Verdwijnpunten

Kom uit je kokervisie! Standpunten, vluchtlijnen en raakvlakken in de eindeloze ruimte van niet-weten. Voor uitloopmensen.

Tekst Hans van Dam, tekeningen Lucienne van Dam.

Deze pagina is als serie gepubliceerd in het Boeddhistisch Dagblad.

Dwaalgids > Weetnietkunde > Verdwijnpunten

Tip: De mind


De reiger

Een leerling maakt een ommetje met de meester.
In de sloot staat een reiger visjes te vangen.
Leerling: Hup reiger!
Er schiet een zilveren ruggetje voorbij.
Leerling: Visje, pas op!
Meester: Zeg, voor wie ben je nou eigenlijk?
Leerling: Ik… eh… dat is te zeggen… tjee.
Meester: Gevangen.


De ooievaar

Twee meesters maken een ommetje.
In de sloot staat een ooievaar kikkers te vangen.
Zegt de ene meester: Hup ooievaar.
Zegt de andere: Hup kikkers.
Zegt de ene: Ja, hup kikkers.
Zegt de andere: Ja, hup ooievaar.
Hoofdschuddend lopen ze verder.


De schaatsenrijder en de bromvlieg

Twee kinderen maken een ommetje.
In een sloot verschalkt een vis een schaatsenrijder.
Kind: Zag je dat!
In de eetkamer botst een bromvlieg herhaaldelijk tegen het raam.
Kind: Zie je dat!

Twee leerlingen maken een ommetje.
In een sloot verschalkt een vis een schaatsenrijder.
Zegt de een: Een schaatsenrijder ziet wel de oppervlakte maar niet de diepte.
Zegt de ander: Je moet altijd verder kijken dan je neus lang is.
In de eetzaal botst een bromvlieg herhaaldelijk tegen het raam.
Zegt de een: Een vlieg ziet wel de diepte maar niet de oppervlakte.
Zegt de ander: Je moet nooit verder kijken dan je neus lang is.

Een meester en een leerling maken een ommetje.
In een sloot verschalkt een vis een schaatsenrijder.
De leerling zegt: Een schaatsenrijder ziet wel de oppervlakte maar niet de diepte.
De meester zegt niets.
In de eetzaal botst een bromvlieg herhaaldelijk tegen het raam.
De leerling zegt: Een vlieg ziet wel de diepte maar niet de oppervlakte.
De meester zwijgt.

Twee meesters maken een ommetje.
In een sloot verschalkt een vis een schaatsenrijder.
De ene meester zegt niets.
De andere meester zwijgt.
In de eetzaal botst een bromvlieg herhaaldelijk tegen het raam.
De ene meester zegt niets.
De andere meester zwijgt.

Twee bejaarden kijken televisie.
In een sloot verschalkt een vis een schaatsenrijder.
Bejaarde: Zag je dat!
In de eetzaal botst een bromvlieg herhaaldelijk tegen het raam.
Bejaarde: Zie je dat!


Lichtvoetig

De eerste leerling roept: De vlag beweegt!
De tweede roept: De wind beweegt!
De derde roept: De geest beweegt!
De vierde roept: De tong beweegt!
De meester zegt: Niet te lang bij stilstaan, jongens.

(Geïnspireerd op koan 29 van de Poortloze Poort, Niet de wind, niet de vlag: Twee monniken debatteerden over een vlag. De een zei: De vlag beweegt. De ander zei: De wind beweegt. De zesde patriarch kwam er toevallig langs. Hij vertelde ze: Niet de wind, niet de vlag; de geest beweegt.)


Verwarring is het meest nabij

Reactie op de kop ‘De wereld in verwarring’ in het Boeddhistisch Dagblad

Roept de eerste leerling: De wereld is in verwarring!
Roept de tweede: Welke wereld? Je geest is in verwarring!
Roept de derde: Welke geest? Je gedachten zijn in verwarring!
Roept de vierde: Welke je? Gedachten zijn verwarring!
Roept de vijfde: Welke gedachten? Waar zijn ze nu?
Zegt de meester: Nou weet ik het helemaal niet meer.


Hardleers

Meester: Ik ken een goeie. Zegt Hildegard van Bingen: ‘Alweer zo’n prachtig visioen van het Levende Licht!’ Zegt de migrainelijder: ‘Alweer zo’n ellendig scotoom!’
De meester begint bulderend te lachen.
De leerlingen kijken hem verbaasd aan.
Meester: Sorry.
Leerling: Wie is Hildegard van Bingen?
Meester: Een middeleeuwse mystica.
Leerling: Wat is een scotoom?
Meester: De zinderende lichtvlek die een migraineaanval inluidt.
Leerling: Maar wat is nou de clou?
Meester: Zeggen jullie het maar.
Leerling: Dat Hildegard van Bingen een scotoom aanzag voor een visioen.
Leerling: Dat de migrainelijder een visioen aanzag voor een scotoom.
Leerling: Dat een scotoom best mystiek kan zijn.
Leerling: Dat je ziet wat je wilt zien.
Leerling: Dat je ziet wat je kunt zien.
Leerling: Dat je ziet wat je moet zien.
Leerling: Dat de waarheid verschillende kanten heeft.
Leerling: Dat er verschillende waarheden zijn.
Leerling: Dat waarheid niet bestaat.
Meester: Hier krijg ik nou hoofdpijn van.
Leerling: Maar wat is nou de clou?
Meester: Zeg jij het maar.
Leerling: Ik bedoel, wat kan ik hiervan leren?
Meester: Denk je nou nog steeds dat je hier iets komt leren?


Het bewijs

Een gebedsgenezer legt zijn hand op het voorhoofd van een vrouw, die ineens weer kan zien.
Hij roept: Een wonder, prijs de Heer!
Dezelfde gebedsgenezer legt zijn hand op het voorhoofd van een andere vrouw, die op slag blind wordt.
Hij roept: Een beroerte, haal een arts!

Een gebedsgenezer legt zijn hand op het voorhoofd van een vrouw, die prompt door haar knieën zakt.
Hij roept: Een wonder, haal een rolstoel!
Dezelfde gebedsgenezer legt zijn hand op het voorhoofd van een andere vrouw, die ineens weer kan lopen.
Hij roept: Een simulant, haal een psychiater!
De vrouw protesteert: Dit hadden we toch afgesproken!
De man roept: Hoort u dat? Ze geeft het nog toe ook!


Openbaring

Een meester trad op als medium voor Gautama Boeddha om een aantal kernwijsheden op tegeltjes over te brengen. Dat lukte heel goed, de Gezegende hield niets achter. Het ging pas mis na afloop van de seance toen één van de monniken alle tegeltjes kapot smeet. Groot was de verontwaardiging: wandspreuken van de Verhevene vernielen! De kok die op het tumult afkwam zag het aan en zei: ‘Niks aan de hand, de Boeddha is helemaal in zijn nopjes. Hoe vaak heeft hij ons al niet aangespoord voorbij alle wijsheid te gaan?’


Oefening is de weg

oefening is de weg
‘Ik ben al bijna helemaal in het moment; ik laat me alleen nog leiden door de waan van de dag.’

Bliss

 


Verglijdend inzicht

‘Ik ben helemaal in het moment, ik laat me alleen nog leiden door de waan van de dag.’
‘Ik ben helemaal in het moment, ik laat me alleen nog leiden door de waan van het nu.’

‘Ik ben helemaal in het moment, ik laat me alleen nog leiden door het nu.’
‘Ik ben helemaal in het moment, ik laat me nergens meer door leiden.’

‘Ik ben helemaal in het moment, ik laat me nergens meer door leiden.’
‘Waarom niet?’
‘Ik wil nergens meer door lijden.’
‘Laat je lijden, laat het nu.’

‘Ik ben helemaal in het moment, ik laat me nergens meer door leiden.’
‘God, wat nu.’

