vragen des levens, juist datgene wat maakt dat hij is wie hij is. Maar voor iemand die de waarheid wil kennen, is juist wie hij zogenaamd is, dat wat hem in de weg staat. (76)


Alles

Het losbreken uit de begoocheling vraagt alles van je. De prijs voor de waarheid is alles. Alles. Dat is de wet, en die is onschendbaar. (78)


Sterf

Of misschien zou ik wel een geweldige zenmeester zijn, dat hangt er maar vanaf hoe je het bekijkt. Mijn embleem zou bestaan uit een tekening van het hoofd van de Boeddha, vastgespietst op een piek, druipend van het bloed, met zijn eruit bungelende hersens en al. En het motto onder het embleem zou zijn: ‘STERF!’ (79)


Autolyse

‘Schrijf alleen maar datgene op, waarvan jij weet dat het waar is of waarvan jij denkt dat het waar is, en ga door met schrijven totdat je iets hebt gevonden wat inderdaad waar is.’
‘Een cirkel heeft driehonderzestig graden,’ zegt Arthur.
‘Klopt,’ geef ik toe. ‘Begin met iets dat blijkbaar zo onomstotelijk vaststaat en ga dan onderzoeken waarop die verklaring gefundeerd is. Steeds verder en verder, totdat je op de kern bent gestoten, op iets hards, iets waars.’
‘Heeft een cirkel dan geen driehonderzestig graden?’
‘Die vraag veronderstelt al dat er een cirkel is.’
‘Bestaat er dan geen cirkel?’
‘Misschien. Ik weet het niet. Wat denk je?’
‘Nou, als ik een cirkel teken…’
‘Ik? Wanneer heb jij het bestaan bevestigd van een ik? Teken? Ben je al voorbij het gedeelte gehold waarin je hebt bevestigd dat jij een afgescheiden, fysiek wezen in een fysiek universum bent met het vermogen waar te nemen en te tekenen? (85)


Laag voor laag

Dit heeft niets te maken met persoonlijke bewustwording of zelfonderzoek. Het gaat niet om gevoelens of inzichten. Het gaat niet om persoonlijke of spirituele ontwikkeling. Dit heeft te maken met wat je zeker weet, met wat je zeker weet dat waar is, met wat jij bent dat waar is. Door dit proces scheur je laag voor laag af van de onwaarheid die zich voordoet als waarheid. (86)


Omdat je het niet meer verdraagt

Het is eigenlijk een pijnlijk en wreed proces, enigszins te vergelijken met zelfverminking. Er ontstaan wonden die nooit meer zullen genezen en er worden bruggen verbrand die nooit meer herbouwd kunnen worden. En de enige echte reden om dit te doen, is omdat je het niet langer meer kunt verdragen het niet te doen. (87)


Natuurlijk niet

‘Gebruik het proces van spirituele autolyse … totdat je de waarheid hebt vastgelegd.’
‘Wat ik nooit zal doen?’
‘Wat, de waarheid vastleggen? Nee, natuurlijk niet.’ (93)


De stuipen

Jed McKenna is als de kleding die een onzichtbare man heeft aangetrokken zodat hij met mensen kan omgaan zonder hen de stuipen op het lijf te jagen. (98)


Begeerte en mededogen

Ik heb me nooit echt een goede voorstelling kunnen maken van het boeddhisme. … Ten eerste ben ik er nooit achter gekomen waarom begeerte slecht zou zijn en mededogen goed. (111)


Afleren

Vanzelfsprekend denken ze als leerling dat het belangrijk is alles te begrijpen. Ze denken dat het absoluut noodzakelijk is dat hun informatie juist en volledig is. Ze denken dat het hier een school is waar je les één moet begrijpen voordat je met les twee verder kunt gaan. Maar dat geldt alleen maar voor leren. Wat wij hier doen is áfleren. (120)


Ballast

Lijden betekent alleen maar dat je een nare droom hebt. Geluk betekent dat je een mooie droom hebt. En verlichting betekent dat je volledig wakker wordt uit de droom. Woorden als lijden, geluk en medeleven zijn alleen maar ballast die je met je meesjouwt. Uiteindelijk zul je die moeten loslaten als je vooruitgang wilt boeken. (122)


In de oven

Vernietig alles. Verbrand het allemaal.
Steek zelfs je hart in brand.
Gooi je ziel in de oven. (145)


Daar gaat het om

Wat weten we nou zeker? Dat is de vraag waar het om gaat. Dat is de betekenis van dat cogito. Dat is wat bedoeld wordt met solipsisme. Het gaat hier niet om een theorie. Het heeft niets te maken met een of andere mening, of een geloof. Het vormt de basis van het bestaan. Precies uit te vissen wat we absoluut zeker weten in tegenstelling tot alles wat we niet weten, dáár gaat het om. (175)


Ongelofelijk

‘Het is werkelijk ongelofelijk dat iets wat zo overduidelijk en zo onweerlegbaar is, zo universeel door de wetenschap, filosofie en godsdienst wordt genegeerd.’
‘En dat is?’
‘Dat we niets weten – niets kunnen weten.’ (175)


Solipsisme

Met solipsisme wordt een geloof bedoeld dat zegt dat het enige wat je zeker kunt weten is dat je bestaat en dat het onmogelijk is om nog iets anders met zekerheid te weten. Maar zoals ik al eerder zei, dit is geen geloof. Het is gewoon een constatering dat het zo is. (176)


Dat weet je ook niet

‘Dus ik weet dat ik hier zit, maar…’
‘Nee. Je weet alleen maar dat je bent. Van de rest: het lichaam, onze planeet, ruimte, tijd, mensen en dergelijke, neem je aan dat het bestaat.’
‘Dan zit ik hier dus niet…’
‘Nee, dat weet je ook niet. Dit alles betekent niet dat wat er lijkt te zijn er niet is, alleen dat het niet te bewijzen is. Je zou kunnen zeggen dat het hoogst waarschijnlijk is dat je hier zit, maar ook dat is niet waar. Er is niets wat erop wijst dat jouw waarneming van de werkelijkheid ook maar enige basis heeft in de werkelijkheid.’ (176)


Geen-zelf

Als je verlicht aan het worden bent, realiseer je je dat het menselijk wezen waarmee je je hebt geïdentificeerd, niet méér is dan een personage in een toneelstuk en dat de wereld waarin je je waant alleen maar een podium is. Je gaat dus door een proces waarbij je personage tot de grond toe wordt afgebroken zodat je kunt zien wat er overblijft wanneer het helemaal verdwenen is. Het resultaat is niet een verlicht zelf of het ware zelf, het is géén-zelf. (178)


Alleen maar het uitgangspunt

‘Toch zie ik nog een heleboel tegenstrijdigheden. Ten eerste: we kunnen niets weten…’
Alles is met elkaar in tegenstrijd. …. Wat betreft het idee dat je niets kunt weten: dat is slechts het uitgangspunt voor je onderzoek.’ (179)


Juist handelen

Juist handelen heeft niets te maken met juist of verkeerd, goed of kwaad, stout of braaf. Het is vrij van iedere vorm van altruïsme of medelijden. Moraal, dat zijn wat regels en afspraken die je gebruikt om door het leven te laveren zolang je nog probeert je schip zelf te besturen, in plaats van dat je het met de stroom mee laat gaan.’ (185)


Niet te leren

Ik weet dat geen enkele spirituele leraar zijn leerlingen naar verlichting toe leidt, omdat dat helemaal niet kan, iemand naar verlichting toe leiden. Verlichting kun je namelijk niet leren. (189)


Op een lucifersdoosje

Vijf woorden: Vraag jezelf: ‘Wie ben ik?’ Vijf woorden, die alle verdere woorden – inclusief die van Ramana Maharshi – overbodig maken. Vijf woorden die niet uitgelegd, toegelicht of opgehelderd hoeven te worden. Vijf woorden waardoor je op jezelf leert vertrouwen en je eigen lot in handen gaat nemen. Maar een complete spirituele lering die op de bovenkant van een lucifersdoosje past is nu niet bepaald wat mensen willen. En op jezelf vertrouwen is ook niet iets wat mensen echt willen. (190)


Luister!

Hier heb je alles wat je moet weten om verlicht te worden:
Ga zitten, hou je koest, en vraag jezelf af wat waar is, net zolang totdat je dat weet. Dat is alles. Dat is de hele kunst – een complete verlichtingsleer, een complete handleiding. Als je ooit vragen of problemen hebt – wat voor vragen of problemen dan ook – het antwoord is altijd precies hetzelfde:
Ga zitten, hou je koest, en vraag jezelf af wat waar is, net zolang totdat je dat weet. (191)


Spring gewoon

Met andere woorden: spring van een rots af.
Ga niet bij de afgrond zitten om daar eens goed over na te denken. Lees geen boeken over mensen die van rotsen afspringen. Ga niet de kunst en wetenschap van het juiste springen bestuderen. Word niet lid van een zelfhulpgroep voor mensen die van een rots willen afspringen. Schrijf geen gedichten over van rotsen afspringen. Ga niet om de nek van iemand hangen die van een rots is afgesprongen. Spring gewoon! (191)


Geen van alle

‘Dus je bedoelt,’ zegt Randy, ‘je bedoelt dat alle godsdiensten en filosofische systemen… Zie je, dit is nu wat me echt boven mijn pet gaat… wat je eigenlijk zegt, is dat alle spirituele leringen die de mensheid heeft voortgebracht… dat die dus geen van alle…?’ (216)


Het minste

Waarheid heeft niets te maken met dingen leren – jullie weten allemaal al veel te veel. Waarheid is juist afleren. … Als je priester wilt worden of een lama, een rabbi of een theoloog, dan moet je een heleboel leren – bibliotheken vol. Maar als je wilt uitvissen wat waar is, dan is dat heel andere koek en in dat geval is kennis wel het minste wat je nodig hebt. (217)


Een kaars

Ieder geloof is een kaars waarmee de mens de hem omringende duisternis wil afweren. Een amulet waarmee we ons de eeuwigheid van het lijf willen houden, een middel om de zwarte wolk die boven ieder’s hoofd hangt te verjagen. (218)


Niets

Geen enkel geloof is waar. Geen. Enkel. Geloof. Is. Waar. … Ieder geloof. Ieder concept. Ieder bedenksel. Ja, die zijn allemaal onwaar – allemaal louter gelul. Vanzelfsprekend zijn ze dat. En niet alleen religies en spirituele leringen, maar álle filosofieën, álle ideeën, álle opvattingen. Als je echt niets liever wilt dan de waarheid vinden dan kun je niets daarvan blijven aanhangen. (222)


Geen priester

‘Ik ben geen priester,’ ga ik verder tegen de zwijgende groep. ‘Ik ben geen heilige of een goeroe. Ik verkondig niets. Ik sta niet in een of andere traditie en vertegenwoordig geen systeem. (224)


De pot op

‘De pot op met gelukzaligheid,’ zeg ik hun. ‘Gelukzaligheid is iets voor kinderen. Gelukzaligheid is iets voor toeristen, voor simpele zielen. Geloven jllie nu werkelijk dat verlichting zoiets is als een eeuwigdurend orgasme? … Permanent high zijn? De hemel op aarde? Geen problemen meer hebben, geen zorgen meer? Alleen maar nietsdoen en voortdurend happy zijn? (246)


Denk zelf na

Denk zélf na. Dat is de gulden regel. Denk zelf na. Maak dáár je persoonlijke mantra van. Laat hem op de binnenkant van je oogleden tatoeëren. (247)


Wie weet

Misschien strooi ik wat zaadjes, misschien verschaf ik mensen een routekaart waar ze pas in een later stadium iets aan hebben, of misschien klets ik maar wat in de ruimte. Wie weet? We weten helemaal niets. (252)


