Bodhisattvageloften voor iedereen en niemand

‘Ik zal iedereen bevrijden’, belooft de bodhisattva, maar wie dan, en waarvan? Wat je belooft is wat je gelooft; bodhisattvageloften voor iedereen en niemand.

Dwaalgids > Zen > Bodhisattvageloften voor iedereen en niemand

Superbodhi, verlosser van alle levende wezens

Aanrader: Help ons uit de droom (maar laat ons onze dromen)

Lees ook: Voorbij goed en kwaad, De vrije wil, De lege moraal, De lege gelofte, Losers voor verlossers, Als de put verdronken is.

Wat betekenen bodhisattva en bodhicitta?

In het Sanskriet betekent bodhi verlichting, sattva wezen en citta geest.

Een bodhisattva is in het boeddhisme iemand die

  1. verlicht is, of
  2. streeft naar verlichting, en
  3. andere wezens bijstaat op hun weg naar verlichting.

Een bodhisattva wordt ook wel omschreven als iemand in wie de verlichtingsgeest (bodhicitta), werkzaam is.

Tip: Help ons uit de droom

Wat is boeddhistische verlichting? Samsara en nirwana

Onder verlichting verstaat de boeddhist een radicaal einde van begeerte en onwetendheid, dat wil zeggen:

  1. onthechting en
  2. inzicht.

Onthechting waarvan? Ideeën, overtuigingen, idealen, plannen, eigendommen, je lichaam, gezondheid, dierbaren, mensen, dieren, dingen, seks, drugs, rock ’n roll, rituelen, kortom alles waar je aan gehecht kan zijn, inclusief de Boeddha, de dharma en de sangha.

Inzicht waarin? Dat verschilt per boeddhistische school en stroming. Denk aan inzicht in je vorige levens, in de werking van karma en wedergeboorte, in de werking van de geest, in de vier edele wetten, in de leegte, in de middenweg, in de drie bestaanskarakteristieken, in de boeddhanatuur, in het universele bewustzijn.

Als er een einde komt aan begeerte en onwetendheid, komt er volgens de boeddhistische leer ook een einde aan je lijden, voor zover dat tenminste wordt veroorzaakt door begeerte en onwetendheid. Je hoeft dan nooit meer wedergeboren te worden in het aardse tranendal dat samsara (Sanskriet: in cirkels ronddraaien) heet. Vanaf dat moment ben je (in) nirwana (Sanskriet: uitgedoofd, onbeweeglijk).

Tip: Vrede sluiten met je onvrede

Wat is de bodhisattvagelofte?

Alle bodhisattva’s streven naar verlichting voor zichzelf, maar het streven van de bodhisattva naar verlichting voor alle andere wezens is karakteristiek voor het mahayana (maha, groot, yana, voertuig, mahayana, het grote voertuig). Het komt tot uitdrukking in de zogeheten bodhisattvagelofte:

Hoe talrijk de wezens ook zijn, ik beloof ze alle te bevrijden.

De bijbehorende geestesgesteldheid is die van metta (liefdevolle vriendelijkheid), karuna (mededogen), mudita (medevreugde) en uphekka (gelijkmoedigheid), met de nadruk op mededogen.

‘Hoe talrijk de wezens ook zijn, ik beloof ze alle te bevrijden’ is de eerste en vanuit mahayanaperspectief gezien de belangrijkste van de Vier Geloften van de Bodhisattva (Japans: shiguseigan):

  1. Hoe talrijk de wezens ook zijn, ik beloof ze alle te bevrijden.
  2. Hoe monsterlijk de begeerten ook zijn, ik beloof ze alle te weerstaan.
  3. Hoe geleerd de dharma’s ook zijn, ik beloof ze alle te verwerven.
  4. Hoe volmaakt de boeddha’s ook zijn, ik beloof ze alle te evenaren.

Het woord bodhisattvagelofte kan zowel naar elke afzonderlijke gelofte als naar alle vier tegelijk verwijzen.

Tip: De Linji lu voor dummy’s

Wat is het verschil tussen mahayana en hinayana?

Het mahayanaboeddhisme (zie boven) is geen school maar een stroming of liever een concept dat in meerdere of mindere mate van toepassing is op een aantal zeer verschillende boeddhistische scholen en tradities, waaronder Zuiver Land, chan en zen.

Tegenover het mahayana staat het hinayana (‘hina’, klein en ‘yana’, voertuig; het kleine voertuig) waarin het accent ligt op de eigen bevrijding.