‘God, wat nu.’
‘Ik laat me maar leiden door de waan van de dag.’


verglijdend inzicht: bevrijdend inzicht dat tijdelijk blijkt


Echt

Zegt de eerste passagier: Deze trein kwam drie kwartier te laat, dat geloof je toch niet.
Zegt de tweede: Deze trein kwam precies op tijd, ik kon zo instappen.
Zegt de derde: Deze trein kwam net te vroeg, ik had graag nog even een kopje koffie gehaald.
Zegt de eerste: Hij kwam toch echt te laat.
Zegt de tweede: Hij kwam toch echt op tijd.
Zegt de derde: Hij kwam toch echt te vroeg.


Joost

Zegt de eerste lezer: De dood kwam veel te laat, wat heeft die man geleden.
Zegt de tweede: De dood kwam precies op tijd, hij heeft genoeg geleden en geschreven.
Zegt de derde: De dood kwam veel te vroeg, hij had nog zoveel kunnen schrijven.
Zegt de eerste: Hij kwam toch echt te laat.
Zegt de tweede: Hij kwam toch echt op tijd.
Zegt de derde: Hij kwam toch echt te vroeg.
Zegt Joost Zwagerman:


Afzetter

Patiënt: Toen mijn been er nog aan zat deed het verschrikkelijk zeer, toen het er net af was deed het verschrikkelijk zeer, en nu we een jaar verder zijn doet het nog steeds verschrikkelijk zeer.
Dokter: Eerst had je botpijn, toen wondpijn en nu fantoompijn.
Patiënt: Wat maakt mij dat nou uit.
Dokter: Jou misschien niets, maar voor de behandeling maakt het wel degelijk verschil.
Patiënt: Voor de behandeling misschien wel, maar voor de pijn niet.
Dokter: Hoor eens, ik ben god niet.
Patiënt: Hadden we het nou maar meteen fantoompijn genoemd.
Dokter: Hoezo?
Patiënt: Dan had ik nu mijn been nog gehad.


Buitenspel

Plaats: Japie Patat
Tijd: Na de wedstrijd

Zegt de ene boeddhist: Het maakt mij geen fluit uit wat mensen aanhangen. Ze zijn me allemaal even lief. In de privésfeer praat ik daarom niet meer over boeddhisme. Het lijkt wel of ik sindsdien ruimer in mijn jasje steek. Ik voel me werkelijk een ander mens.
Zegt de andere: Waar praat je dan wel over?
Zegt de ene: Over voetbal.
Roept een hooligan: Het maakt mij geen fluit uit wat mensen aanhangen. Ze zijn me allemaal even lief. In de privésfeer praat ik daarom niet meer over voetbal. Het lijkt wel of ik sindsdien ruimer in mijn jasje steek. Ik voel me werkelijk een ander mens.
Roept een andere: Waar praat je dan wel over?
Roept de ene: Over boeddhisme.


Mirakelspel

De meester heft zijn handen ten hemel en roept: Een wonder!
Leerling: Dat deed u gisteren ook al.
Meester: Kan best wezen, maar het blijft een wonder.
Leerling: Dat is ook maar een gedachte.
Meester: Dat het maar een gedachte is ook.
Leerling: En wat is een gedachte nou helemaal.
Meester: Een wonder!
Leerling: Hè?
Meester: Niet dan?
Leerling: Ik denk het… niet.
Meester: Dat is ook maar een gedachte.
Leerling: Ik bedoel, ik denk het ook.
Meester: Dat is ook maar een gedachte.
Leerling: Dat het maar een gedachte is ook.
Meester: Dat kan ik niet tegenspreken.
Leerling: Bedoelt u dat we nooit voorbij de horizon van onze gedachten kunnen kijken?
Meester: Dat is ook maar een gedachte.
De leerling heft zijn handen ten hemel.
De meester roept: Een wonder!


De onbemiddelde werkelijkheid

Meester: Ik heb al tien leerlingen verlost!
Leerling: Ik heb al honderd meesters versleten!

Bergbeklimmer: Ik heb al tien bergen bedwongen!
Berg: Ik heb al tienduizend klimmers bedwongen!

Baasje: Ik heb mijn hond leren apporteren!
Hond: Ik heb mijn baasje leren gooien!

Baby: Er komt geen eind aan die box!
Ouder: Het huis wordt te klein!

Wandelaar: Die uitlaatgassen!
Drenkeling: Lucht!


Rijtjesgeest

‘Geloof jij in toeval?
‘Alles is toeval. Niet alles is toeval. Niets is toeval.’
‘Hoe bedoel je?’
‘Er is geen enkele samenhang tussen de dingen. Er is weinig samenhang tussen de dingen. Er is zeker samenhang tussen de dingen. De meeste dingen hangen samen. Alles hangt samen. Alles is één, dus wat zou er samen moeten hangen?’
‘Maar wat is jouw standpunt?’
‘Ik heb geen standpunt. Ik heb één vast standpunt. Ik heb nu eens dit standpunt, dan weer dat. Ik heb meerdere standpunten tegelijk. Ik huldig alle standpunten. Geen enkel standpunt is mij vreemd, geen enkel standpunt is mij eigen.’
‘Wat heb je nou aan die stomme rijtjes.’
‘Alles heeft een doel. Niet alles heeft een doel. Niets heeft een doel.’


Bodhidharma in het westen

Schreeuwt de eerste leerling: Alles leeg en niets heilig!
Schreeuwt de tweede: Alles heilig en niets leeg!
Schreeuwt de derde: Leegte is heiligheid!
Schreeuwt de vierde: Leegte noch heiligheid!
Zegt de meester: Ja, dat komt er nou van.


‘Alles leeg en niets heilig’ is naar verluid het antwoord dat Bodhidharma in het jaar 520 aan keizer Wu Ti gaf toen deze hem naar de kern van het boeddhisme vroeg. Bodhidharma was een Indiër die volgens de overlevering het boeddhisme in China introduceerde, dat ten oosten van India ligt. ‘Waarom kwam Bodhidharma uit het westen’ werd een gevleugeld woord in de ch’anliteratuur. Europa en Amerika liggen op hun beurt ten westen van China en India. En ten oosten natuurlijk, wie had dat ooit gedacht. En het debat over leegte en heiligheid is nog steeds niet uitgeraasd.
Wie had dat ooit gedacht.


Iedereen weet

De mindlessness van mouthfulness

‘Boeddhisme ligt ten grondslag aan mindfulness!’
‘Mindfulness ligt ten grondslag aan boeddhisme!’
‘Mindfulness heeft niets te maken met boeddhisme!’
‘Mindfulness is boeddhisme!’
‘Mindfulness is religie!’
‘Mindfulness staat los van religie!’
‘Religie ligt ten grondslag aan mindfulness!’
‘Mindfulness ligt ten grondslag aan religie!’
‘Mindfulness is open aandacht!’
‘Mindfulness is theorie!’
‘Mindfulness voor al uw falen!’
‘Mindfulness is poëzie!’
‘Mindfulness is maar een middel!’
‘Mindfulness is therapie!’
‘Mindfulness is easy money!’
‘Mindfulness for you and me!’
‘Wil dan niemand accorderen?’
‘Let’s agree to disagree!’
‘I disagree!’
‘I disagree!’
‘I disagree!’
‘I disagree!’
‘Het is religie!’
‘Het is mode!’
‘ ’t Is een woord!’
‘Dat is het nie!’

Bis


mouthfulness: spraakvloed bij volle mind

(geschreven naar aanleiding van een felle discussie in het Boeddhistisch Dagblad over het boeddhistische kaliber van mindfulness)


Schreeuwgeest

Terug naar de boeddhanatuur; ver-wenserij van de stamboekfee.