Doorns verwijderen

Concepten kunnen er ten hoogste voor dienen om elkaar te ontkrachten, zoals de ene doorn gebruikt wordt om de andere te verwijderen waarna hij weggegooid kan worden. (Ramesh S. Balsekar, p275)


Geen steek verder

Ik vind het interessant te constateren dat Chris’ inzichten in het wezen van begoocheling hem bij zijn streven naar vrijheid geen steek verder helpen. Ironisch genoeg wordt hij juist door zijn eigen opvattingen over vrijheid gevangen gehouden. Niet hij bezit die opvattingen, die opvattingen bezitten hem. … Hij brengt de Maharishi en Plato in stelling alsof dat bondgenoten van hem zijn, in plaats van zijn cipiers. (286)


Verder

Voor mij was ‘verder’ het allerbelangrijkste woord op mijn hele zoektocht. Zoiets als mijn mantra, maar wel een mantra met een heel specifieke en diepgaande betekenis. Er zijn heel wat keren geweest dat het woord ‘verder’ me ontzettend heeft geholpen. Bijvoorbeeld telkens wanneer ik dacht dat ik eindelijk vaste grond onder mijn voeten had gekregen of iets had gevonden waar ik me veilig aan kon vastklampen, dan drong steeds dat woord ‘verder’ in zijn volle betekenis tot mij door. (291)


Minder

Bij zelfrealisatie gaat het niet om méér, maar om minder. Het enige wat je voor verlichting nodig hebt, is iets of iemand die je helpt het afbraakproces te bevorderen. (317)


Eindeloze zee

We drijven allemaal in een eindeloze zee en de manier waarop we het hoofd boven water proberen te houden is door groepjes te vormen en in koor te beweren dat er helemaal niets aan de hand is. We versterken de illusie voor elkaar. (354)


Schildpadden

Een leerling gaat naar zijn meester toe en vraagt: ‘Meester, waar rust de wereld op?’ Waarop de leraar antwoord: ‘Op de rug van een enorme schildpad.’ … ‘En waar rust de schildpad op, o wijze meester?’ ‘Op nog een schildpad.’ … ‘En waar rust die schildpad dan weer op’, vraagt hij, waarop de leraar woedend antwoord: ‘Heb je het nou nog niet door? Er zijn alleen maar schildpadden, tot helemaal beneden aan toe.’ (355)


De grote desillusie

Dit bedoel ik dus: dit is de Eerste Stap. Die betekent niet dat je je bewust wordt van wat er is, maar van wat er niet is. Het is de Grote Desillusie. (361)


Je droomt

Je droomt dat je onverlicht bent.
Je droomt dat je verlicht bent. (370)


Uit een recensie van Spirituele verlichting? Vergeet het maar! van Jed McKenna:


Verlichting is niets weten

No nonsense-verhaal over een spirituele leefgemeenschap in Amerika, waarbij de spirituele leraar, schrijver van het boek, de mensen die zijn huis bezoeken confronteert met de kale waarheid van het leven en onder andere heilige huisjes van de new age beweging naar beneden haalt. Door middel van gesprekken tussen bezoekers en schrijver, die in een meeslepende verteltrant zijn beschreven, wordt men als lezer meegenomen naar de stellingname dat we in feite niets weten en niets kunnen weten en dat verlichting te bereiken is door deze waarheid ten diepste te doorvoelen.


Uit Spiritueel incorrecte verlichting (2007):


Incorrecte verlichting

Dit boek bevat twee protagonisten: Jed McKenna zelf en ene Julie waarvan een aantal e-mails is opgenomen die Jed’s weg, de autolyse illustreren. Voor de duidelijkheid heb ik de citaten gescheiden gehouden. Protagonist Jed McKenna:


Geen uitdaging meer

Ik heb geen enkele uitdaging meer, en ik kan er ook geen enkele bedenken. Ik kan dit boek schrijven en misschien tot op zekere hoogte betrokken blijven bij het onder de aandacht brengen van het thema ‘verlichting’, maar het blijft een feit dat ik niets te doen heb. Ik leef graag, maar dat neemt niet weg dat ik eigenlijk niets te doen heb terwijl ik leef. (20)


Tevredenheid wordt overschat

Ik beklaag me niet hoor, ik breng alleen maar iets over een toestand als de mijne ter sprake waar de meeste mensen waarschijnlijk niet bij stilstaan. Ik ben tevreden, en tevredenheid wordt overschat. Ik heb geen kader waarbinnen het ene beter is dan het andere, en dus is het niet zo belangrijk wat ik doe. Ik koester geen ambitie, ik hoef nergens naartoe en ik hoef niet iets te zijn of te worden. (21)


Verweekt

Vroeger was ik, voor zover ik me kan herinneren, ook intelligent, maar dat staat inmiddels zo ver van me af dat het lijkt alsof ik dit weet uit een boek over een vorig leven. Ook al ben ik misschien wel intelligent geweest, dit is allang voorbij. Mijn hersens zijn verweekt. Ik kijk niet verder meer dan mijn neus lang is. (26)


Redden van wat?

Ik wil niet de grote spirituele meester uithangen, … en wat ik al helemáál niet wil is iemand redden. Redden van wat trouwens. Van het leven? (29)


Verdwijnt niet

‘De werkelijkheid verdwijnt niet, ook al geloof je er niet langer in,’ zeg ik. (44)


Uit de weg

De vraag zelf belemmert elke vooruitgang, en niet het gebrek aan een antwoord. De vraag is de sleutel. Als we de vraag zelf werkelijk begrijpen, hebben we ook het gewenste antwoord. Het gewenste antwoord ligt in het uit de weg ruimen van de belemmering, weergegeven door de juiste vraag. (86)


Vergeet

Vergeet concepten en ideeën, vergeet het verleden en de toekomst, vergeet de mensheid en de maatschappij, vergeet God en de liefde, vergeet waarheid en spiritualiteit. (86)


Demonen

Wij scheppen en voeden onze eigen demonen. Om te ontwaken moeten we ze doden. Dat is waar het proces op neerkomt: brengt één demon om, zet één stap.
Herhaal. (87)


Gelukzalig?

‘Ik zit niet ergens op een bergtop, en jij niet op de bodem van de hel. Zie ik er soms gelukzalig uit?’
‘Gelukzalig?’
‘Ja, onnatuurlijk gelukkig.’
‘Net zoals alle andere mensen.’
‘Zie je wel. Als er al een verschil is tussen ons, dan is het dit: de reikwijdte van jouw leven is veel groter. Jij hebt nog een heel leven met pieken en dalen voor je liggen; het mijne bestaat enkel uit, eh, tevredenheid.’ (96)


Het verschil tussen ons

Hoe dan ook, het verschil tussen ons is niet dat ik iets heb wat jij niet hebt, maar dat jij iets gelooft wat ik niet geloof. (97)


Nooit het antwoord

Het antwoord is nooit het antwoord. Het is niet zo dat ik de antwoorden ken en Curtis niet. Het is veel meer zo dat ik – in tegenstelling tot hem – de vragen niet ken. (136)


Niets weten

Er bestaat geen waar zelf, en het onware zelf doet er niet toe. We kunnen niet vasthouden aan een waarheid die alleen zinvol is in het licht van wat we weten, omdat we namelijk helemaal niets weten. (186)


Dat gaat niet

In werkelijkheid luidt de vraag: ‘Als wat ik geloof correct is, hoe past wat hij gelooft daar dan in?’ Ik heb geen enkel geloof, en een vraag die gebaseerd is op dat van een ander kan ik niet beantwoorden. Je kunt net zo goed vragen: ‘Waar kan ik vrijheid inpassen in mijn gevangenis?’ Dat gaat niet. (187)


Vrije wil of voorbestemming

‘Wat is er: vrije wil of voorbestemming?’
‘Eh, echt, ik wil niet alweer moeilijk doen hoor, maar ook dit is geen zinnige vraag.’
‘Waarom zou dat geen zinnige vraag kunnen zijn?’
‘Omdat hij niet op zichzelf staat. Omdat hij steunt op allerlei veronderstellingen die niet van tevoren geverifieerd zijn. Hij gaat ervan uit dat bepaalde dingen, die niet zomaar voor waar aangenomen mogen worden, waar zijn. (194)


Goed noch kwaad

Er bestaat geen goed en kwaad, geen beter of slechter. De waarheid is niet per definitie goed, en begoocheling niet slecht. Niemand loopt voor of achter. (212)


Dat is juist het mooie

Ontspannen kijk ik naar de mensen en het verkeer, en ik voel me domweg gelukkig. Er is praktisch niets in steden wat me niet bevalt, maar het mooiste vind ik de textuur van alles: vuil geworden beton, geroest staal, koel graniet, afgebladderde verf, beroete bakstenen, kapot plastic, besmeurde ruiten. Ook putdeksels en rioolroosters zijn mooi om naar te kijken. … Wat betekent dit allemaal? Nou, niets natuurlijk. Dat is juist het mooie. (285)


Marmeren beeld

Telkens wanneer ik vertel waar ik wel en niet van hou, heb ik het gevoel dat ik bij alles een voorbehoud moet maken voor al degenen die denken dat verlicht zijn betekent dat je in een ongedifferentieerde toestand van pure, egoloze emotieloze stilstand leeft, net zo star als een marmeren beeld. Ik heb nu eenmaal mijn voorkeuren. Er zijn plaatsen en dingen waartoe ik mij aangetrokken voel, of die me juist afstoten. (286)


Even ophouden

Het punt is niet dat je probeert te voelen dat je een deel bent van alles, maar dat je heel even ophoudt met jezelf voortdurend en uit alle macht voor te houden dat je dat niet bent. (287)


Kortzichtig

Ik meng me niet in discussies waaronder het over en weer uitwisselen van kennis en ideeën wordt verstaan. Ik doe niet mee aan spirituele debatten of enthousiaste gesprekken. Ik hou er geen verschillende meningen op na; die kunnen me gestolen worden. … Ik ben ongelofelijk kortzichtig. Mijn toestand is een toestand van zijn en heeft niets te maken met kennis of geloof. (297)


Antropomorfisch

Zelf voel ik me aan niets en niemand superieur. Dat zou ook niet kunnen. Mij arrogant noemen is antropomorfisch. (297)


Driewerf nee

Ben ik vóór de waarheid? Nee. Haat ik begoocheling? Nee. Beschouw ik de droomstaat als slecht? Nee. Ik heb niets tegen al die leraren en leringen die ons zo doeltreffend onder narcose houden. (296)


Vrije wil

Als je de kwestie vrije wil versus determinisme wilt onderzoeken, dan moet je, zoals bij alles, beginnen met de vraag zelf nauwkeurig te analyseren. Vrije wil is absoluut onmogelijk; alleen al door het begrip te definiëren zie je meteen dat het nonsens is. De werkelijke vraag is dus: hebben we überhaupt een wil? Kunnen we ervoor kiezen om wel of niet invloed op iets uit te oefenen? Beschikken we over ook maar het kleinste beetje controle? Wel wil of geen wil, dat is de vraag. Het enige wat voor het laatste spreekt is dat er geen argument is voor het eerste. Uiteindelijk is er geen antwoord mogelijk, en als je de vraag nauwkeurig onderzoekt, verdwijnt hij vanzelf. Dat doen alle vragen. (305)


Vrijheid

… vrijheid betekent dat we ons realiseren dat niets ons toebehoort en dat ook niets ons kan toebehoren, met als gevolg dat er niets is wat ons niet toebehoort. (307)