Hinayana wordt vaak gezien als een dysfemisme, een scheldwoord dus, waarmee mahayanaboeddhisten hun minachting uitdrukken voor de zelfzuchtigheid van iedereen, met name de theravadin, die de bodhisattvagelofte in engere zin (‘hoe talrijk de wezens ook zijn, ik beloof ze alle te bevrijden’) niet tot de spil van zijn beoefening maakt.

Theravada wordt door zijn beoefenaars gewoonlijk beschouwd als het oorspronkelijke boeddhistische voertuig, mahayana juist als een verwaterd allemansboeddhisme van misleide pseudoboeddhisten die het contact met de enige echte dhamma zijn kwijtgeraakt.

Welke van deze twee zienswijzen, mahayana en theravada, getuigt volgens jou het meest van inzicht in de werkzaamheid van de geest?

Op deze pagina bekijken we de bodhisattvagelofte niet alleen vanuit mahayana- en hinayanaperspectief maar van alle kanten, vooral de keerzijden. Zo kunnen mensen door het afleggen van de bodhisattvagelofte in gewetensnood komen, getuige de volgende correspondentie.

Tip: Vrije wil, onvrije wil en ongewilde vrijheid

De bodhisattvagelofte voor niemand

Help, ik moet de wereld verlossen!

Beste Hans,
Ik schrijf je omdat ik momenteel in een crisis verkeer. Ik weet niet of ik het een spirituele of een existentiële crisis moet noemen. In het kort komt het hierop neer dat ik mij tekort voel schieten jegens de mensheid. De bodhisattvagelofte die ik heb afgelegd is te groot voor mij. Ik wil de wereld redden en ik kan het niet. Er was en er is in mij een diep verlangen om de mensen te verlossen uit hun lijden, maar als ik terugblik op mijn leven moet ik vaststellen dat ik niet meer dan een druppel op een gloeiende plaat ben geweest. Nu ik met rasse schreden de pensioengerechtigde leeftijd nader, zie ik mijn window of opportunity langzaam sluiten.

Ik heb een lange zoektocht achter de rug waarmee ik je niet wil vermoeien. Tot mijn ontsteltenis heb ik op enig moment moeten vaststellen dat er geen Lennaert is. Mijn persoon – echtgenoot, huisarts, psychiater, onderzoeker – is een illusie. Er is geen subject, er is geen object en geen relatie daartussen. Er is alleen maar zien. Alleen maar waarnemen. Alleen maar denken. In dat denken voltrekken zich schijnbare gebeurtenissen rondom een schijnbare hoofdrolspeler die vanuit de eerste persoon enkelvoud de schijnbare wereld inkijkt. Dit is de laatste en de enige waarheid en dit, in een notendop, is het resultaat van mijn zoektocht.

Ik mediteer zoveel mogelijk en ervaar dan, eventjes of uren achtereen, goddelijke eenheid. Maar dat gevoel houdt nooit stand. Mijn hooggespannen verwachtingen aangaande mijn rol in dit leven zijn niet uitgekomen en dat laat me niet meer los. Ik heb gefaald. Ik heb beloofd alle wezens te redden maar ik kan het niet. Deze gedachte verscheurt me en zo kom ik keer op keer in de afgescheidenheid terecht van waaruit ik überhaupt niets meer voor anderen kan betekenen.

Telkenmale neem ik mij voor het Werk van Byron Katie te doen wanneer ik uit de eenheid glip, maar het blijft bij een voornemen. En zo ben ik de wereld, die ik uit zijn lijden wilde verlossen, zelf tot last geworden.

Ik schrijf jou, Hans, omdat je mij een lieve, vrije, eerlijke man lijkt die zijn woorden niet inslikt. Je hoeft mijn problemen niet voor mij op te lossen. Het volstaat dat ik ze met je heb kunnen delen. Waarvoor mijn hartelijke dank.

In eenheid, Lennaert

Beste Lennaert,
Omdat ik je niet ken, kan ik niet beoordelen of jouw spirituele of existentiële crisis niet een lichamelijke of psychische oorzaak heeft, laten we zeggen darmkanker of een grote depressie. Ik besef dat je medicus en psychiater bent maar er zijn veel voorbeelden van artsen, psychologen en psychiaters die hun eigen problemen niet onderkenden. Laat ik er gemakshalve maar even van uitgaan dat je gedachten een goede weergave zijn van wat er nu met je lijkt te gebeuren.

Wat je hebt ontdekt tijdens je zoektocht is, begrijp ik, dat je niemand bent en dat er alleen maar waarnemen is, alleen maar denken. Dit denken tovert je een wereld voor die niet werkelijk bestaat. Het denken is dus onbetrouwbaar en moet worden doorzien.