Twee sangha’s voeren een dharmastrijd in een weiland.
De eerste sangha schreeuwt: Leve de lineage!
De koeien roepen: Boe!
De tweede sangha schreeuwt: Weg met de lineage!
De koeien roepen: Boe!
De eerste sangha schreeuwt: Alleen zo houden we de leer zuiver!
De koeien roepen: Boe!
De tweede sangha schreeuwt: Alleen zo houden we de leer zuiver!
De koeien roepen: Boe!
De tweede sangha bestookt de eerste met watervaste verfbommen in alle kleuren van de regenboog.
De koeien roepen: Boe!
De eerste sangha slaat terug met lineageborden van voorchristelijk eikenhout.
De koeien roepen: Boe!
Een lekenjury oordeelt traditiegetrouw: Onbeslist!
De koeien roepen: Boe!
Bont en blauw druipen de schreeuwers af naar hun heilige huisjes.
Op het land keert de rust weer.
De koeien roepen: Boe!


sangha: [Sanskriet] (hersen)stam

lineage: [Engels] stamboom

rasboeddhist, rabboe: boeddhist met stamboom; ware afstammeling van Gautama Boeddha

bastaardboeddhist, babboe: boeddhist zonder stamboom
synoniem: vuilnisbakkenboeddhist (pejoratief)

schreeuwgeest: atavistische mentaliteit die ernaar streeft de onderlinge banden te verstevigen door de onderlinge verschillen te benadrukken (zie ook religie, parlement, teamsport, chimpansee)


Een loopgraaf

‘Wat is een standpunt?’
‘Een loopgraaf.’
‘Hoe bedoel je?’
‘Medestanders genoeg, maar je kunt niet voor- of achteruit.’


Een stilstandpunt

‘Wat is een standpunt?’
‘Een plek waar je tot stilstand komt.’
‘Vind jij dat we in beweging moeten blijven?’
‘Dat zou weer een standpunt zijn.’
‘Heb je daar iets op tegen?’
‘Dat zou opnieuw een standpunt zijn.’
‘Wat vind je dan wel?’
‘Dat zou nog steeds een standpunt zijn.’


Een grens

‘Wat is een standpunt?’
‘Een grens.’
‘Waartussen?’
‘Medestanders en tegenstanders.’
‘Alle grenzen zijn kunstmatig.’
‘Dat is opnieuw een grens.’
‘Waartussen?’
‘Medestanders en tegenstanders van het standpunt dat alle grenzen kunstmatig zijn.’
‘Maar alles is toch één?’
‘Dat is opnieuw een grens.’
‘Waartussen?’
‘Medestanders en tegenstanders van het standpunt dat alles één is.’
‘Wat zou het anders kunnen zijn?’
‘Nul, niet-een, twee, niet-twee, drie, drie-in-een, vier, zeven, honderdacht, veel, aftelbaar oneindig, overaftelbaar oneindig, ontelbaar, dit alles tegelijk, niets van dit alles en zo.’
‘Eenheid is geen getal, eenheid is een ervaring.’
‘Dat is ook maar een hokje.’
‘Een ervaring is ook maar een hokje?’
‘Een ervaring in plaats van een standpunt, een gevoel, een gedachte, een idee, een waan, een woord, een inzicht, wijsheid, dwaasheid, waarheid en noem maar op.’
‘Vind jij dat we alle grenzen moeten slechten?’
‘Ik kan wel zoveel vinden.’
‘Voor jou hoeft het niet.’
‘Wat ben ik, een separatist?’
‘Wat vind jij dan wel?’
‘Waarvan?’


Een doorgangspunt

‘Wat is een standpunt voor jou?’
‘Een doorgangspunt.’
‘Hoe bedoel je?’
‘Ik kijk even rond en vervolg mijn weg.’
‘Waarheen?’
‘Naar het volgende doorgangspunt.’
‘Jij hebt alleen maar doorgangspunten.’
‘Ik heb ze niet, ik passeer ze.’
‘Aha.’
‘Of ze passeren mij.’
‘Dat kan ook nog.’
‘Vandaar.’
‘Goeie les.’
‘Gauw weer door.’


Een vluchtpunt

‘Het leven is een mysterie’
‘Dat is ook maar een standpunt.’
‘Je doelt op het idee dat er geen absolute waarheden zijn.’
‘En nog een.’
‘Alleen maar eindeloos veel standpunten.’
‘En nog een.’
‘Die ons alleen maar eindeloos vastzetten.’
‘En nog een.’
‘Wat is een standpunt voor jou?’
‘Een vluchtpunt.’
‘Hoe bedoel je?’
‘Ik maak meteen dat ik wegkom.’
‘Waar is dat goed voor?’
‘Zeg jij het maar.’
‘En jij dan?’
‘Ik maak vast dat ik wegkom.’


Een verdwijnpunt

‘Wat is een standpunt?’
‘Een verdwijnpunt.’
‘Wat verdwijnt daarin?’
‘Waarin?’
‘In het verdwijnpunt natuurlijk.’
‘Welk verdwijnpunt?’
‘Standpunten?’
‘Wat is daarmee?’
‘Jij zelf?’
‘Wie?’
‘Het verdwijnen dan?’
‘Je spreekt in raadselen.’
‘Nou weet ik nog niks.’
‘Snap je?’


Nog verder van huis

‘Waarmee kun je niet weten vergelijken?’
‘Met een nomadenbestaan.’
‘Hoe bedoel je?’
‘Je zwerft van kamp naar kamp zonder ergens te blijven hangen.’
‘Almaar verder gaan, daar komt het op aan.’
‘Ach.’
‘Wat?’
‘Je hangt alweer.’

yurt


Niet te geloven

Miljardennota voor miljoenen

I
Leerling: Niet te geloven, er zijn honderden miljoenen boeddhisten!
Meester: Niet te geloven, er zijn zeven miljard niet-boeddhisten.

Leerling: Niet te geloven, er zijn zeven miljard niet-boeddhisten!
Meester: Niet te geloven, er zijn helemaal geen niet-boeddhisten.

Leerling: Niet te geloven, er zijn helemaal geen niet-boeddhisten!
Meester: Niet te geloven, er zijn helemaal geen boeddhisten.

Leerling: Niet te geloven, er zijn helemaal geen boeddhisten!
Meester: Niet te geloven, er zijn honderden miljoenen boeddhisten.

II
Leerling: Niet te geloven, er zijn honderden miljoenen boeddhisten!
Meester: Niet te geloven, er is maar één boeddha.

Leerling: Niet te geloven, er is maar één boeddha!
Meester: Niet te geloven, er is niet één boeddha.

Leerling: Niet te geloven, er is niet één boeddha!
Meester: Niet te geloven, er zijn honderden miljoenen boeddhisten.

III
Leerling: Niet te geloven, er zijn honderden miljoenen boeddhisten!
Meester: Niet te geloven, er zijn zeven miljard mensen.

Leerling: Niet te geloven, er zijn zeven miljard mensen!
Meester: Niet te geloven, er zijn zeven miljard boeddha’s.

Leerling: Niet te geloven, er zijn zeven miljard boeddha’s!
Meester: Niet te geloven.


Moeder Maria, bid voor ons

als een mens maar
niet meer klaagt
en zijn lijden
stil verdraagt
komt nirwana
ongevraagd
sprak de meester
tot de maagd

moeder maria


Vuurwerkslachtoffers kijken

Ook dit jaar organiseren de RampBoeddhisten weer een Turn The Year Around Bearing Witness Sesshin* in Nederland. Wij vertrekken op oudejaarsavond om 22:00 uur vanaf het Amstelstation te Amsterdam en zullen per luxe touringcar in drie dagen de EHBO-posten aandoen van alle grote ziekenhuizen in Nederland. Lag de afgelopen jaren het accent op slachtoffers van zinloos geweld, dit jaar richten we ons voornamelijk op vuurwerkslachtoffers.

Ons boeddhistisch engagement manifesteert zich primair in de wijze waarop we onze doelgroepen benaderen.

  • Niet weten (not knowing): het loslaten van vaste ideeën over je zogenaamde zelf en het zogenaamde slachtoffer.
  • Erkennen wat is (bearing witness), en vooral, gezien de doelgroep van dit jaar: erkennen wat niet meer is.
  • Actie voortkomend uit niet weten en erkennen wat (niet) meer is.

in de praktijk van onze bearing witnesspraktijk betekent actie niet weten wat je moet doen en toegeven dat dit zo is. Gelatenheid is immers voor de doelgerichte westerling het hoogst haalbare, en daarom het speerpunt van onze beoefening. Ons motto:

‘Don’t just do something; stand there.’