Ik doe maar alsof

Ze denken dat ik hen kan helpen, en misschien kan ik dat ook wel, maar niet zoals zij denken. Ik ben geen therapeut of hulpverlener. Ik ben er niet in geïnteresseerd om anderen te helpen zich beter te voelen. Ik ben niemands vriend. Ik leef in een oneindige, meedogenloze leegte. Of juister gezegd, ik ben de oneindige, meedogenloze leegte. Dat is mijn werkelijkheid. Ik ben geen aardige kerel, ik doe maar alsof. (310)


Bioscoop

Ik zit in een bioscoop en kijk naar een film met als titel: De Mensheid. Ik kijk met dezelfde blik naar de lazaretten van de Amerikaanse Burgeroorlog, de concentratiekampen van de nazi’s en een ziekenzaal vol kinderen met brandwonden, als naar tuinen waar alles in bloei staat, een nachtelijke hemel vol sterren en lachende baby’s. … Als je deze uitspraken leest en tot de slotsom komt dat ik niet deug, dan beduvel je jezelf. (311)


Geen enkel geloof

Jij, lezer, bevind je precies in het middelpunt van het universum, jouw universum. Alles is van jou, het gaat alleen maar om jou, en je staat er helemaal alleen voor. Alles waardoor je denkt dat het anders is, is gebaseerd op geloof, en geen enkel geloof is waar. (312)


Opgeklopt waanidee

Sommige ego’s zijn meer volgestouwd dan andere, maar de gedachte dat er zich te midden van de rommel een waar zelf bevindt is het zoveelste opgeklopte waanidee dat ons in kleine doelgerichte kringetjes doet ronddraaien. Er bestaat helemaal geen waar zelf. (340)


Circuspony

Ik ben een circuspony die maar één nummer kent, en dat voer ik altijd op. Loos geklets ligt mij niet. Het enige wat mij interesseert is het wegbranden van lagen. (400)


Protagonist Julie:


Zwijnenstal

Waar is al die rommel vandaan gekomen? Wat een zwijnenstal! Ik heb altijd gedacht dat mijn geest van mij was, maar nu kom ik hier naar boven en tref ik niets anders aan dan een donkere, bedompte ruimte die tot aan de nok is volgestouwd met een onvoorstelbare hoeveelheid rotzooi en troep. (71)


Verzinsel

Ik kijk rond op deze zolder – die ik zelf ben! – en voel me alsof ik als baby ontvoerd ben geweest. Pas nu begin ik de ware aard van mijn gevangenschap te begrijpen; dat heel mijn identiteit een verzinsel is, dat heel mijn wereld een soort hallucinatie is. (72)


Donker, vaag en zwaar

Er staat hier een enorm, monstrueus meubelstuk of krat – ik kan zelfs niet zien hoe groot het is – het zou weleens het christendom kunnen zijn, of godsdienst in het algemeen, maar misschien ook niet. Niets hierboven is voorzien van etiketten, niets is duidelijk of gedetailleerd. … Er is ook een enorm gevaarte dat er uitziet als zwart marmer. Het zou een verzekeringsmaatschappij kunnen zijn, of een bank, of al die gigantische, opdringerige en inhalige financiële instellingen die als een onbeweeglijke massa angst, pure angst, in mijn geest en in mijn hart een plek hebben gevonden. Ik zie een grote kist, een soort doodskist met een vlag eroverheen. Dat is misschien mijn vaderlandsliefde, of mijn politieke bewustzijn of mijn nationale identiteit of zo. Alles is donker, vaag en zwaar. Er is niets waarvan ik kan zeggen wat het werkelijk is, maar misschien is er ook niets bij dat werkelijk iets is. (75)


Is er dan niets?

Ik probeer terug te blikken op al die enorme obstakels die ik ten koste van zoveel strijd heb overwonnen, maar ik zie ze niet meer. Ze zijn weg. Heb ik het me soms allemaal maar ingebeeld? Is er dan niets, behalve gedachten? En als dat zo is, wat zijn gedachten dan? Wat is de denker? Is de denker alleen maar de som van zijn gedachten, zonder een onderliggende werkelijkheid? Als de gedachten weg zijn, wat blijft er dan over? Ik weet het niet. (119)


Partij kiezen

Het maakt niet uit welke partij je kiest – in een kwestie of bij een discussie – zodra je eenmaal partij hebt gekozen, heb je al verloren; datgene waar je voor gekozen hebt, heeft jou in bezit. (120)


Vernietigen

Het gaat hier niet om het beantwoorden van vragen of het oplossen van problemen, maar om ze te vernietigen. (121)


Terra incognita

De Eerste Stap is de laatste stap, en ik besef dat ik nooit meer vaste grond onder mijn voeten zal hebben – dat wil zeggen, de illusie van vaste grond onder mijn voeten. Er is niet zoiets als terra firma, want er bestaat geen firma, alleen incognita. (121)


Ikzelf

Het ironische is dat ikzelf deze rotzooi ben, dus wie blijft er over als al deze troep weg is? (123)


Waarom godsamme?

Doe je ogen dicht en herhaal een mantra? Wat is dat voor een misselijke grap? Wees in het nu? Waarom godsamme? Wees niet negatief? Nemen ze ons in de maling? (276)


Als zeepbellen

Het gebeurt regelmatig, een of twee keer per dag, dat ik merk dat er iets wat ik ooit als een belangrijk stuk van mijzelf beschouwde, gewoon weg is en vergeten. Overtuigingen, voorkeuren, meningen, spatten zachtjes, als zeepbellen, uit elkaar en er blijft niets achter wat erop wijst dat ze ooit hebben bestaan. Het is niet zo dat ik dingen op een rijtje zet of in een nieuw licht zie. Nee, ik ben stukje voor stukje aan het verdwijnen. Het is ook niet schokkend of zo. Je zou kunnen denken dat elke keer als het gebeurt, het heel ingrijpend is, maar in feite is het een non-gebeurtenis. (278)


Meningen

Meningen! Jezus, waar had ik al die idiote meningen vandaan? Ik droeg ze zoals een klein meisje de make-up en nepjuwelen van haar moeder draagt. ‘Moet je mij zien! Ik heb een unieke mening! Kijk maar, mijn mening is fantastisch! Ik denk dit, ik denkt dat. Zie je wel hoe speciaal ik ben? Als je mijn mening bewondert, bewonder ik de jouwe.’


Eenvoudig

Het is zo eenvoudig allemaal. Je hebt er helemaal geen filosofie of godsdienst of oude mannen met witte baarden voor nodig. Het enige wat je nodig hebt is een dosis eerlijkheid. (359)


Wijze gek

Ik heb geen wijsheid, geen kennis, niets om mee voor de dag te komen. Heel die afschuwelijke hel heb ik doorgemaakt zonder dat het me ook maar iets heeft opgeleverd. Ik heb niets gekregen, er niets bij gewonnen. Hoe perfect! Op dat moment schoten me de woorden ‘wijze gek’ te binnen, en dat is de spijker op de kop. Wat een geweldige uitdrukking! (364)


Ik zou het niet weten

Ik denk dat ik voortaan alle gesprekken kan beperken tot een paar simpele opmerkingen: ‘Ik zou het niet weten.’ ‘Kan me niet schelen.’ ‘Daar heb ik geen mening over.’ ‘Uw woorden zeggen mij niets.’ ‘Het heeft geen zin om met me te praten.’ ‘Zie je dan niet dat ik hier niet werkelijk aanwezig ben?’ … Ik ben van alles af. Ik hoor nergens meer bij, en ik zal ook nooit meer ergens bij horen. (389)


Net voldoende

Wanneer ik naar de winkel ga of naar de stad, moet ik eerst weer – tamelijk onhandig – in de rol van Julie kruipen. Ik ben vriendelijk en opgewekt, maar niet overdreven. Ik heb het niet meer nodig dat mensen op mij reageren. Ik ben gereserveerder, minder extravert, minder open, minder warm en innemend. Net voldoende. Ik ben net aardig genoeg om te krijgen wat ik wil zodat ik snel weer weg kan. Meningen kunnen me gestolen worden. Mijn eigen meningen kunnen me niets meer schelen, noch die van anderen. (392)


Uit Spirituele oorlogsvoering (2009):


Spirituele bijsluiter

Door voorbij dit punt verder te lezen, erkent en accepteert de lezer dat de staat van spirituele verlichting zoals hier beschreven, de zoeker / het aspirant slachtoffer geen voordelen, gunsten, zegeningen of speciale krachten zal opleveren en weinig of geen gelijkenis vertoont met allerlei new age of oosterse varianten die onder dezelfde naam wijd en zijd aan de man worden gebracht. Het is niet erg waarschijnlijk dat een orgastische euforie, een extatische gelukzaligheid, obscene rijkdom, een perfecte gezondheid, eeuwige vrede, ten hemel kunnen stijgen, kosmisch bewustzijn, een schone aura, astrale projectie, reizen in verschillende dimensies, buitenzintuiglijke waarneming, toegang tot de akasha-kronieken, diepe wijsheid, verstandig gedrag, een stralende gelaatsuitdrukking, alwetendheid, almacht en het opengaan van het derde oog er het gevolg van zullen zijn. Men moet niet verwachten dat chakra’s op elkaar worden afgestemd, in balans worden gebracht, opgeladen, andersom gaan draaien of open gaan. Ook zal de koendalini-slang die opgerold in het onderste deel van de rug ligt, niet gewekt, opgepord, aangespoord, omhoog gebracht, of anderszins gemaltraiteerd worden. (7)


Wat weet je eigenlijk?

Ja, werkelijk. Wat weet je met absolute zekerheid? Zet al je meningen, geloofsovertuigingen en theorieën eens even opzij, en stel je deze ene simpele vraag: Wat weet je heel zeker? (45)


Geklets in de ruimte

Er bestaat niet zoiets als een objectieve werkelijkheid. … Er is niets waarvan aangetoond kan worden dat het ook echt bestaat. Tijd en ruimte, liefde en haat, goed en kwaad, oorzaak en gevolg zijn alleen maar ideeën. … De belangrijkste religieuze en filosofische gedachten en ideeën uit de menselijke geschiedenis bevatten niet meer waarheid dan het geblaat van een schaap. De belangrijkste boeken zijn niet gezaghebbender dan wat voor geklets in de ruimte ook. (48)


Breek er je hersens over

Er is niemand die iets weet.
Probeer zelf maar eens het tegendeel te bewijzen. Als je mijn uitspraken over de betekenis van het cogito wil weerleggen, hoef je alleen maar aan te tonen dat iets, wat dan ook, waar is. Echt, probeert het maar, breek er je hersens over, maar het zal je nooit lukken. (48)


Consensus

De werkelijkheid die we ervaren en die we gemeenschappelijk hebben is een werkelijkheid waarover een consensus bestaat. Ze verschilt in geen enkel opzicht van een droom. (51)


Zelfvernietiging

Het verlichtingsproces is een doelbewuste daad van zelfvernietiging. Het is het onware zelf dat de moord pleegt en het onware zelf dat sterft, het is in alle opzichten een zelfmoord dus, zij het niet lichamelijk. Omdat er geen waar zelf is dat de leegte moet opvullen die ontstaan is door het wegvallen van het onware zelf, blijft er ook geen zelf over. Vandaar dat er terecht wordt gezegd dat Geen-Zelf het Ware Zelf is. (53)


Walgen

Wat is het geweldigste wat je kunt beleven? Dat is het uur van de grote verachting. Het uur waarin je zelfs gaat walgen van je geluk, evenals van je gezonde verstand en je deugdzaamheid. (Nietzsche, 59)