Laten we de onbetrouwbaarheid van het denken even als uitgangspunt nemen. Hoe weet je dan dat je niemand bent? Is dat niet nog steeds een gedachte? Hoe weet je dat het denken je een wereld voortovert? Is dat niet nog steeds een gedachte? Hoe weet je dat er alleen maar denken is? Is dat niet nog steeds een gedachte?

Het komt mij voor dat je de filosofie van het materialisme hebt verruild voor de filosofie van het idealisme, de filosofie van het dualisme voor de filosofie van het monisme, de filosofie van het ik voor de filosofie van het zelf, of moet ik zeggen, de filosofie van het zelf voor de filosofie van geen-zelf – hoe dan ook, de ene filosofie voor de andere. Het ene denken voor het andere. De ene illusie voor de andere?

Als omgekeerd het denken toch niet per definitie onbetrouwbaar is dan moet je mij eens uitleggen hoe je hebt kunnen vaststellen dat de gedachte een persoon te zijn illusoir is, en tegelijkertijd de gedachte dat er alleen maar eenheid is, de waarheid. Op welke autoriteit beroep je je daarbij? Is er een bevoorrecht type denken of logica of waarnemen of ervaren of kennen dat inzake levensvragen wél betrouwbare resultaten oplevert? Of kan je daarvoor terugvallen op een autoriteit buiten het denken, zoals de kerk of de bijbel of de upanishaden of de soetra’s of god zelf of de levende waarheid in de vorm van een goeroe of het ware zelf of iets dergelijks? Zo ja, hoe autoriseer je die autoriteit zonder meteen weer op het denken terug te vallen?

Dan is er de kwestie van het redden van ‘de wereld’. Waarom denk je dat de wereld gered moet worden? Waarom denk je dat de wereld gered kán worden? Wat is er mis met de wereld dat hij gered moet worden? Als de wereld van de persoon illusoir is, welke wereld is het dan die gered moet worden? Hoe kan iemand zonder ‘ik’ lijden onder zijn onvermogen om de wereld te redden? Toch alleen doordat hij een wereld heeft bedacht die gered moet worden, en een persoon, hijzelf, die dat moet doen?

Je zegt dat je de hooggespannen verwachtingen die je van het leven had, niet lijkt te gaan realiseren. Misschien zijn die verwachtingen niet zozeer hooggespannen als wel overspannen. Misschien – ik speculeer – zijn het wel de ijzeren tralies van de gevangenis die je, toen je dat in een eerdere fase van je leven nodig had, een bestaansreden verschaften tegen een nu te betalen prijs. Het komt mij voor dat je op dit moment niet zozeer je bestaansreden als wel je spirituele zelfbeeld en je spirituele wereldbeeld aan het verliezen bent. Vanuit jouw standpunt gezien een hoge of misschien wel de hoogste prijs. Vanuit niet weten gezien zwijnen voor de paarlen.

Inderdaad, Lennaert, zou je telkens wanneer je uit de eenheid glipt het werk van Byron Katie kunnen doen. Bijvoorbeeld zo:

‘Alles is één.’

1. Is dat waar?
2. Kan ik dat wel weten?
3. Wat gebeurt er als ik dat geloof?
4. Wie zou ik zijn zonder die gedachte?
5. Keer het om.

‘Ik moet voortdurend in eenheid zijn.’

1. Is dat waar?
2. Kan ik dat wel weten?
3. Wat gebeurt er als ik dat geloof?
4. Wie zou ik zijn zonder die gedachte?
5. Keer het om.

‘Ik moet de wereld verlossen.’

1. Is dat waar?
2. Kan ik dat wel weten?
3. Wat gebeurt er als ik dat geloof?
4. Wie zou ik zijn zonder die gedachte?
5. Keer het om.

‘Ik moet mijn bestaan rechtvaardigen.’

1. Is dat waar?
2. Kan ik dat wel weten?
3. Wat gebeurt er als ik dat geloof?
4. Wie zou ik zijn zonder die gedachte?
5. Keer het om.

En voor de zekerheid ook meteen maar:

‘Mijn bestaan behoeft geen rechtvaardiging.’

1. Is dat waar?
2. Kan ik dat wel weten?
3. Wat gebeurt er als ik dat geloof?
4. Wie zou ik zijn zonder die gedachte?
5. Keer het om.

Mocht het Werk zelf als een loden last op je schouders drukken, overweeg dan eens:

‘Het Werk kan mij helpen om mijn doelen te realiseren.’