Zitten mag natuurlijk ook.

Helaas is Vuurwerkslachtoffers Kijken volgeboekt tot 2020. Wel zijn er nog enkele plaatsen vrij voor onze 2017 retraite in Srebrenica ter herdenking van de moord op de moslim mannen 22 jaar geleden. Boek snel want op = op.

* Sesshin betekent ‘het hart aanraken’ – zazen beoefenen, door zazen beoefend worden. Terwijl wij ons hart aanraken, ontdekken we dat er geen gat is op te vullen. Wat er ook ontbreekt, er ontbreekt niets. Sesshin is een uitnodiging om de volheid van het leven in al zijn facetten te herontdekken, zowel in onszelf als in onze doelgroepen.

RampBoeddhisme is een initiatief van Glaswerk B.V.


Noot achteraf: Deze tekst steekt een beetje de draak met de retraites die worden georganiseerd door de Zen Peacemakers Sangha onder leiding van Bernie Glassman. Ik ben geen tegenstander van deze sangha of van deze retraites, integendeel. Wel mis ik wat humor, zelfspot, zelfrelativering.


Boeman

ben ik een boeddha
of ben ik een mens
zei de zoeker
en trok een grens

boemannetje

 

verzinnersgeest: iemand die een boeddha ziet als hij in de spiegel kijkt

beginnersgeest: iemand die een mens ziet als hij in de spiegel kijkt

boeddha: iemand die een spiegel ziet als hij in de spiegel kijkt

(en weer drie hokjes om in gevangen te raken)


Navelstaren

ben ik een boeddha
of ben ik een mens
dacht de monnik
en deed een wens

ben ik een monnik
of ben ik een mens
dacht de boeddha
en zag zijn pens

bodivadsa

 


Spiegelbeeld

ben ik glas
of ben ik beeld
zei de spiegel
diep verdeeld

ik ben glas
en ik ben beeld
zei de spiegel
nu geheeld

ben ik glas
of ben ik beeld
zei de spiegel
weer verdeeld

ik ben glas
en ik ben beeld
zei de spiegel
nu verveeld

hef het glas
en breek het beeld
ben je toch nog
vrijgespeeld

spiegelbeeld

 


Joodloos of jood

ben ik nou glas
of ben ik lood
riep het kerkraam
in hoge nood

ben ik koosjer
of ben ik bloot
zuchtte Adam en
schaamde zich rood

ben jij doodloos
of ben je dood
grijnsde de nazi
voor hij schoot

jood


Kip of ei

‘Ben ik nou borst
of ben ik dij’
dacht de kip en
lei een ei.

‘Ben als de dooier
dat ik faal’
dacht het ei en
brak zijn schaal.

‘Ik ben geen kip
maar ook geen ei’
dacht het kuiken,
‘Ketterij!’

Kuikenei


Groeten uit Tibet

ben ik nou geel
of ben ik rood
vroeg oranje
heel devoot

geelhoeden

Tibet kent veel boeddhistische scholen, waaronder de geelhoeden (gelugpa) en de roodhoeden (drukpa). De dalai lama is de hoogste geelhoed.

In een bovenwoning in Amsterdam is onlangs een veelhoed gesignaleerd.
De veelhoed is de hoogste veelhoed.


Wij en zij

Hechting en onthechting in de hoogste divisie.

Zegt de ene Oranjefan: De halve finale hebben we gewonnen!
Zegt de andere: Maar de finale hebben ze verloren.


Iedereen droomt

als je maar
geen auto’s had
dacht de haas
een beetje plat

was het water
maar niet nat
dacht de wader
op het wad

als ik nou
maar niks vergat
dacht het oudje
zei ik wat?

als de mens
maar tot mij bad
dacht de boeddha
ladderzat

als de huid
geen pukkels had
lachte puist
werd ik een wrat

haas wraak

dromer: iemand die verlossing zoekt in voorstellingen van een beter zelf of een betere wereld


Iedereen klaagt

was z’n gat nou
maar een mond
dacht de haas
vanuit de hond

was de mest nou
maar geen stront
klonk het klaaglijk
uit de grond

was mijn ei maar
niet zo rond
kreunde kip
vanuit zijn kont

schone snedes
zijn gezond
zwoegde mes
vanuit mijn wond

was mijn haar maar
niet zo blond
dacht het spook
dat niet bestond

Konijn in hond


klager: iemand die verlossing zoekt in weeklagen en wensdenken


Blij toe

ben ik rijst
of ben ik brij
ongezoet of
suikervrij
zeg ik u of
zeg ik jij
vroeg een toetje
steeds aan mij

noem het rijst of
noem het brij
noem het zoet of
noem me vrij
noem me u of
noem me jij
’t maakt niet uit
je bent erbij:

ik word jou niet
jij wordt mij


Meisjes

Denkt het mooie meisje: ‘Ik wou dat ik slim was.’
Denkt het slimme meisje: ‘Ik wou dat ik mooi was.’
Denkt het mooie, slimme meisje: ‘Ik wou dat ik dom en lelijk was.’
Denkt het domme, lelijke meisje: ‘Ik wou dat ik dood was.’
Denkt het dode meisje…


Denkt het dode meisje: ‘Ik wou dat ik in de hemel was.’

Denkt het dode meisje: ‘Ik wou dat er geen hemel was.’

Denkt het dode meisje: ‘Ik wou dat ik mezelf was.’

Denkt het dode meisje: ‘Ik wou dat ik nog was.’

Denkt het dode meisje: ‘Ik wou dat ik niet meer was.’

Denkt het dode meisje: ‘Ik wou dat ik niet meer dacht.’

Denkt het dode meisje: ‘Ik dacht dat ik niets meer wou.’

Denkt het dode meisje: ‘Ik wou dat ik niks meer wou.’

Denkt het dode meisje: ‘Ik wou dat ik nog wat wou.’


Onthecht, onthechter, onthechtst

Leerling: Ik wou dat ik niks meer wou.
Meester: Ik wou dat ik nog wat wou.

tien jaar later

Leerling: Ik wou dat ik nog wat wou.
Meester: Ik wou dat ik wou dat ik nog wat wou.

tien jaar later

Leerling: Ik wou dat ik wou dat ik wou dat ik nog wat wou.
Meester: Wauw.


Kikker in je wil

de wil zegt altijd ik
ze zweert je eeuwig trouw
maar is dat wat jij wil
of wat zij wil in jou?

kikker


Willie Nillie

de wil zegt altijd ik
‘ik ben er steeds voor jou’
maar als ik niet meer wil
legt zij me aan een touw

de wil zegt altijd ik
gedraagt zich als een pauw
en als ik haar negeer
slaat zij me bont en blauw

de wil zegt altijd ik
voor mij is ze te nauw
maar als ik me verstop
schudt zij me uit haar mouw

de wil zegt altijd ik
maar deed ze wat ik wou
dan liet ze mij met rust
en toonde ze berouw

de wil zegt altijd ik
ik laat het er maar bij
want ik ben wel van haar
maar is zij wel van mij?


Baas boven baas

Reder: Ik ben het belangrijkste want ik bepaal de vracht!
Kapitein: Ik ben het belangrijkste want ik bepaal de belading!
Stuurman: Ik ben het belangrijkste want ik bepaal de route!
Machinist: Ik ben het belangrijkste want ik houd de machines draaiende!
Kok: Ik ben het belangrijkste want ik houd de mensen draaiende!
Matroos: Ik ben het belangrijkste want ik houd het dek begaanbaar!
Werf: Ik ben het belangrijkste want ik onderhoud het schip!
Fabriek: Ik ben het belangrijkste want ik lever het staal!
Zee: Ik ben het belangrijkste want ik houd het schip drijvende!
Bodem: Ik ben het belangrijkste want ik houd de zee drijvende!
Hans: Ik ben het belangrijkste want ik schrijf deze tekst!
Uitgever: Ik ben het belangrijkste want ik publiceer deze tekst!
Lezer:

matroos schip


Hengstenbal

Roept de eerste meester: Ik ben de grootste want ik heb het ego overwonnen!
Roept de tweede: Ik ben de grootste want ik geef toe dat het me niet is gelukt!
Roept de derde: Ik ben de grootste want ik zie in dat het ego niet bestaat!
Roept de vierde: Ik ben de grootste want ik zie het verschil niet!
Roept de vijfde: Ik ben de grootste want ik ben niet de grootste!
Roept de zesde: Ik ben de grootste want ik ben de kleinste!
Roept de zevende: Ik ben de grootste want ik zeg niks!
De achtste zegt niks.
Roept de eerste: Uitslover!