Eenvoud

De weg naar verlichting is doodsimpel, ondanks onze niet aflatende behoefte er iets ingewikkelds van te maken. Telkens wanneer we in de war zijn, de weg kwijt zijn, ons emotioneel zwak of geestelijk gedeprimeerd voelen of wanneer ons hoofd op hol is gebracht door een of ander spiritueel verkooppraatje, filosofisch debat of de goeroe du jour, hoeven we alleen maar naar eenvoud terug te keren. Er valt niets te leren, niets te weten, niets te doen en niets te worden. (61)


We willen niet

We willen niet ontwaken uit de droom; we willen dromen dat we ontwaakt zijn. (62)


Allemaal even veilig

Spirituele doeleinden zoals de hemel, verlossing, mededogen, mindfulness, gewaarzijn, innerlijke rust, vrede op aarde, met iedereen het goede voor hebben, zijn allemaal even veilig en zonder gedonder of gedoe. Je hoeft er niet veel voor te doen, ze hebben nauwelijks effect, zijn lifestyle-vriendelijk en goedkoop. Geen van deze begrippen heeft ook maar enige betekenis, dus of je er nu wel of geen succes mee hebt maakt niet veel uit. (109)


Hier wordt niet gemediteerd

Ik sta hier niet om jullie goedkeuring te krijgen of om jullie gelul te verkopen waar ik mijn eigen, speciale draai aan heb gegeven. Hier wordt niet gemediteerd of gechant, hier wordt niet opgegaan in mantra’s en we proberen ook niet onze geest te reinigen of onze zielen te zuiveren of allemaal gelukkig te worden of onze eeuwige beloning te verdienen, en wat we al hélemáál niet doen is proberen de wereld te redden of onze medemensen te bevrijden. (120)


Hersenklysma

‘Stan, dit moet ik je nageven. Ik heb zowat elk new age kutcliché dat er bestaat weleens gehoord, maar ik heb ze nog nooit zo mooi bij elkaar geknoopt horen worden als jij hebt gedaan. Wat jij zou moeten doen is jezelf een lekker hersenklysma geven zodat al die veertig jaar ouwe rotzooi uit je kop wordt gespoeld. (121)


Geen referentiekader

Ik heb geen referentiekader, of ook maar de herinnering aan een referentiekader, waardoor ik geen conversatie kan voeren die verder gaat dan het meest simpele, alledaagse niveau. Ik weet zelfs de juiste woorden niet meer, of waarom het ene beter zou zijn dan het andere. (132)


Omdat het niet ja is

‘Mr. McKenna, mag ik u interviewen voor een werkstuk dat ik moet maken?’
‘Nee.’
‘Waarom niet?’
‘Dat weet ik niet.’
‘Maar waarom is uw antwoord dan nee?’
‘Omdat het niet ja is.’ (143)


Best wel ver

Je maakt heel veel mensen mee die spiritualiteit benaderen vanuit het idee dat ze een heleboel weten, alsof ze best wel ver zijn, maar ze realiseren zich niet dat zoiets als ‘best wel ver zijn’ helemaal niet bestaat. Of je bent die grens overgestoken, of niet. … Kennis, begrip, eruditie en ervaring betekenen allemaal niets.’ (210)


Wat nu?

Lisa weet niet meer wie ze nu moet zijn, omdat ze niet meer degene kan zijn die ze altijd is geweest. Ze is een actrice zonder rol. Ze weet niet hoe ze zich moet kleden, hoe te eten, hoe te handelen, wat ze moet zeggen of wat ze moet doen. Ze weet zelfs niet wat haar beweegt.
Goed voor haar. (211)


Ineenstorting

Ontwaken is iets heel anders dan rust ervaren of kalm en vredig van geest zijn. Andere mensen verlossen of de wereld of zelfs jezelf verlossen hebben er niets mee te maken. … Ontwaken kun je het beste vergelijken met een enorme geestelijke en emotionele ineenstorting, wat het in feite ook is: de moeder van alle ineenstortingen. (247)


Maya en spiritualiteit

Klopt het dan niet dat Maya grondig beslag heeft weten te leggen op het hart en geest van alle mensen die van haar af proberen te komen? Zijn die dan niet volledig geïndoctrineerd, tot slaaf gemaakt van een of ander geloof? Zitten ze dan niet op hun kont met hun ogen dicht en proberen ze soms niet hun geest tot rust te brengen en hun gedachten te stoppen? Prijzen ze dan niet vrede, kalmte en stilte als spirituele idealen aan? Beoefenen ze dan geen spiritualiteit vanuit het hart en gebaseerd op gevoel? Koesteren ze dan geen sterke overtuigingen en een diep gevoeld geloof dat hen nog steviger gevangen houdt dan kettingen? (248)


Je eigen weg

Spiritualiteit is een door de staat gesanctioneerde onderneming. Niets daarvan, noch het boeddhisme, soefisme, new age gedoe, hindoeïsme, de kabbala of wat dan ook vormt een bedreiging voor de status quo. … Iemand die het leven en zijn eigen relatie met het universum wil onderzoeken moet zijn hart verharden, zijn geest scherpen en zijn eigen weg gaan. (256)


Verpulveren

Met een serieus zelfonderzoek is een ongelofelijk pijnlijk en intens proces gemoeid dat, van begin tot eind, een jaar of twee duurt. … Het gaat er niet om dat je een vraag kunt beantwoorden of een openbaring krijgt of diep nadenkt over iets. Het komt neer op het verpulveren – steen voor steen – van een enorme berg van onwetendheid. (263)


Van het ene deel van de kudde naar het andere

Wat we allemaal doen door naar hier, naar deze bijeenkomsten te komen is in wezen oneerlijk. We zeggen tegen onszelf dat we hier naartoe komen omdat het deel uitmaakt van ons spirituele groeiproces, of omdat we nieuwe ideeën willen opdoen of positieve veranderingen in ons leven willen, maar is dat ook zo? In werkelijkheid willen mensen helemaal niet veranderen, en degenen die dat wel willen gaan niet naar bijeenkomsten, luisteren niet naar mensen die over verandering praten en lezen geen boeken of zo. Die gaan over tot actie. Die nemen de wapens op en zorgen dat er iets gebeurt. Die bewegen zich niet van het ene deel van de kudde naar het andere. (280)


Het zwarte gat in

Er is maar één ontsnapping mogelijk, en dat is een ontsnapping in je eentje, helemaal alleen, het zwarte gat in. … Je moet je begeven in de duisternis die je je hele leven lang hebt vermeden en ontkend. Je moet zover komen dat je nog liever deze duisternis betreedt dan doorgaan met haar te vermijden. Hier naartoe komen is de zoveelste poging om dit geloofwaardig te blijven weigeren. (282)


Zelf nadenken

Hoe standvastig we ook zijn in onze toewijding, of hoe vastberaden we ons doel willen bereiken, hoeveel kennis we vergaren of hoe wijs we ook worden, hoeveel ontberingen we ook doorstaan of wat voor offers we ook brengen, wat voor heilige teksten we aanhangen of welke goden we zoet proberen te houden, het is allemaal slechts een wanhopige poging om het enige achterwege te laten wat een verschil zou uitmaken, namelijk zelf onze verantwoording nemen en zelf nadenken. (284)


Mijn hand

We denken dat dingen van ons zijn die dat helemaal niet zijn, dat alles maar blijft voortbestaan, wat niet het geval is, en dat dingen waar zijn die dat helemaal niet zijn. We knakken met onze vingers en we denken: ‘Natuurlijk functioneert mijn hand. Het is mijn hand. Hij doet wat ik zeg.’ Maar zelfs in zo’n schijnbaar eenvoudige observatie ligt een wereld aan misinformatie verborgen. (288)


Tsunami

Een tsunami die hele dorpen wegvaagt is niet goed of slecht, hij heeft gelijk noch ongelijk, hij is er gewoon. (304)


Twee en twee

Twee en twee is vier is net zo waar als twee en twee is vijf. De grootste waarheid in het diepst van ons hart is niet meer waar dat het soort waarheid dat je een kind of een verkeersagent wijsmaakt. (308)


Onderscheidingstekens

Onderscheidingstekens, geweren, titels, functies, geld en rang bijvoorbeeld zijn dingen waar mensen macht en aanzien aan ontlenen waarop ze vanuit zichzelf geen aanspraak kunnen maken. Het is de uiterlijke basis voor een macht waarvoor geen innerlijke bron aanwezig is. In de spirituele wereld dienen titels, gewaden en speciale namen hetzelfde doel. (319)


Zwarte rook

Spiritualiteit hangt als een sluier over de wereld, als een vettige zwarte rook die de atmosfeer in wordt gepompt via schoorstenen die vanaf miljoenen kerken, universiteiten, kloosters en tempels, boekwinkels, tijdschriftenrekken en websites omhoog steken. (321)


Denken is een wapen

Ik geloof niet dat ik nog over iets nadenk. Ik kan zelfs niet bedenken waar ik over zou moeten nadenken. Soms probeer ik het wel, dan probeer ik iets voor de geest te halen waar ik eens over kan nadenken, maar binnen de kortste keren zakt het weg. Denken is voor mij een instrument, een wapen. De enige reden om het van tijd tot tijd op te diepen is als er iets uit de weg geruimd moet worden. Denken is een zwaard, maar ik heb niets meer waar ik het voor kan gebruiken. Ik zwaai er wat mee in het wilde weg en doorklief de lucht, maar het zijn slechts de lege herinneringen van een oude soldaat. Waar zou ik over moeten nadenken? Godsdienst? Politiek? Zaken? Kunst? (363)


Contradictio in terminis

Ik heb geen oprechte, op zichzelf staande belangstelling voor wat dan ook, behalve voor wandelen, het liefst met mijn hond. Zo is het als je volledig ontwaakt bent, of verlicht: als je de waarheid hebt gerealiseerd. En dat geldt voor iedereen. Een Boeddha van Mededogen bijvoorbeeld is een contradictio in terminis, een onverzoenlijke tegenstelling. Het klinkt leuk, maar het is volslagen absurd … (365)


Zen

Churchill zegt dat democratie de slechtste regeringsvorm is, op al die andere na. En zo zou ik willen zeggen dat zen het slechtste pad naar verlichting is, op al die andere na. Het ligt er niet alleen aan dat zen onherkenbaar verwesterd, verbasterd, verwaterd en vercommercialiseerd is. Ik heb veel over de eeuwenoude geschiedenis van zen gelezen en ontdekt dat zen al heel lang veilig en wel van zijn gevaarlijke kern is afgedwaald. Ik heb talloze hoog in aanzien staande zenmeesters uit oost en west bestudeerd, en één ding is heel duidelijk: een zenmeester is niet synoniem met iemand die ontwaakt is en de waarheid heeft gerealiseerd. (426)


Het klappen van één hand

Wie interesseert het klappen van één hand, of je gezicht voordat je geboren werd of andere idiote hersenkrakers? Wat is nou een grotere hersenkraker dan je eigen naderende dood? Wat zou er nou nog vernietigender voor het ego kunnen zijn dan het beschouwen van de zinloosheid en onbeduidendheid van alles? Van het niets? Van geen-zelf? (430)


Vuur

‘Als je alle zen-valkuilen wegneemt – de leringen, de ceremonies, de verschillende scholen, de houdingen en de koans, kortom alles wat je je bij zen voorstelt – en het allemaal in de open haard gooit, wat blijft er dan nog over? Wat is de ware kern van zen wanneer alle sluiers en uiterlijkheden zijn opgebrand?’
Ik laat een stilte vallen want ik wil dat ze hierover nadenken.
‘Het vuur,’ antwoord ik. ‘Het vuur blijft over. Het vuur is zen.’ (430)