1. Is dat waar?
2. Kan ik dat wel weten?
3. Wat gebeurt er als ik dat geloof?
4. Wie zou ik zijn zonder die gedachte?
5. Keer het om.

En:

‘Ik kan zelf bepalen of ik het Werk doe of niet.’

1. Is dat waar?
2. Kan ik dat wel weten?
3. Wat gebeurt er als ik dat geloof?
4. Wie zou ik zijn zonder die gedachte?
5. Keer het om.

Het spijt me dat ik verder geen troostende of zalvende woorden voor je heb. Niet-weten is geen mooi verhaal, maar het vuur waarin alle verhalen – mooi, lelijk en neutraal – verbranden.

Het verhaal dat er een ik is, bijvoorbeeld. Maar ook het verhaal dat er geen ik is.

Het verhaal dat er een materiële werkelijkheid is, bijvoorbeeld. Maar ook het verhaal dat er alleen maar denken is.

Het verhaal dat we in een wereld vol tegenstellingen leven, bijvoorbeeld. Maar ook het verhaal dat alles één is.

Het verhaal dat de wereld gered moet worden, bijvoorbeeld. Maar ook het verhaal dat de wereld niet gered kan of hoeft te worden.

Het verhaal dat je iets kunt weten, bijvoorbeeld. Maar ook het verhaal dat je niets kunt weten. En ook het verhaal dat niet weten geen mooi verhaal is, maar het vuur waarin alle verhalen, mooi of lelijk en neutraal, verbranden. Weg ermee. En weg ook met het weg ermee.

Heb ik je nu teleurgesteld?

Beste Hans,
Opnieuw heb je je woorden niet ingeslikt, en inderdaad heb je mijn problemen niet voor mij opgelost. Teleurgesteld ben ik geenszins. Integendeel, jouw brief heeft mij weer lucht gegeven.

In eenheid, Lennaert

Tip: Byron Katie voor Workaholics.

De hinayanagelofte (de bodhisattvagelofte voor theravadins)

Hoe talrijk de mahayanaboeddhisten ook zijn, ik beloof ze allen te bevrijden van de bodhisattvagelofte.

Tip: Wat is zen?

De bodhisattvagelofte voor goedgelovigen

Hoe talrijk mijn aannames ook zijn, ik beloof er niet in mee te gaan.

Monnik: ‘Hoe talrijk de levende wezens ook zijn, ik beloof ze alle te bevrijden. Hoe onpeilbaar de oorzaak van het lijden ook is, ik beloof die geheel te verwijderen.’

Meester: Je veronderstelt nogal wat.

Monnik: Ik niet. Dat was de bodhisattvagelofte.

Meester: Die veronderstelt nogal wat.

Monnik: Wat dan?

Meester: Dat er levende wezens zijn, dat je die kunt onderscheiden van dode wezens en van levenloze materie, dat die veronderstelde wezens lijden, dat jij weet wat lijden is, dat dat lijden ongewenst is, dat er een oorzaak voor is, dat die verwijderd kan worden, dat het redden van de een niet ten koste hoeft te gaan van de ander, dat er een jij is met een vrije wil die beloften kan doen en zich daaraan kan houden, enzovoort.

Monnik: Jemig.

Meester: Zeker weten dat al die aannames geoorloofd zijn?

Monnik: Maar dat is toch de dharma?

Meester: Is dat een reden om het allemaal voetstoots aan te nemen?

Monnik: Hoe luidt de bodhisattvagelofte zonder aannames?

Meester: Dat verschilt per persoon.

Monnik: In mijn geval?

Meester: ‘Hoe talrijk mijn aannames ook zijn, ik beloof er niet in mee te gaan.’

Monnik: Aha.

Meester: Maar ja…

Monnik: Nee hè.

Meester: Wat dat allemaal weer niet veronderstelt.

Tip: Het regressieprobleem

De bodhisattvagelofte voor boeddha’s

Fluisteren twee boeddha’s:

‘Ik zeg niks.’

‘Zeg dat niet.’

‘Hoe talrijk de wezens ook zijn.’

‘Zeg dat wel.’

Tip: Het Stilte-evangelie

Bodhisattvageloften op maat

Hoe ik vormgeef aan mijn compassie

Beste Hans,
Bezien door de bril van het boeddhisme ben jij het prototype van een pratyekaboeddha; een solist die zijn eigen verlichting nastreeft. Maar er is meer dan verlichting. Ben jij bekend met de bodhisattva Avalokiteshvara die het mededogen belichaamt? Of misschien ken je hem onder een andere naam. In het Chinees heet hij Guanyin, Kwannon, Kwanyin, Guanshiyin of Guanyin Pusa; in het Japans Kanzeon of Kannon, in het Tibetaans Chenrezig.