Ere schavot

 


Kort en klein

stoute kinderen staan in hoeken
zondige zielen knielen in kerken
smerige ego’s zitten in zendo’s
we krijgen onszelf nog wel
klein

monnik in de hoek

(geschreven naar aanleiding van de woorden ‘Het ego maakt alles smerig‘ in een stukje over meditatie in het boeddhistisch dagblad)


E.G.O.

Grijs: Letterwoorden voor letterlijken.

Letterzen is een vorm van gisboeddhisme gebaseerd op overgeleverde acroniemen (letterwoorden) waarvan de oorspronkelijke betekenis geheel verloren is gegaan.

Letterzen kent twee vormen van beoefening.
Inzichtmeditatie zoekt naar de oorspronkelijke betekenis van een letterwoord.
Hartmeditatie streeft naar eenwording met een letterwoord.

Het belangrijkste acroniem van letterzen, overgeleverd in een ononderbroken lijn van hart tot hart of, in dit geval, van borst tot borst, is E.G.O.
Bij borstmeditatie op E.G.O. worden veertien graden van eenwording onderscheiden: AA, A, B, C, D, DD, E, F, G, H, I, J, K en L.
Wie het hoogste stadium heeft bereikt (L), mag de titel acronymus voeren en een goudbrokaten slabbetje (rakusu) op de borst dragen met daarop een acroniem naar keuze of de eigen initialen, meestal het laatste.

Schrijver dezes (t.z.t. H.v.D.) heeft tijdens jarenlange inzichtsmeditaties op E.G.O. onder meer de volgende ingevingen gekregen:

Even God Overtreffen

Enorm Grote Oen

Eeuwige Gabber en Ondeugd

EigenGereide Ouwehoer

Een Grauwe Overjas

Echt Grote Onzin

Twee van zijn ingevingen zijn inmiddels bona fide verklaard door Hare Excellentie Acro F.P. de Zesenvijftigste, voorheen Fietje Piep.
Welke, dat mag hij niet verklappen.
Ook niet met één hand.

zoz


Wegwerkers

Roept de eerste meester: Het achtvoudige pad is de weg!
Roept de tweede: U bent gehecht aan de weg!
Roept de derde: U bent gehecht aan onthechting!
Roept de vierde: U bent gehecht aan terechtwijzen!
Roept de vijfde: U bent gehecht aan het woord!
Roept de zesde: U bent gehecht aan de stilte!
De zevende zegt niks.
Roept de achtste: En weg was het achtvoudige pad!
Roept de eerste: Het achtvoudige pad is de weg!

8 voudig pad


Mens of pij

‘Wie zijn ego zoekt te doden vindt zichzelf onder de zoden’ (Anna Atman in Wadden, waden en gewaden)

er woont een egoding in jou
er woont een egoding in mij
ik zie het met een glimlach aan
en haal er niet van alles bij

dat egoding is niet van jou
het egoding is niet van mij
wie wat van niemand is bestrijdt
komt van die wanen nimmer vrij

er woont geen egoding in jou
er woont geen egoding in mij
kom zie het met een glimlach aan
en trek je voeten uit de klei

(maar denk erom: slechts één voor één
en wees beducht voor het getij)

sta ik nou op het wad
of rust het wad in mij
woont heel mijn mij in jou
of heel ons zelf in wij
kom ik soms uit jouw mouw
of klets jij uit mijn dij
wie tilt er volgens wie
wiens voeten uit wiens klei?

wad


Uit spuit

uit, spuit

het ego uit
het zelf uit

gehechtheid uit
onthechting uit

de illusie uit
de werkelijkheid uit

de film uit
het doek uit

de vorm uit
de leegte uit

de dualiteit uit
de non-dualiteit uit

het relatieve uit
het absolute uit

het kwade uit
het goede uit

de hel uit
de hemel uit

het hoofd uit
het hart uit

het vele uit
het ene uit

het weten uit
niet-weten uit

de leugen uit
de waarheid uit

de woorden uit
de stilte uit

in, spin


Piekerpad

ben ik inheems
of toch exoot?
dacht de pad
die nooit besloot

ben ik koud
of ben ik kil?
dacht de pad
en rilde stil

is ’t al maart
of pas april?
dacht de pad
en zocht zijn bril

ben ik kikker
of ben ik dril?
dacht de pad
en ging van bil

van de wal of
in de sloot?
dacht de pad
en brak zijn poot

piekerpad

piekerpad (de): denkend wezen, menselijk of anderszins, dat vastzit in schijndilemma’s*

piekerpad (het, pejoratief): rinzai-zen volgens sotoboeddhisten

Piekerpad (hoofdletter, het): de Grote Weg volgens Sint Pieker

Sint Pieker is de patroonheilige van het Piekerpad.
De vier Edele Waarheden volgens Sint Pieker:

1. Er is piekeren
2. Het piekeren heeft een oorzaak
3. De oorzaak van het piekeren kan opgeheven worden
4. Door het Piekerpad te volgen wordt het piekeren beëindigd

Het Piekerpad is wel lang maar niet moeilijk.
Eerst pieker je onophoudelijk over je leven.
Na je inwijding pieker je onophoudelijk over je boeddhisme.
Op een dag in dit leven of in een volgend (reïncarnatie) dringt het tot je door dat het allemaal nergens over gaat (sunyata), dat je nergens iets over te zeggen hebt (anatman) en dat alles onbegrijpelijk is (afhankelijk ontstaan), en ben je voorgoed uitgepiekerd (nirwana).

‘Piekeren om een einde te maken aan het piekeren is je verstand gebruiken om je verstand te saboteren.’ (Sint Pieker, Paradoxale Spiritualiteit, uitgeverij Sam @ Sarah, 2013, p112, € 25,-)

Sint Pieker is de achtenzestigste of de zesentachtigste reïncarnatie of dharma-opvolger van de Boeddha of diens ego of eega – daar is hij nog niet uit.
Wel durft hij zichzelf ‘althans op oneven dagen’ volmondig een bodhisattva te noemen: ‘een uitgepiekerde die onophoudelijk piekert over andermans gepieker.’

* Volgens Sint Pieker is ‘schijndilemma’ een pleonasme, maar daar ben ik nog niet uit.


Alias Jones or Smith

Zoeken naar je ware gezicht

1.
wat is nou
mijn ware schil
dacht een ui
en gaf een gil

2.
ben ik vlees
of ben ik vis?
dacht een appel
niet zo gis

ze tobde door
totdat ze wist
‘k ben een jona
of een smith

en na een jaar
al niet meer fris:
ben ik granny
of nog miss?

appelvis

3.
bloemen van de
piekerboom
zijn alleen maar
een symptoom

en

vruchten van de
piekerboom
zijn zo echt als
een fantoom

vissen in de boom

Mijn ware gezicht zag ik in ’t gesticht
(Nietzsche in Na de Woordvloed)


Klepperman van Elven

klepperman
“Nee hoor, alleen dana” zei mijn ortho nog.