Zinloos

Geen enkel geloof is waar, het leven heeft geen enkele betekenis, het maakt niet uit wat we doen. Het is alles ijdelheid en najagen van wind. Ooit zullen we sterven en dan zal het zijn alsof we nooit hebben geleefd. Alles wat we voor waar houden is onwaar, alles wat we geloven zijn waanideeën en alles wat we weten is een leugen. (472)


Memento mori

Kerkhoven zijn geweldige plekken om te wandelen en na te denken. Koop een graf en ga er elke dag lunchen. Bestel alvast je grafsteen. … Er zijn een heleboel manieren waarop je je doodsbesef sterker kunt maken. Bekijk foto’s van mensen zoals jij die nu dood zijn. Lees boeken over de dood en over zelfmoord. Zorg dat je altijd vergif bij je hebt en kijk er vaak naar. Loop langs diepe afgronden. Ga op de treinrails liggen en lees gedichten. Stop een geladen geweer in je mond en span de haan. Ikzelf zit graag ’s nachts op de rand van een hoog gebouw, uitkijkend over de stad en naar de straat beneden me, met mijn benen bungelend boven het niets. Ik ga graag wandelen wanneer het onweert en ik elk moment door de bliksem getroffen kan worden. (474)


Doodsbesef

Neem elk uur, elke dag de tijd om je doodsbesef te verdiepen, om je bewust te zijn van de tijd, van het feit dat de klok tikt, dat elke dag weer een dag minder is, dat elke ademhaling er weer een minder is. … Doodsbesef is de ware zazen, het is een universele spirituele oefening, de enige die je ooit nodig zult hebben en de enige die eigenlijk iedereen zou moeten doen. (475)


Nog diezelfde middag

We zeggen dat het uur van de dood niet voorspeld kan worden, maar dat komt omdat we altijd denken dat dit uur in een vage en verre toekomst ligt. Het komt nooit bij ons op dat het ook maar iets te maken kan hebben met de dag die al begonnen is of dat de dood nog diezelfde middag kan plaatsvinden, een middag die zo zeker is en waarin elk uur al van te voren is vol gepland. (Marcel Proust, 478)


Wat we niet weten

Als we de dood vrezen, vrienden, dan denken we slechts dat we wijs zijn zonder het te zijn, want we denken namelijk dat we iets weten wat we niet weten. Voor zover er iets over te zeggen valt, is de dood misschien wel het grootste goed dat de mens kan overkomen, maar we vrezen hem alsof we zeker weten dat hij de grootste van alle kwaden is. Wat blijkt hier anders uit dan een beschamende onwetendheid van het feit dat we denken te weten wat we niet weten? (Socrates, 478)


Universele spirituele training

Doodsbesef is een universele spirituele training. Wat we hebben gezocht in boeken en tijdschriften, bij leraren en leringen, in oude culturen en vreemde landen heeft al die tijd al met zijn hete adem in onze nek gezeten. (486)


De dood liegt nooit

De dood werkt altijd. De dood is je enige ware vriend, de enige vriend die je nooit in de steek zal laten en die niemand van je af kan pakken. Hij kijkt dwars door elke leugen heen, maakt elk geloof belachelijk, drijft de spot met elke vorm van ijdelheid en reduceert het ego tot een absurditeit. Hij is bij je, nu, op dit moment. Als je iets wilt weten, vraag het hem. De dood liegt nooit. (486)


Lol

Als je een beetje lol wilt hebben met je Spirituele Autolyse, begin dan met de vraag: Waarom zou ik mezelf nu, op dit moment, niet van kant maken? (493)


Denken is wetteloos

Er is niets op aarde waar mensen banger zijn dan voor het denken – meer dan voor het verval, zelfs meer dan voor de dood. Denken is subversief en revolutionair, vernietigend en verschrikkelijk; denken is genadeloos ten opzichte van voorrechten, gevestigde instituties en comfortabele gewoontes; denken is anarchistisch en wetteloos, het trekt zich niets aan van autoriteit en de beproefde wijsheid der eeuwen. Denken blikt in de put van de hel en is niet bang. Het ziet de mens, een onbeduidend stofje, omgeven door peilloos diepe stilten, maar gedraagt zichzelf fier en zo onaangedaan alsof het de Heer van het universum is. (495)


Leg een bom onder je leven

Denk zo grondig na als je maar kunt. Durf jezelf voor gek te zetten. Maak je los van alles wat naar respect en aanzien ruikt. Leg een eed af. Verklaar de oorlog. … De fik erin … Verbrand alles. … Dat is waar het bij ontwaken om gaat. Dat is wat er met echte zen wordt bedoeld. Leg een bom onder je leven. Wat vernietigd zal worden was toch al niet van jou. (499)


Drenkeling

Als een drenkeling mij vastgrijpt, dan ben ik zo vriendelijk om hem een klap in zijn gezicht te geven. (513)


Klaar

Ik werd als kind geboren, werd een volwassene en ben daarna verder gegaan, zo ver als maar kon, helemaal tot aan een vreemd en leeg oord dat ‘Klaar’ heet. (521)


Doelloos

Sorry als ik niet eerder heb vermeld dat verlichting doelloos is, dat was ik wel van plan geweest. Verlichting is doelloos. In het oneindige, eeuwige niets van ‘geen-zelf’ zijn geen doelen. (524)


Uit Notities (2010):


Wrakhout

Op zoek gaan naar een leraar doet het ego alleen maar om uitstel te krijgen; uitstel van executie. Jezelf overgeven aan een leraar, een lering of een Geliefde Goeroe of wat dan ook, betekent in slaap blijven, niet wakker worden. De eerste regel in deze onderneming luidt de je er helemaal alleen voor staat. Ego klampt zich vast aan een leraar zoals een drenkeling aan wrakhout. De leraar is geliefd zoals het wrakhout heilig is. Het wrakhout is de redder, het redt ons van de koude, zwarte diepten waarin we dreigen weg te zinken. (26)


Niet om het vinden

Wat verlichting werkelijk is, is zo ver verwijderd van wat veel zoekers zoeken, dat het niet meer dan menselijk is te proberen hen er vanaf te houden. De overgrote meerderheid van wie dit leest is hier het beste mee gediend. Maar een heel klein percentage valt onder wat ik ‘serieuze mensen’ noem, mensen die inderdaad in de buurt komen van een zoektocht naar verlichting. Wat de rest betreft, zoeken zonder te vinden is een ding op zich – een levensdoel op zichzelf – en dat is wat de meeste mensen in werkelijkheid doen. Voor hen vervult het zoeken een heel reële behoefte, en dat is waar het om gaat; om het zoeken, niet om het vinden. (27)


Belachelijk

Alles is belachelijk. Wat is niet belachelijk? De Eerste Edele Waarheid is niet ‘Het leven is lijden,’ maar ‘Het leven is belachelijk.’ De belachelijkste mensen zijn zij die het leven het meest serieus nemen, en niemand neemt het meer serieus dan iemand die wil ontwaken. (28)


Naar de zoeker zelf

Tja, ik heb geen bepaalde lering of traditie, en geen enkele goeroe heeft mij ooit een nieuwe naam gegeven omdat ik nooit een goeroe heb gehad. In elk geval zou ik nooit de indruk willen wekken dat de waarheid het eigendom of het exclusieve domein is van de een of andere vreemde of vroegere cultuur. Waarheid is van iedereen persoonlijk, altijd en overal.Als ik lange gewaden zou dragen of een hindoe naam of een Japanse titel zou hebben, dan zou dat alleen maar de mensen misleiden die mij de weg zouden vragen. Ik wijs niet naar het oosten of naar het westen, ik wijs meteen terug naar de zoeker zelf. (32)


Niet een droomstaat op een hoger niveau

[Pas] enkele jaren na mijn ontwaken realiseerde ik me dat mensen met spirituele verlichting de staat bedoelden die ik had bereikt / was geworden. Ze bedoelden er de absolute staat mee, niet een droomstaat op een hoger niveau zoals eenheidsbewustzijn bijvoorbeeld. Een ervaring van eenheidsbewustzijn voelt zeker aan als iets wat je spirituele verlichting zou willen noemen, maar het is niet blijvend, dus wat is het dan wel? Een zoete droom. Het mooiste wat we kunnen ervaren, dat geef ik toe, maar geen permanent ontwaken uit de begoocheling. (39)


Een non-issue

‘Is het zoeken naar verlichting voorbestemd, of is het een kwestie van vrije wil?’
‘Ten eerste: heel die discussie over lotsbestemming versus vrije wil is een non-issue, een doodlopende weg. Ze is gebaseerd op onjuiste veronderstellingen en onjuiste kennis. Door helder te zien, in plaats van te geloven, kun je al dit soort vragen overstijgen / vernietigen en de hele kwestie achter je laten. Het is de zoveelste poort waar je een tijdje niet doorheen kunt, maar op een gegeven moment wel – wanneer je hebt gezien dat ze in feite nooit heeft bestaan. Een antwoord is dus duidelijk niet mogelijk. De truc is dat je kunt zien dat ook de vraag niet mogelijk is. (41)


Alles verbranden

Niettemin, als U.G. Krishnamurti en anderen zeggen dat het zelf nooit geen-zelf kan bereiken, dan is dat honderd procent correct. Het einde van het ene is het begin van het andere. Niemand kan van twee walletjes eten, ook al willen al die egotrippers en profiteurs ons anders laten geloven.
Is dit een paradox? Ja. Kan het zodanig worden uitgelegd dat mensen het begrijpen? Nee. Kunnen ze er zelf achterheen en het rechtstreeks begrijpen? Ja. Hoe? Bijten, krabben en schoppen. En verbranden. Alles verbranden. (42)


Met onovertroffen meesterschap

Maya, de godin van de begoocheling, heeft zich, sinds het eerste vonkje zelfbewustzijn oplichtte in de hersenpan van een of andere aap, met onovertroffen meesterschap van haar taak gekweten, en het idee dat een beginnende waarheidszoeker zich alleen maar hoeft aan te sluiten bij de boeddhisten, een paar boeken leest, wat nieuwe concepten omarmt en haar zo knock-out slaat, is nogal aan de naïeve kant (zoals miljoenen oprechte, maar mislukte zoekers van de afgelopen vijfentwintig eeuwen morrend zouden kunnen toegeven). (54)


Waarom produceert het boeddhisme geen boeddha’s?

Aan de andere kant, waarom ook niet? Hoe komt het dat juist het tegenovergestelde is gebeurd? … Hoe kan iemand het klaarspelen om de waarheid niet te vinden? En dan is daar die eerbied waardige organisatie die wordt verondersteld zich juist daarmee bezig te houden, er zelfs naar is genoemd, en het is een volledige mislukking. Wat is dus het probleem? Het probleem is ontstaan omdat boeddhisten, net als iedereen, met alle geweld dingen die onverenigbaar zijn met elkaar willen verenigen. Ze willen niet alleen ontwaken tot wat waar is, ze willen ook zin ontdekken in wat niet waar is. Ze willen van twee walletjes eten, en dus hebben ze zichzelf opgescheept met absurde theorieën, uiteenlopende scholen, spitsvondige dubbelspraak en nul komma nul boeddha’s. (54)


Junkfood

Niets in het boeddhisme is onthullender dan de Vier Edele Waarheden waarvan – aangezien ze niet waar zijn – de edelheid nogal dubieus is. Ze vormen de basis van het boeddhisme, dus is het duidelijk dat de boeddhisten al vanaf het begin een eigen versie van de waarheid in elkaar hebben getimmerd die meer gericht is op de marktwerking, dan op enige bekommernis voor de minder klantvriendelijke, zij het ware, waarheid. Het boeddhisme mag je spiritueel dan wel te eten geven, zelfs voedzaam zijn, maar wat de waarheid betreft is het gewoon hetzelfde junkfood als altijd in een andere verpakking. Je kunt het elke dag van je leven eten en precies zo ontwaakt sterven als op de dag dat je aansloot. (56)


Valse lokkertjes

Het boeddhisme is het klassieke voorbeeld van een organisatie die werkt met valse lokkertjes. We worden aangetrokken door de verlichting die ze in de etalage hebben liggen, maar zodra we de winkel binnen zijn sturen ze ons naar de afdeling ‘mededogen’. (56)


Volslagen idiotie

Voor iemand die er van buitenaf tegenaan kijkt, lijkt veel van de boeddhistische theorie en praktijk gericht te zijn op spirituele zelfverbetering. Ook daar kun je moeilijk tegen zijn, behalve in de context van wakker worden uit de begoocheling. Dan is het gemakkelijk. Zoiets als ‘het ware zelf’ bestaat niet, dus elke activiteit die gericht is op het verruimen, verbeteren, verheffen, ontwikkelen, verheerlijken, redden enzovoorts van het zelf, is volslagen idiotie. En hoeveel te meer geldt dit niet voor elke poging die alleen maar het bevorderen van het eigen geluk, de eigen tevredenheid of – ik krijg het nauwelijks uit mijn strot – gelukzaligheid tot doel heeft? (57)


Stelt niets voor

De verlichte staat is niet, zoals algemeen wordt aangenomen, een buitengewone staat. Het is juist de onverlichte staat die magisch, mysterieus en onbegrijpelijk is. Ontwaakt is gewoon ontwaakt. Het betekent niet iets méér hebben, maar juist minder. De toestand waar ik in ben is natuurlijk en gemakkelijk. Ik sleep geen bagage met me mee. Ik ben niet het slachtoffer van begoocheling. Ik gebruik mijn levenskracht niet om een fictief personage te bezielen. Het is de onontwaakte staat die vol tegenstrijdigheden zit. Mensen die zijn ontwaakt hebben niet iets wat zij die niet zijn ontwaakt missen, het is juist andersom. Onontwaakte mensen bezitten gigantische structuren gebaseerd op onware overtuigingen. Hele werelden scheppen ze, gebaseerd op verleden, heden en toekomst, belangrijke werelden vol grootste betekenissen en van een enorme emotionele rijkdom en diepgang, en dat alles bij elkaar geweven uit absoluut niets. Iets wat voortkomt uit niets: dat is pas magie, dat is pas een buitengewone staat. En het is juist de onontwaakte staat die een dergelijke inzet en toewijding vereist en die zo fantastisch onaannemelijk lijkt. Daarbij vergeleken stelt verlichting niets voor. (64)


Mesjogge

Als je kijkt naar de hedendaagse spiritualiteit, dan zie je overal hetzelfde afgezaagde gezwam in steeds een ander jasje. Liefde, mededogen, niet-denken, hoger zelf, bewustzijnsniveaus, enzovoorts. Kwalijke troep die, zoals de resultaten uitgebreid aantonen, enige helderheid of vooruitgang onmogelijk maken. In de geschiedenis van de mensheid bestaat er geen grotere mislukking dan de spirituele zoektocht, de zoektocht naar waarheid, en toch gaat iedereen gewoon door zoals altijd, met gebruikmaking van dezelfde routekaarten en aanwijzingen, dezelfde gidsen en wegen. Het is mesjogge. (68)


Geen boodschap

Ik kan me nauwelijks nog herinneren hoe het is om iets te geloven. De meeste mensen die dit lezen zullen iemand die tv-dominees, gebedsgenezers en roddelblaadjes gelooft net zo zien als ik iedereen zie. Voor mij is alle geloof nonsens. Ik kan geen onderscheid meer maken tussen de verdiensten van het ene geloof of van het andere. Ze zijn allemaal hetzelfde, want ze zijn allemaal onwaar. Mensen die dit lezen vragen zich misschien af hoe anderen die hun pensioentje overmaken aan tv-predikanten zo lichtgelovig kunnen zijn, maar vanuit mijn perspectief is iedereen zo lichtgelovig. Ik zie geen enkele verschil tussen wiens geloof dan ook, dat kan ik gewoon niet meer. Er bestaat geen geloof dat beter is of slechter, of meer of minder waar. … Dat de Heilige Roomse Kerk beter, of meer waar is of meer gelijk zou hebben dan een zelfmoordsekte, is een idee waar ik absoluut geen boodschap aan heb. Ik ben niet meer in staat om dat soort verschillen te zien of te pretenderen dat ik ze zie. Ik weet dat de een meer aanhangers heeft dan de ander, maar dat zegt niets. (74)


Vluchtgedrag

Als mensen mij willen opsporen, mij vragen willen stellen of iets van me willen waarmee ze hun voordeel menen te kunnen doen, dan is dat puur vluchtgedrag. … Als iemand naar mij toe zou komen voor god weet wat, dan is het enige wat ik kan zeggen: ‘Maya heeft je gestuurd. Zij is het die je bij de hand heeft genomen, je deze kant heeft opgestuurd en door jouw mond praat. Er ligt nog een zware klus op je te wachten, en de enige reden waarom je hier naartoe bent gekomen is om daar onderuit te komen. (76)


Niet zo moeilijk

Iedereen wil er altijd maar weer over praten, maar er valt niets over te zeggen. Het is niet zo moeilijk om ergens naar toe te gaan, geld neer te tellen, wat comfort te missen, aan iemands voeten te gaan zitten en iets of iemand te gehoorzamen, aanbidden, verheerlijken of wat dan ook in de veronderstelling dat dit iets positiefs, de een of andere beweging voorwaarts zal opleveren. Dit is typisch het werk van het ego dat de aandacht wil afleiden van waar het in werkelijkheid om gaat. Het laat ons druk bezig blijven met holle gebaren en het verkeerde soort overgave, in de vaste overtuiging dat we moedig voorwaarts gaan naar het licht, terwijl we in werkelijkheid veilig weggekropen blijven zitten in de schaduw. … Spiritualiteit is dan het zoveelste middel om de dans te ontspringen, het meest doeltreffende middel dat er is. Daarom is de zoektocht naar waarheid de grootste mislukking in de geschiedenis van de mensheid. (76/78)


Een eenvoudige test

Hier is een eenvoudige test. Als het geruststellend is of troost biedt, als je je er warm en behaaglijk door voelt, als het je in fijne emotionele of mentale toestanden wil brengen, als het gaat over vrede, liefde, rust, stilte of gelukzaligheid; als het gaat over een stralende toekomst of een beter heden; als het je een goed gevoel geeft over jezelf of je zelfrespect doet stijgen; als ze zeggen dat je oké bent, dat alles gewoon goed is zoals het is; als ze beloven dat je er een beter mens van wordt, dat het je ten goede komt of dat het je verheft, of als er wordt beweerd dat iemand anders beter is dan jij of boven je staat; als het te maken heeft met geloof of overtuigingen of eerbied; als het je bewustzijn verhoogt of verandert, als het stress te lijf gaat of voor een diepe ontspanning zorgt; als het therapeutisch of helend is, of als het geluk of bevrijding van leed belooft; kortom, als het over een van deze of andere dingen van die orde gaat, dan heeft het niets te maken met ontwaken. Dan heeft het te maken met leven in de droomstaat, niet met daaruit losbreken. (78)


Zou kunnen

Aan de andere kant, als je het gevoel hebt dat je levend wordt gevild, dat je eindeloos wordt leeggezogen en dat je identiteit helemaal uit elkaar valt; als je vergaat van de pijn, je gezondheid naar de bliksem gaat en je leven aan het ontsporen is, als je de liefde in jezelf voelt wegsterven en als je denkt dat de dood beter is dan dit, dan zou het wel eens het ontwakingsproces kunnen zijn. (79)


Een beetje stom

Ontwaken is een beetje stom. Het heeft geen enkele zin. Het heeft niet alleen geen zin, het is de zinloosheid zelve. Wie doet er nou zoiets? Alleen iemand die het absoluut niet niet kan doen. (84)


Slaapdrankjes

Wij zijn allemaal patiënten in Maya’s gekkenhuis, en alle instructies om stil te zitten en de geest rustig te maken komen rechtstreeks van haar. Rust en stilte staan haaks op het ontwakingsproces, en mensen die vrede en mededogen bepleiten zijn alleen maar bezig hun favoriete slaapdrankjes door te verkopen. (88)


Geen regels

Ik weet nooit wat ik zal doen totdat het zover is omdat ik geen regels of richtlijnen heb die zeggen hoe ik me moet gedragen. … Ik heb geen regel die zegt dat ik een aardige kerel moet zijn. Ik heb helemaal geen regels. Regels zijn een manier om onszelf te definiëren, om denkbeeldige grenslijnen te trekken. Die grenslijnen zijn kunstmatig en kunnen gemakkelijk worden weggewist. Overtuigingen waar we het meeste aan vasthouden kunnen, als een laagje make-up, door een mystieke ervaring, een rampspoed of simpelweg een kleine verschuiving in onze hersenchemie worden weggevaagd. Moraal, ethiek, ik heb ze niet. Het toeval wil dat ik een aardige kerel ben. Mocht het toeval anders willen, dan zou ik een ander soort kerel zijn. (94)


Onder de trein duwen

Ik zou hartstochtelijk kunnen beweren dat ik nooit, onder geen enkele voorwaarde, iemand kwaad zou kunnen doen, maar er kan van alles gebeuren. Misschien zal ik om de een of andere reden vanmiddag een stel kinderen onder de trein moeten duwen. Ik betwijfel het en hoop van niet, maar toch. Ja, het is onvoorstelbaar, maar daarmee is het nog niet onmogelijk. Onvoorstelbare dingen gebeuren aan de lopende band. … Nee, ik denk niet werkelijk dat het universum mij vanmiddag kinderen onder een trein zal laten duwen. Zo kom ik er dan wel mooi van af, maar niet die kinderen. Het universum zal waarschijnlijk niet mijn handen ervoor gebruiken, maar toch zal het nog steeds die kinderen onder de trein duwen. (95)