Klepperman van Elven is de erudiete driemondige protagonist van de Beppesutta, op muziek gezet door marakunstenaar Richard Wachtmaar, die aanvangt met de aria:

Klepperman van Elven
Waar ga je zo laat naar toe
Naar alle geesteskinderen
Van de Boeddha toe
En je zieltje gaat van zap zap zap
En je knietjes gaan van klap klap klap
Klepperman van Elven
Doe nou je boekjes maar toe

Daarna volgt een relaas over de zieleroerselen van Klepperman zo lang als de zieleroerselen van Klepperman, en dat wil wat zeggen, maar wat?
De Beppesutta en de gelijknamige opera hadden moeten eindigen met het lied:

Klepperman van Elven
Heeft tweeëntwintig zelven
Zo groot als stergewelven
Maar helpen doet het niet

maar eindigen doet het niet.


Je laatste voornemen

Kernwaarden van zen zijn spontaniteit, authenticiteit en leven bij de dag.
Zitten als je moe bent, lachen als je lacht.

Kernwaarden realiseer je niet zomaar, die moet je oefenen.
In groepsverband: één voor allen, allen voor één.
Samen niet bewegen, samen niks zeggen, daar komt het op aan.
Zitten tot je flauwvalt, wachten zonder klacht.
Streven naar niet streven; zen uit alle macht.
Wie niet meer kan die laat zich slaan opdat hij zich maar niet laat gaan.

Hieronder de onvergankelijke agenda van rohatsu retraites wereldwijd.
Boek nú voorgoed bij een zendo in jouw buurt en leer eeuwig leven bij de dag.

helmen meditatie

30 november
09.00 Schoonmaken
12:00 Lunch
18:00 Diner
19:30 Intro
20:00 Kinhin
20:10 Zazen
21:00 Dagsluiting

1 december
03:40 Opstaan
04:10 Zazen
05:00 Kinhin
05:10 Zazen
06:00 Ontbijt
07:10 Zazen
08:00 Kinhin
08:10 Zazen
09:00 Kinhin
09:10 Zazen
10:00 Kinhin
10:10 Zazen
11:00 Kinhin
11:10 Zazen
12:00 Lunch
13:10 Zazen
14:00 Kinhin
14:10 Zazen
15:00 Kinhin
15:10 Zazen
16:00 Kinhin
16:10 Zazen
17:00 Kinhin
17:10 Zazen
18:00 Diner
19:10 Zazen
20:00 Kinhin
20:10 Zazen
21:00 Dagsluiting

2 december
03:40 Opstaan
04:10 Zazen
05:00 Kinhin
05:10 Zazen
06:00 Ontbijt
07:10 Zazen
08:00 Kinhin
08:10 Zazen
09:00 Kinhin
09:10 Zazen
10:00 Kinhin
10:10 Zazen
11:00 Kinhin
11:10 Zazen
12:00 Lunch
13:10 Zazen
14:00 Kinhin
14:10 Zazen
15:00 Kinhin
15:10 Zazen
16:00 Kinhin
16:10 Zazen
17:00 Kinhin
17:10 Zazen
18:00 Diner
19:10 Zazen
20:00 Kinhin
20:10 Zazen
21:00 Dagsluiting

3 december
03:40 Opstaan
04:10 Zazen
05:00 Kinhin
05:10 Zazen
06:00 Ontbijt
07:10 Zazen
08:00 Kinhin
08:10 Zazen
09:00 Kinhin
09:10 Zazen
10:00 Kinhin
10:10 Zazen
11:00 Kinhin
11:10 Zazen
12:00 Lunch
13:10 Zazen
14:00 Kinhin
14:10 Zazen
15:00 Kinhin
15:10 Zazen
16:00 Kinhin
16:10 Zazen
17:00 Kinhin
17:10 Zazen
18:00 Diner
19:10 Zazen
20:00 Kinhin
20:10 Zazen
21:00 Dagsluiting

4 december
03:40 Opstaan
04:10 Zazen
05:00 Kinhin
05:10 Zazen
06:00 Ontbijt
07:10 Zazen
08:00 Kinhin
08:10 Zazen
09:00 Kinhin
09:10 Zazen
10:00 Kinhin
10:10 Zazen
11:00 Kinhin
11:10 Zazen
12:00 Lunch
13:10 Zazen
14:00 Kinhin
14:10 Zazen
15:00 Kinhin
15:10 Zazen
16:00 Kinhin
16:10 Zazen
17:00 Kinhin
17:10 Zazen
18:00 Diner
19:10 Zazen
20:00 Kinhin
20:10 Zazen
21:00 Dagsluiting

5 december
03:40 Opstaan
04:10 Zazen
05:00 Kinhin
05:10 Zazen
06:00 Ontbijt
07:10 Zazen
08:00 Kinhin
08:10 Zazen
09:00 Kinhin
09:10 Zazen
10:00 Kinhin
10:10 Zazen
11:00 Kinhin
11:10 Zazen
12:00 Lunch
13:10 Zazen
14:00 Kinhin
14:10 Zazen
15:00 Kinhin
15:10 Zazen
16:00 Kinhin
16:10 Zazen
17:00 Kinhin
17:10 Zazen
18:00 Diner
19:10 Zazen
20:00 Kinhin
20:10 Zazen
21:00 Dagsluiting

6 december
03:40 Opstaan
04:10 Zazen
05:00 Kinhin
05:10 Zazen
06:00 Ontbijt
07:10 Zazen
08:00 Kinhin
08:10 Zazen
09:00 Kinhin
09:10 Zazen
10:00 Kinhin
10:10 Zazen
11:00 Kinhin
11:10 Zazen
12:00 Lunch
13:10 Zazen
14:00 Kinhin
14:10 Zazen
15:00 Kinhin
15:10 Zazen
16:00 Kinhin
16:10 Zazen
17:00 Kinhin
17:10 Zazen
18:00 Diner
19:10 Zazen
20:00 Kinhin
20:10 Zazen
21:00 Dagsluiting

7 december
03:40 Opstaan
04:10 Zazen
05:00 Kinhin
05:10 Zazen
06:00 Ontbijt
07:10 Zazen
08:00 Kinhin
08:10 Zazen
09:00 Kinhin
09:10 Zazen
10:00 Kinhin
10:10 Zazen
11:00 Kinhin
11:10 Zazen
12:00 Lunch
13:10 Zazen
14:00 Kinhin
14:10 Zazen
15:00 Kinhin
15:10 Zazen
16:00 Kinhin
16:10 Zazen
17:00 Kinhin
17:10 Zazen
18:00 Diner
19:10 Zazen
20:00 Kinhin
20:10 Zazen
21:00 Thee
21:20 Zazen
22:00 Kinhin
22:10 Zazen
23:00 Kinhin
23:10 Zazen
24:00 Dienst

8 december
09:00 Ontbijt
10:00 Schoonmaken

Schema gebaseerd op de rohatsu sesshin van Sanshinji.


Hulpmiddelen

‘Waarmee kan ik de waarheid zien?’
‘Met oogkleppen.’
‘Ik bedoel, hoe kan ik de waarheid in het vizier krijgen?’
‘Door een helm op te zetten.’
‘Laat ik het zo zeggen: waarvan getuigt de waarheid?’
‘Van kokervisie.’

oogklep

 


Ziende blind

‘Hoe voorkom ik kokervisie?’
‘Door je ogen te sluiten.’
‘Dan zie je niks meer.’
‘Dan zie je alles.’
‘Alleen de waarheid niet.’
‘Alleen niet als waarheid.’


Uitgekookt

‘Elke visie is een kokervisie.’
‘Deze ook.’
‘Maar dat kan toch helemaal niet!’
‘Die ook.’


Kokervisie

Kijken vanuit een standpunt betekent iets zien en de rest niet zien.
Wat vanuit jouw standpunt niet te zien is, bestaat niet.

Je bekijkt iets als christen maar niet als moslim.
En gelijk dat je hebt!

Als moslim maar niet als christen.
En gelijk dat je hebt!

Als Tibetaan maar niet als Chinees.
En gelijk dat je hebt!

Als Chinees maar niet als Tibetaan.
En gelijk dat je hebt!

Als Roodhoed maar niet als Geelhoed.
En gelijk dat je hebt!