Een grote rode knop

‘Jolene, stel je voor dat hier op de bar een grote rode knop zit, ja?’
‘Ja’, antwoordt ze, opgepept door een nieuw spelletje.
‘Als je op die knop drukt gaat iedereen in Zwitserland dood.’
Ze geeft me een gereserveerde glimlach en bijt op haar lip.
‘Oké’, zegt ze, op haar hoede.
‘Als je erop drukt, zal niemand dat ooit te weten komen. Je zult nooit de schuld krijgen of in verband worden gebracht met de dood van al die miljoenen aardige Zwitsers.’
‘Ja nou?’ zegt ze. ‘Dus…’
‘Dus waarom zou je er niet op drukken?;
Ze veert op en begint onmiddellijk te antwoorden. Dan betrekt haar gezicht. Ze bijt op haar onderlip en slikt haar antwoord in. Deze kwestie doet denken aan zo’n belachelijk moralistisch vraagstuk dat ze je in de brugklas voorleggen, of je een vriend zou aangeven die een winkeldiefstal heeft gepleegd bijvoorbeeld, behalve dat ik Jolene geen lesje in moraal wil geven, maar haar wil helpen daar overheen te groeien. …
Ik sla Jolene gade. Ik weet niet veel van mensen af, maar ik kan wel zien wat er in haar hoofd omgaat. Het eerste wat bij haar zal zijn opgekomen is dat mijn vraag te maken heeft met waarom ze hier naartoe is gekomen, ook al heeft ze me dat nog niet verteld en weet ze het zelf ook nog niet precies. Vervolgens kwamen de voor de hand liggende antwoorden aan de beurt – die Zwitsers hebben niets gedaan, het is gewoon hartstikke fout, ik zal branden in de hel enzovoorts – zonder voor een antwoord te kiezen. En daarna waren de minder voor de hand liggende antwoorden aan de beurt – het is karmisch niet verantwoord, Europa raakt gedestabiliseerd, niemand zorgt meer voor de Alpen – maar ook daar kwam ze niet uit, en nu neemt ze, als ik me niet vergis, de meest voor de hand liggende antwoorden opnieuw door. Ze is zichtbaar gefrustreerd dat ze niet in staat is een simpel antwoord te geven op een simpele vraag. …
‘Ik zou me vreselijk voelen,’ zegt Jolene uiteindelijk. Het klinkt meer als een vraag dan als een constatering. Ik geef haar een bestraffende blik, waarop ze een kreun geeft en weer van voren af aan begint. Wat ze ook zal antwoorden, elke keer krijgt ze van mij een bestraffende blik. Ik wil geen antwoord, ik wil dat ze erover nadenkt. Ik wil dat ze nietsontziend naar vanzelfsprekende antwoorden kijkt. Wat zou er nog vanzelfsprekender zijn dan niet op een knop drukken waardoor er miljoenen onschuldige mensenlevens worden gespaard?
En toch…
‘Waarom zou ik er wel op drukken?’ vraagt Jolene. ‘Misschien is die vraag beter. Ik hoef geen reden te hebben om niet op de knop te drukken, want ik heb geen enkele reden om er wel op te drukken. Ik kan die knop gewoon negeren, alsof hij niet bestaat. Of misschien is er helemaal geen reden om er niet op te drukken. Is dat wat je bedoelt? Ach wat. Ik druk gewoon op die knop, goed?’
‘Dat zijn uitvluchten’, antwoord ik. ‘Het zijn geen antwoorden op mijn vraag. De vraag is waarom je hem niet zou indrukken.’
‘Ik weet het niet’, zegt ze. ‘Waarom niet?’
‘Hoe moet ik dat weten?’
Ze slaat met haar vuist op de denkbeeldige knop en kijkt me met een schalkse glimlach aan alsof ze net iets verschrikkelijks heeft gedaan.
‘O, nou,’ zeg ik meesmuilend, ‘daar gaat het jodelen.’
‘Nooit iets om gegeven’, zegt ze met een brede grijnslach. (105 en verder)


Denk zelf na

De gulden regel van mededogen is: Behandel een ander zoals je zelf behandeld wilt worden. De gulden regel van ontwaken is: Denk zelf na. Er bestaat helemaal geen Boeddha van Mededogen. Als je mededogen voelt voordat je ontwaakt bent is dat een teken dat er in jou nog iets onwaars valt weg te hakken. Als je mededogen voelt nadat je bent ontwaakt, dan ben je niet ontwaakt. Als je blijft vasthouden aan een ontwaakte staat waarbij mededogen is inbegrepen, dan zou het boeddhisme wel eens heel geschikt voor jou kunnen zijn om je tijd mee te doden. (106)


Dood de leraar!

De reden waarom ik afgeef op het boeddhisme is om Maya beter te leren doorzien. Het boeddhisme is typisch Maya. We laten ons allemaal wijsmaken dat je, om te ontwaken, een tussenpersoon nodig hebt, een bemiddelaar, maar er is maar één bemiddelaar, en dat is Maya. Dood dus die bemiddelaar! Dood de leraar! Dood de Boeddha! Doe-het-zelf! Je hebt ogen in je hoofd, je hebt hersens, maak je eigen huiswerk, kijk zelf. Dit is niet een manier, het is de enige manier. Dit is ook waarom ik maatregelen heb genomen om te voorkomen dat mensen om mijn nek gaan hangen, mij tot hun persoonlijke redder benoemen of mij tussen zichzelf en de werkelijkheid in gaan schuiven. Dat is onze natuurlijke neiging in deze gevaarlijke wateren: naar iets grijpen, iets vast willen pakken, ons ergens aan vastklampen, iets plaatsen tussen onszelf en de dreiging van het eeuwige niets dat net onder de oppervlakte op de loer ligt. We willen de illusie handhaven dat we neit volslagen alleen zijn op een eindeloze zee, maar dat zijn we natuurlijk wél. (107)


Begin opnieuw

‘Weet je, de traditie leert…’
‘Aanpassing en stagnatie?’
‘Hè?’
‘Ik dacht dat je ging zeggen dat de traditie ons aanpassing en stagnatie leert.’
‘Ik bedoel de boeddhistische traditie. De boeddhistische traditie laat ons zien dat…’
‘Vergeet de traditie. Begin opnieuw, daar zul je veel meer plezier aan beleven. Begin je eigen traditie. Echt, ik moet er vandoor…’
Hij lacht even. ‘Je kunt niet zomaar tradities van eeuwen opzij…’
‘Natuurlijk kun je dat wel’, zeg ik. Die moet je juist opzij schuiven, anders eindig je precies waar iedereen altijd eindigt. Wat heeft dat voor zin?’ (117)


Kuddementaliteit

Traditie is niet meer dan een woord voor dingen waarvan je aanneemt dat ze waar zijn zonder dat zelf te verifiëren. Traditie is een pad dat diep uitgesleten is geraakt doordat het eeuwenlang is gevolgd door de kudde. Boeddha zei dit… Shankara zei dat… Wie kan het ook maar een reet schelen wat die hebben gezegd of wat wie dan ook heeft gezegd? Je weet niet of ze het inderdaad hebben gezegd, je weet niet wat ze ermee bedoeld hebben, je weet niet of het precies zo is overgeleverd, je weet zelfs niet of die mensen echt hebben bestaan, dus wat weet je dan wel? Je weet helemaal niets, en ook al weet je iets, dan nog weet je niets. Of je verifieert het zélf, of je faalt, zo simpel is het. Die kritiekloze acceptatie, typisch voor de kuddementaliteit, is de bodem waarin elk onwaar geloof wortel schiet. In plaats van op zichzelf te vertrouwen en een eigen koerst te varen kopen de meeste mensen gewoon wat er in de aanbieding is; denken hoeft niet. (117)


Ontgoocheling

Het proces van ontwaken bestaat uit een serie ontgoochelingen, en elke keer weer doet het pijn. (127)


Ergens bijhoren

‘Je wilt ergens naartoe kunnen. Je wilt een groep mensen vinden waar je altijd naartoe kunt. Je wilt ergens thuiskomen, ergens bijhoren. Je hoopt dat zoiets te vinden is.’
Ze bijt op haar onderlip en knikt.
‘Iets rond het boeddhisme, schat ik.’ …
Ze knikt zwijgend.
‘Zen?’
Ze knikt opnieuw. …
‘Je staat er helemaal alleen voor, meisje. Je bent al voorbij de grenzen van het boeddhisme. Je bent al voorbij de grenzen tot waar iemand met je mee kan gaan. Je weet dat je nooit meer ergens bij kunt horen, en toen kwam je in een soort vlaag van paniek naar mij toe, hopend op een ander antwoord. Je wilt je ergens bij aansluiten, misschien bij het boeddhisme, misschien bij de een of andere successchrijver of relaxte satsang leraar in spijkerbroek. Misschien bij mij. Misschien dacht je dat ik je wel zou opvangen, me over je zou ontfermen, je weer vaste grond onder de voeten zou geven, is het niet?’
Ze zit, het hoofd gebogen, onbeweeglijk op de bank.
‘… Je bent aan het bovendrijven uit het warme slijk waar de meeste mensen hun leven in doorbrengen. Die troep is het enige leven dat je hebt gekend, en dat laat je nu achter je. Heel beangstigend. Verknoei geen tijd met je daar rot onder te voelen. Je kunt niet anders. Niemand verdwijnt gracieus onder de golven.’ (130)


Het kleine loeder

Het lijkt alsof ik tegen Jolene aan het praten ben, maar in werkelijkheid praat ik door haar heen. Ik spreek dwars door het omhulsel heen met het kleine loeder binnenin. … Het kleine loeder zit daar verborgen, diep achter de ogen. Het springt op en neer, zwaait met zijn armen en probeert mijn aandacht te trekken. Het weet niet precies wat het van me wil, maar het denkt dat ik dat wel weet, en dat is ook zo. Het wil wat iedere revolutionair die een gewelddadige opstand aan het plannen is wil: wapens en inlichtingen. Middelen om de boel in de fik te steken en te vernietigen, en de kennis die doeltreffend te gebruiken. Wat hier in werkelijkheid gebeurt is dat rebellerende krachten contact met me hebben gezocht voor hulp die ik hun clandestien geef. Ik ben blij hen van dienst te zijn, want dat is wat ik doe: opstanden steunen. (135)


Niets is van jou

Als je het feit van je eigen dood begrijpt, dat hij altijd hier bij je is en dat het iets is wat zeker is, ben je vrij. Dat is bevrijding: dat je weet dat niets van jou is of van jou kan zijn, dat je weet dat je niets te verliezen hebt. Andere mensen drukken de dood weg, ontkennen hem, maar die luxe hebben wij niet. We moeten de dood dicht naar ons toe halen, hem omarmen, hem in ons hart en in ons hoofd bewaren. (138)


Een totale mislukking

Je moet leren om in negenennegentig procent van je leven een totale mislukking te zijn. Dat kun je accepteren omdat je geen mislukking bent in die één procent die ertoe doet. Alle sub-identiteiten moet je overboord gooien. … Wees een beroerd lid van de maatschappij! Beter nog, wees helemaal geen lid van de maatschappij! Dank die identiteit gewoon af. Hak hem weg. Wil je een goede dochter zijn? Een vriendin? Zus? Echtgenote, op een dag? Moeder? Vergeet het. Laat het allemaal los. Snij al die ankertouwen simpelweg door. Alle meningen die je over jezelf hebt kun je zien als de stutten van een onecht bouwwerk. Dat moet allemaal verdwijnen. (139)


Nonsens

Joods-christelijke nonsens, hindoe nonsens, boeddhistische nonsens, new age-nonsens: allemaal variaties van het agnosticisme die resulteren in precies hetzelfde: spirituele verblinding. Zo eenvoudig is het! De keizer draagt geen kleren. Iedereen doet alsof. (142)


Mijn taak

Je bent verwikkeld in een strijd op leven en dood en mijn taak is het je te helpen sterven. (142)


Een metgezel

Nu begin je in te zien dat het niet langer mogelijk is om ergens bij te horen. Je jaagt op luchtspiegelingen in de woestijn. Alles waar je je aan vast probeert te klampen verdwijnt. Je kunt niets meer vastgrijpen omdat er niets meer is waar je je aan kunt vastgrijpen. Misschien denk je dat je je aan mij kunt vastgrijpen, maar ook dat zal niet werken. Wil je een vriend? Een metgezel? Laat de dood je metgezel zijn. Dat is het enige wat je werkelijk hebt, het enige wat werkelijk van jou is, wat niemand je af kan pakken.’ (143)


Op elk moment

Je moet het stadium achter je laten waarin de dood iets lugubers en slechts is. Het gaat om bevrijding, niet aan het eind, maar tijdens het leven, wanneer het ertoe doet. Nu. Kijk eens omhoog. Kijk naar mij. Ik ben blij op elk moment te kunnen sterven. Het maakt mij niet uit. Nu, later, wanneer dan ook. Ik ben ontzettend blij met het feit van mijn eigen dood. Dat is wat mijn leven mogelijk heeft gemaakt. Daardoor wist ik wat mijn leven inhield en wat ik ermee doen moest. Als ik zou weten dat die helikopter vannacht naar beneden zou storten, zou ik aan boord stappen met een hart vol vreugde en dankbaarheid. (144)