Als Geelhoed maar niet als Roodhoed.
En gelijk dat je hebt!

Als aanrander maar niet als slachtoffer.
En gelijk dat je hebt!

Als slachtoffer maar niet als aanrander.
En gelijk dat je hebt!

Als ouder maar niet als pedofiel.
En gelijk dat je hebt!

Als pedofiel maar niet als ouder.
En gelijk dat je hebt!

Als autochtoon maar niet als vluchteling.
En gelijk dat je hebt!

Als vluchteling maar niet als autochtoon.
En gelijk dat je hebt!

Als multinational maar niet als punker.
En gelijk dat je hebt!

Als punker maar niet als multinational.
En gelijk dat je hebt!

Als boeddhist maar niet als non-dualist.
En gelijk dat je hebt!

Als non-dualist maar niet als boeddhist.
En gelijk dat je hebt!

Als boeddha maar niet als mens.
En gelijk dat je hebt!

Als mens maar niet als boeddha.
En gelijk dat je hebt!

Als jood maar niet als nazi.
En gelijk dat je hebt!

Als nazi maar niet als jood.
En gelijk dat je hebt!

Als bontdrager maar niet als dierenbeschermer.
En gelijk dat je hebt!

Als dierenbeschermer maar niet als bontdrager.
En gelijk dat je hebt!

Als ooievaar maar niet als kikker.
En gelijk dat je hebt!

Als kikker maar niet als ooievaar.
En gelijk dat je hebt!

Maar dat gelijk dank je helemaal aan je beperkte blik.
Gelijk heb je doordat je oogkleppen draagt.
Je kijkt door een koker die je gezichtsveld beperkt.
Je visie is een kokervisie.
Alleen binnen een kokervisie is een eenduidig ja of nee mogelijk.
Zonder dat je het doorhebt, is het de koker zelf die je bevestigt.
Het is de bestaansvoorwaarde voor je heilige gelijk.

Dat geldt niet alleen voor controversiële onderwerpen.
Een mooi voorbeeld van academische kokervisie is de Euclidische meetkunde.
Dit mathematische bouwwerk is ruim twee millennia lang onaantastbaar geweest.
Zelfs de grootste wiskundigen meenden dat de Euclidische meetkunde algemeengeldig was.
Pas in de negentiende eeuw besefte men dat er vele meetkundes mogelijk zijn, waarvan sommige beperkt toepasbaar zijn op geïdealiseerde objecten zoals platte vlakken, boloppervlakken of zadeloppervlakken, en andere (vooralsnog) zonder toepassing blijven.

Misschien kom je nu in de verleiding om een algemene filosofie te formuleren met als centrale leerstelling dat elke visie een kokervisie is.
Een leer van die strekking bestaat al, onder de naam perspectivisme.
Mocht het perspectivisme in algemene zin al waar zijn dan is de visie dat elke visie een kokervisie is, op haar beurt een kokervisie – een beperkte en beperkende zienswijze die alleen maar waar lijkt zolang je de wereld door de koker van het perspectivisme bekijkt.
Dus waarom zou je?

olifant

 


De ene ezel leidt de andere

Nasroeddin rijdt achterstevoren op zijn ezel door het dorp.

‘Hé Nasroeddin, je kijkt de verkeerde kant op.’
‘Welnee, mijn ezel loopt de verkeerde kant op.’

‘Hé Nasroeddin, je kijkt de verkeerde kant op.’
‘Wat is er verkeerd aan die kant?’

‘Hé Nasroeddin, je kijkt de verkeerde kant op.’
‘Als niemand keek waar hij heen ging zouden er heel wat minder ongelukken gebeuren.’

‘Hé Nasroeddin, je kijkt de verkeerde kant op.’
‘Als mijn ezel maar de goede kant op kijkt.’

‘Hé Nasroeddin, je kijkt de verkeerde kant op.’
‘Ik hoef niet te zien waar ik heen ga.’

‘Hé Nasroeddin, je kijkt de verkeerde kant op.’
‘Maar als mijn ezel achteruit gaat lopen, zit ik goed.’

‘Hé Nasroeddin, je kijkt de verkeerde kant op.’
‘Wil ik weten waar een ezel heen gaat?’

‘Hé Nasroeddin, je kijkt de verkeerde kant op.’
‘Zo denkt mijn ezel dat hij me dwars zit en brengt me toch waar ik wezen moet.’

‘Hé Nasroeddin, je kijkt de verkeerde kant op.’
‘Het is eenvoudiger voor een man om terug te kijken dan voor een ezel om achteruit te lopen.’

‘Hé Nasroeddin, je kijkt de verkeerde kant op.’
‘Je kijkt zelf de verkeerde kant op.’

‘Hé Nasroeddin, je kijkt de verkeerde kant op.’
‘De ene ezel leidt de andere.’

ezeltje strek je


Weg van alle vragen

Nasroeddin raast op zijn ezel door het dorp.

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘Naar een plek waar mijn ezel stil wil blijven staan.’

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘Hé mensen, waar blijven jullie nou?’

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘Dat moet je mijn ezel vragen.’

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘Het is de aarde die onder mij door draait.’

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘Hoe hard ik ook ga, ik zit steeds op mijn ezel.’

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘Rennende ezels balken niet.’

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘Dat weet ik pas als ik er ben.’

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘Ik probeer aan mijn ezel te ontkomen.’

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘Als ik maar onderweg ben.’

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘De weg is te heet om stil te blijven staan.’

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘Als ik dat wist, zou ik dan nog haast maken?’

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘Als ik dat wist, ging ik wel de andere kant op.’

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘Dat vraag ik me mijn hele leven al af.’

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘Wie zegt dat ik ergens heen moet?’

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘Wie snel gaat, is snel nergens.’

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘Naar iemand die me dat kan vertellen.’

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘Weg van alle antwoorden.’

‘Hé Nasroeddin, waar moet je zo snel heen?’
‘Weg van alle vragen.’

vliegende ezel


Meningitis

‘Niemand weet wat, maar iedereen heeft een mening.’
‘Weet je dat of is het een mening?’

‘Iedereen houdt de grenzen van zijn eigen gezichtsveld voor de grenzen van de wereld.’
‘Is dit de grens van jouw gezichtsveld of die van de wereld?’

‘Ervaring is een karikatuur van de werkelijkheid.’
‘Is dit de werkelijkheid of een karikatuur van je ervaring?’

‘Ervaring is de regel waarop de volgende gebeurtenis een uitzondering is.’
‘Is dat jouw ervaring of een uitzonderlijke gebeurtenis?’

‘Het onverwachte is een uitnodiging om je verwachtingen op te geven.’
‘Toch weer een regel ontdekt?’

‘Onze ervaring bestaat eerder uit verloren illusies dan uit verworven wijsheid.’
‘Ook die illusie ben ik kwijt.’

‘Het inzicht van vandaag is de dwaling van morgen.’
‘Dit inzicht ook.’

‘Een vlaag van verstandsverbijstering is een blik in de eeuwigheid.’
‘Is dit een vlaag van verstandsverbijstering of een blik in de eeuwigheid?’

‘Een fanaticus is iemand die niet van gedachten kan veranderen en niet van onderwerp wil veranderen.’
‘Hoe vaak heb ik je dat al niet horen zeggen.’

nekkramp

 

‘Meningitis’ is de medische term voor een hersenvliesontsteking. Een van de symptomen is stijfheid of verkramping van de nek; vandaar de synoniemen ‘nekkramp’ en ‘stijfkramp’.


Sukkel op een sokkel

Wandspreuken voor oneliners

Een verstand dat op een standpunt staat is een puntverstand.

Een puntverstand is een verstand dat op het standpunt staat dat een verstand dat op een standpunt staat een puntverstand is.

Een verstand dat ergens op staat is een verstandbeeld.

Het verstand is een verstandbeeld van het verstand.

Een verstand dat ergens op staat is een verstand dat nergens op slaat.

Een verstand dat ergens voor staat is een verstand dat nergens achter komt.

Een verstand dat ergens voor staat is een verstand dat nergens binnen komt.

Een verstand dat nergens voor staat is een verstand dat nergens voor gaat.

Een verstand dat zich een houding aanmeet staat niet garant voor een goede verstandhouding.

Verstand is wat zichzelf verzint; verstand is wat zichzelf ontbindt.

dwaaltekst: iedere tekst die, ongeacht zijn lengte en vorm, niet weten tot uitdrukking brengt

dwaalspreuk: dwaaltekst in de vorm van een aforisme, bijvoorbeeld ‘Het verstand is een verstandbeeld van het verstand’

Waar een aforisme de weg wijst, leidt een dwaalspreuk het bos in.
In mijn ervaring is het project om niet weten in één zin te vangen al net zo hopeloos als het project om het in één woord te vangen of in één gedicht of in een artikel, correspondentie, boek, gebaar, ritueel, handeling, blik, gemoedstoestand, enkelvoudig pad, meervoudig pad, praktijk, meditatievorm, levenshouding, filosofie, moraal, systeem, traditie of wat dan ook.
Niet weten laat zich niet vangen, dus ook niet in het woord ‘niet weten’, dat opnieuw een gevangenis is – en geloof dat ook maar niet.

sokkel

 


Gelijk spel

‘Het lijkt wel of jij altijd gelijk hebt.’
‘Ik heb nooit gelijk.’
‘Ach gut.’
‘En nooit ongelijk.’
‘Bedoel je dat de waarheid voorbij gelijk en ongelijk ligt?’
‘De wat?’
‘Of dat waarheid niet bestaat?’
‘Ik ben mij van geen bedoeling bewust.’
‘Bedoel je dat wij iedere bedoeling los moeten laten?’
‘Met welk doel?’
‘Zie je wel.’
‘Wat?’
‘Het lijkt wel of jij altijd gelijk hebt.’

‘Ik heb nooit gelijk.’
‘Behalve nu zeker.’
‘Verdraaid.’
‘Wat?’
‘Maar dat bewijst het toch?’
‘Wat bewijst het toch?’
‘Dat ik nooit gelijk heb.’
‘Behalve nu zeker.’
‘En ook nooit ongelijk.’
‘Je zegt het maar.’
‘Nee, dan moet jij vragen, “Bedoel je dat de waarheid voorbij gelijk en ongelijk ligt?”‘
‘De wat?’
‘En dan zeg ik: “De wat?”‘
‘Dat zeg ik.’
‘Zie je wel.’
‘Wat?’
‘Het lijkt wel of jij altijd gelijk hebt.’

Vlindernetje


Vinger naar de maan

‘Gisteren stak een weggebruiker zijn middelvinger naar me op. Ik dacht: Het ís ook mijn schuld. Nee, het is zijn schuld. Nee, we zijn beiden schuldig. Nee, we zijn beiden onschuldig. Nee, we zijn beiden een beetje schuldig en een beetje onschuldig. Nee, het is de schuld van de gemeente, die hier een stoplicht had moeten plaatsen. Nee, het is de schuld van de wegenbouwer, want zonder weg hadden we hier niet gereden. Nee, het is de schuld van de fietsenfabriek, want zonder fiets had ik hier niet gefietst. Nee, het is de schuld van mijn baas, want zonder hem was ik nog thuis geweest. Nee, het is de schuld van onze ouders, want zonder hen waren wij nooit geboren. Nee, het is de schuld van het hele universum, want als ook maar één factor anders was geweest… Maar ‘het universum’ is een concept, dus kan het ook niets veroorzaken. Als vrije wil niet bestaat is de schuldvraag sowieso niet aan de orde. Is oorzakelijkheid niet slechts een categorie van het denken? Misschien droom ik dit alleen maar. Misschien ben ik slechts het doek waarop deze film verschijnt. Bestaat dé waarheid eigenlijk wel? Misschien is alles wel waar en onwaar tegelijk. Misschien is alles wel waar noch onwaar. Misschien is ‘alles’ ook maar een woord. Misschien dit, misschien dat – nou ben ik het zat.’

‘En toen?’

‘En toen was ik weer thuis.’

vinger naar de maan


Keerzijden

‘Wat is niet weten?’
‘Overal de keerzijden van zien.’
‘Ook van de keerzijden?’
‘Ook.’
‘Dan ben je nooit meer ergens helemaal vóór!’
‘Dat is inderdaad de keerzijde.’
‘Of tegen.’
‘Dat is inderdaad de keerzijde.’
‘Dan ben je nooit meer helemaal neutraal.’
‘Dat is inderdaad de keerzijde.’
‘Dan hoor je nooit meer ergens helemaal bij.’
‘Dat is inderdaad de keerzijde.’
‘Dan sta je nooit meer ergens helemaal buiten.’
‘Allemaal keerzijden.’
‘Veelzijdig hoor.’
‘En wat is daarvan de keerzijde?’
‘Nou?’
‘Veelzijdigheid is best eenzijdig.’
‘Verdraaid.’
‘Dus wat je ermee opschiet?’
‘Ik zou het ook niet weten.’
‘Maar om dat nou een keerzijde te noemen.’
‘Wat zijn de keerzijden van niet weten?’
‘Niet weten heeft geen keerzijden.’
‘Hoe kan dat nou!’
‘Niet weten heeft geen zijden.’
‘Onzijdig hoor.’


Koekepeer van de lege leer

Onbetwistbaar een overgevoelige huilebalk die van een vlo al uit balans raakt, ben ik tegelijk absoluut zeker, maar waarvan?
Nergens van.
Of, om dit nergens een fantasienaam te geven: van de lege leer.

De lege leer is een bijzondere leer want hij heeft geen leerstellingen.
Dus ook niet dat je niets kunt weten.
Ook niet dat je niet moet oordelen of dat je best mag oordelen maar alleen in de wereld van het relatieve of dat je daar iets over te zeggen hebt of dat je er niets over te zeggen hebt.
Ook niet dat er alleen maar dit is of dat of dat alles eigenlijk zus is of zo.
Ook niet dat waarheid niet bestaat of dat de waarheid voorbij de woorden is of dat alles relatief is of dat het relatieve opkomt en ondergaat in het absolute.
Ook niet dat god wel bestaat of niet bestaat of dat zijn al dan niet bestaan niet bewezen kan worden of dat hij voorbij bestaan en niet-bestaan is.
Ook niet dat we allemaal al boeddha’s zijn of kunnen worden als we maar lang genoeg hard genoeg ons best doen of dat alles leeg is of afhankelijk ontstaat of dat dat niet zo is of dat we ons daar niet druk over moeten maken, of wat dan ook.

Als leer is de lege leer enig in zijn soort.
Je kunt hem niet aanleren, je kunt hem niet afleren.
Je kunt hem niet kennen, je kunt hem niet ontkennen.
Je kunt hem niet verstaan, je kunt hem niet misverstaan.
Je kunt hem niet bewijzen, je kunt hem niet ontkrachten.
Je kunt hem niet aanvallen, je kunt hem niet verdedigen.
Je kunt hem niet aanhangen, je kunt hem niet afvallen.
Je kunt hem niet opleggen, je kunt hem niet verbieden.
Je kunt hem niet ontvangen, je kunt hem niet weggeven.
Je kunt hem niet hebben, je kunt hem niet kwijtraken.
Je kunt er niets om doen, je kunt er niets om laten.
Je kunt er niets mee opwekken, je kunt er niets mee bezweren.
Je kunt er niets mee wettigen, je kunt er niets mee veroordelen.
Je kunt er niemand mee zegenen, je kunt er niemand mee vervloeken.
Je kunt er niemand mee bevrijden, je kunt er niemand mee vangen.
Je kunt er niemand mee helen, je kunt er niemand mee kwetsen.
Je kunt er niemand mee verheffen, je kunt er niemand mee neerhalen.
Ongelofelijk.
Ik bedoel, kom er maar eens om.
De lege leer: klaar ben je ermee.
En hij bestaat niet eens!

pij in de wilgen