Een oorlog

‘Je leven zal een oorlog worden,’ zeg ik zacht. ‘Dat is het al. De mensen verafschuwen oorlog omdat ze bang zijn voor de dood, maar de dood is je beste en betrouwbaarste vriend. Niet ik, de Tibetanen, de Japanners of een of andere populaire goeroe of mysticus in wording uit een koffieshop. (144)


Jij en de tafel

‘Nou, beschrijf eens de persoon die je bent. De actrice, niet het personage dat je speelt.’
‘Ik weet het niet,’ zegt ze. ‘Ik ben een meisje, ik ben dertien jaar, en Amerikaanse.’
‘Ga verder.’
‘Hoe dan?’
‘Je bent een menselijk wezen, toch? Je leeft, je hebt een bewustzijn en je bent onderworpen aan de wetten van de natuur. Je bestaat ergens binnen een bepaalde tijd en ruimte. Je leeft op een klein planeetje in een enorm melkwegstelsel in een oneindig universum. Dit zijn allemaal aspecten van wie je denkt dat je bent; dit is wat je allemaal gelooft. Net als alle dingen waarvan je denkt dat je ze niet bent; je bent niet deze tafel, maar je gelooft wel dat er een tafel is. Je bent niet de lucht hier, je bent niet mij, je bent niet ons zonnestelsel. Dat maakt ook deel uit van hoe je jezelf definieert: als dit en niet dat.’
‘Wil je nu zeggen dat ik wel deze tafel ben?’
‘Nee, ik zeg dat jij zegt dat je dat niet bent. Jij gelooft dat jij en de tafel twee verschillende dingen zijn.’
‘Is dat dan niet zo?’
‘Ik zou het niet weten. Jij wel?’ (158)


Ontmantelen

Alles wat je denkt te weten over jezelf, hoe echt of waar het ook mag lijken, is niet meer dan een laagje van een kostuum. Het ontmantelen van heel ons geloofssyteem begint hiermee. Geloof heeft niet alleen te maken met God en het hiernamaals, maar met alles waarvan we denken dat het waar is. Alles wat we weten, hoe zeker we daar ook van zijn, komt in feite neer op geloof, en door wat dan ook te geloven beperk je jezelf. Geloof dient alleen om dat ware oneindigheid terug te brengen tot onware eindigheid. (159)


Doen alsof

‘Uiteindelijk is alles wat je denkt te weten alleen maar geloof. Zo kun je je door de ene na de andere geloofslaag heen werken, de sluiers van de begoocheling een voor een wegtrekken. En zoals ik al zei, het enige wat daarbij komt kijken is observeren, zien wat is door te leren om niet meer te zien wat er niet is.’
‘Ik weet dat ik ben. Dat heb jij gezegd, hè? En dat is toch ook zo?’
‘Je bestaat, dat is alles wat je weet. Uiteindelijk valt er over de acteur niets te zeggen, behalve dat hij is. Noch God, noch Jezus of de Boeddha kan meer zeggen dan dit.’
‘Maar doet iedereen dan gewoon alsof?’
‘Dat is het hem nu juist. Al die lagen waarin je vastzit en dit jou definiëren berusten op doen alsof. Het enige wat je moet doen is daarmee stoppen. Dat doen we niet door een nieuw geloof te scheppen, maar door bestaande geloofsovertuigingen af te breken, door gehechtheden, overtuigingen en onware aspecten van het zelf helder te zien. Telkens wanneer het ons inderdaad lukt om helder te zien, laten we datgene waar we aan gehecht zijn los. Dat is hoe je gehechtheden ongedaan maakt: door er je licht op te laten schijnen, door er met je volle verstand naar te kijken. Dat overleven ze nooit.’ (161)


Zombie

‘Zoals je ziet ben ik nog steeds hier in de fysieke wereld, onderworpen aan fysieke wetten, maar dat geldt alleen voor dit lichaam en dit personage. Het staat helemaal los van de acteur. Het zou zelfs nog juister zijn te zeggen dat de acteur dood is.’
‘Dood?’
‘Als iemand dood is maar zijn lichaam loopt nog ergens rond, dan is hij een zombie. Als iemand dood is maar zijn lichaam en persoonlijkheid lopen nog steeds ergens rond, dan is hij verlicht. Ik weet dat dit onlogisch klinkt, maar dat geeft mij nog geen speelruimte in hoe ik het uitdruk. Voor mij en voor iedereen die ontwaakt is, klinkt het perfect logisch.’ (163)


Niets meer te verwachten

Het personage van Jed McKenna is al meer dan twintig jaar aan het desintegreren en inmiddels tot praktisch nul gereduceerd. Het is alsof ik honderd jaar ben. Dit is niet meer mijn wereld, alhoewel ik er wel nog in leef. En alhoewel ik wel nog leef, is het niet meer mijn leven. En net als bij een man van honderd heb ik niets meer te verwachten. Er is niets meer om op te hopen, niets meer om naar uit te kijken en niets wat de situatie zou kunnen verbeteren. Als ik de loterij zou winnen, kanker kon genezen of met een supermodel zou trouwen zou het er toch niet beter op worden. Gelukkig vind ik mijn situatie niet onaangenaam. Voor mij hoeft ze niet anders te zijn dan ze is. Het voelt natuurlijk, comfortabel en prettig. (168)


Een kale staat

Misschien zijn er andere mensen die andere boeken schrijven over dit aspect van verlichting, over de levende werkelijkheid van de toestand waarin je de waarheid hebt gerealiseerd; over hoe het is gedurende de eerste twee jaar, de eerste tien jaar, en hoe het na twintig jaar is. Misschien dat er inderdaad dergelijke boeken zijn, ik heb er al lang niet meer naar gekeken. Ik ken er een paar, maar dan moet je wel een grote hoeveelheid nonsens over God, liefde, schoonheid en vrede voor lief nemen. Verlichting is een kale, onversierde, ongedeelde staat en dient als zodanig tegemoet getreden te worden. Er valt niets voor te zeggen, behalve dat het geen leugen is. (168)


Spirituele gemakzucht

Mensen die het serieus menen met waar ze mee bezig zijn hebben mij of iemand anders niet nodig. Het enige wat ze nodig hebben is dat ze de volgende vraag vinden, de volgende stap zetten, de volgende vijand vinden en het volgende gevecht leveren. Mensen die het niet serieus menen zijn altijd weer op zoek naar manieren om ergens anders mee bezig te zijn, om afleiding te vinden, zodat ze niet werkelijk een stap moeten zetten, niet werkelijk een gevecht moeten leveren. Daar hebben ze mijn hulp niet voor nodig, die kunnen ze gemakkelijk overal elders krijgen. Het doel van de hedendaagse spiritualiteit in al haar vormen is het bevorderen van spirituele gemakzucht: de neiging van de zoeker om te blijven waar hij is. (169)


Vrijheid

Iemand die vrij is heeft niet het gevoel dat hij vrij is, net zomin als iemand die niet in brand staat het gevoel heeft dat hij niet in brand staat. Vrijheid is een begrip dat past bij mensen die zich opgesloten voelen. Aan vrijheid denk je als je zit te staren naar blinde muren en een deur die op slot zit. Als je eenmaal buiten staat verdwijnen begrippen als ‘gevangenschap’ en ‘vrijheid’ samen met het leven dat je achter je hebt gelaten. (189)


Maya’s Ministerie van Onderwerping en Obstructie

De meeste mensen gaan door het leven in de verwachting dat als ze niet te vaak tegen te veel regels zondigen, ze automatisch hogerop zullen komen, hetzij na één leven meteen aan de top of via een klimpartij bestaande uit vele kleine stapjes. Dit idee is afkomstig van Maya’s Ministerie van Onderwerping en Obstructie dat een leer van geloofwaardige ontkenning en toegepaste non-agressie voorstaat en waar het motto luidt: zachtjes aan, dan breekt het lijntje niet. (209)


Zelfreiniging

Al dit gezwerf over de verschroeide aarde was niet het einde, maar het begin. Ik moest nog beginnen aan het ontmantelen van mijn eigen, persoonlijke zelf, waar ik bijna twee jaar over deed, totdat ik belandde op een plek die Klaar heet. Het gezoek in de buitenwereld is slechts één kant van de medaille. De andere kant is het innerlijke stuk, het langzame, pijnlijke afschudden van het zelf, laag voor laag, stukje bij beetje: de spirituele zelfreiniging. (224)


Ontworden

Sommige lagen van het zelf vallen gewoon af, sommige kun je in lange repen of hele kwabben weghalen, sommige moeten heel nauwkeurig chirurgisch verwijderd worden. Alles wat ik in de afgelopen decennia was geworden moest ik nu ontworden. Alles wat is was, was geloof, dus moest ik alles wat ik geloofde niet meer geloven. Mijn nieuwe wereld was koud, helder en eerlijk, maar mijn hoofd zat nog vol overtuigingen, meningen, onware kennis en emotionele gehechtheden, gedurende een heel leven bij elkaar gebracht – heel die rotzooi en giftig afval waar het ego uit bestaat – en het moest allemaal weg. (224)


Het meest begoocheld

Dat is een heel proces, een proces dat tijd nodig heeft. De wereld mag dan wel in een flits vernietigd zijn, het zelf heeft wel een beetje meer tijd nodig om weggebrand te worden. Daar bestaan geen bommen voor. Er zijn geen fraaie Latijnse spreuken of mantra’s in het Sanskriet die het zelf snel en pijnloos kunnen vernietigen. Een realisatie, inzicht of openbaring waardoor het onware zelf in één klap wordt weggevaagd bestaat niet. Zij die beweren dat ze in een flits zij ontwaakt, zijn nog het meest begoocheld van iedereen. (225)


De wakende droomstaat

En toen was het tijd dat de berg weer een berg werd. De volgende tien jaar probeerde ik deze nieuwe wereld te begrijpen, geen-wereld waar toch nog geen-ik in leek te wonen. De wakende droomstaat. Alsof de harde compactheid van de wereld veranderd was in een glinsterend fata morgana. Ik zag nog steeds de wereld zoals ik die altijd had gekend, maar ik kon geen substantie meer vinden. Wat ik ook maar wilde aanraken, mijn hand ging er dwars doorheen. Waar ik ook maar aan dacht, het loste op in mijn hoofd. Naar wie ik ook keek, inclusief mezelf, ik zag door hem heen alsof hij van rook was. Als ik naar mijn eigen personage keek, dan leek het een gezicht dat je een seconde lang in een wolk kunt zien voordat het weer weg is. (225)


Geen leerlingen of leringen

Mijn werkelijkheid is nu de ontwaakte, onwaarheid-ongedaan gemaakte staat, en die is voor mij hetzelfde als voor iedereen die hem heeft gerealiseerd. Hier zijn geen meesters of leerlingen. Geen leringen of geloofssystemen, geen hindoes, boeddhisten, jnani’s of advaitins, geen yogi’s of swami’s. Geen lichaamloze entiteiten, hogere energieniveaus of hogere wezens. Ontwaakt is ontwaakt. Heel de rest valt daarbuiten. (226)


Een langzame, moeizame tocht

Het zal nu duidelijk zijn dat er geen gevallen van instant verlichting bestaan en dat ontwaken niet het resultaat is van één openbaring, maar van een lange moeizame tocht waarin elke stap een langzame, moeizame tocht is. Het zal nu ook voor de hand liggen dat alle dogma’s, geloofsovertuigingen, leringen en filosofieën enkel en alleen verschijnselen zijn in de droomstaat, zonder een onafhankelijk bestaan in de waarheid. (227)