De belangrijkste gelofte die de mahayanaboeddhist aflegt is mijns inziens de bodhisattvagelofte:

Hoe talrijk de levende wezens ook zijn, ik beloof ze alle te bevrijden.

Hoe geef jij, los van niet-weten.nl, vorm aan jouw compassie?

Beste Douwe,
Hoe talrijk de bodhisattva’s ook zijn, ik beloof ze allen te bevrijden van de bodhisattvagelofte.

Douwe: Geloof jij niet in mededogen of geloof je niet in geloften?

Hans: Hoe talrijk de boeddhisten ook zijn, ik beloof ze allen te bevrijden van hun geloften.

Douwe: Ik geloof niet in cynisme.

Hans: Hoe talrijk de cynici ook zijn, ik beloof ze allen te bevrijden van hun cynisme.

Douwe: Dat klinkt al boeddhistischer.

Hans: Hoe talrijk de boeddhisten ook zijn, ik beloof ze allen te bevrijden van de Boeddha.

Douwe: Ik geloof ook niet in nihilisme.

Hans: Hoe talrijk de nihilisten ook zijn, ik beloof ze allen te bevrijden van hun nihilisme.

Douwe: ‘Dood de Boeddha’, is dat waar je op doelt?

Hans: Hoe talrijk de boeddhadoders ook zijn, ik beloof ze allen te doden.

Tip: Zen, leegte en nihilisme

Apologie van een bodhisattva

‘Waarom wil jij mensen bevrijden van hun bodhisattvagelofte, Hans?’

‘Vanwege mijn bodhisattvagelofte.’

Tip: Apologie voor mijn apologie van niet-weten

Bodhisattva zonder mededogen

Reconstructie van een deconstructie

Beste Hans,
Jij hebt het regelmatig over niet-weten als een radicale deconstructie van alle begrippen. Hoe zit dat met compassie? Is niet-weten volgens jou een vorm van mededogen of juist een radicale deconstructie ervan?

Beste Keyon
Daar het vanuit een radicaal niet-weten ondoenlijk is mensen langer dan de duur van een gedachte in een hokje te stoppen, te stigmatiseren of voor je karretje te spannen, zou je niet-weten inderdaad kunnen omschrijven als een vorm van mededogen of althans zachtmoedigheid in de omgang, zij het ongezocht en ongedwongen – eerder een bijkomend voordeel of een doekje voor het bloeden dan een vooropgezet doel of een persoonlijke prestatie.

Omdat je vanuit een radicaal niet-weten (of vanuit boeddhistische leerstellingen als leegte, niet-zelf en afhankelijk ontstaan) nauwelijks kunt geloven in entiteiten als ‘jij’ en ‘ik’, laat staan in een of andere welbepaalde relatie daartussen, zou je niet-weten inderdaad kunnen omschrijven als een radicale deconstructie van mededogen (karuna) – en meteen ook maar van liefdevolle vriendelijkheid (metta), medevreugde (mudita) en gelijkmoedigheid (uphekka). Omgekeerd zou je mededogen kunnen omschrijven als een radicale deconstructie van ieder weten en niet-weten.

Maar wat je ook over mededogen zegt, je zult het terug moeten nemen, anders beperk je de oneindige ruimte die haar voorwaarde en verwerkelijking is. En wat je ook over niet-weten zegt, je zult het terug moeten nemen, anders is het geen niet weten meer, maar weten van niet weten.

Keyon: Goeiendag.

Hans: Jij bent begonnen.

Keyon: Misschien heb ik door de formulering van mijn vraag inderdaad meer voorkennis gesuggereerd dan ik in huis heb. Stel nu eens dat ik daar niet over beschik.

Hans: In dat geval betekent niet-weten simpelweg dat je het allemaal niet meer weet, dat je het allemaal niet meer uit elkaar kunt houden en je daarom niet meer druk kunt maken over zaken als mededogen, meedogenloosheid, weten, niet-weten, constructie, destructie, deconstructie en hun overeenkomsten en verschillen, zelfs als je dat nog zou willen. Je bent niet meer bezig met het cultiveren van het een en het onderdrukken van het ander, en ook niet met het onderdrukken van het cultiveren of het cultiveren van het onderdrukken.

Keyon: Wat betekent dat in de praktijk van alledag?

Hans: Dat je laat wat je doet en doet wat je laat en lacht als je haat en zit als je staat.

Keyon: Maar wat moet ik me nou precies voorstellen bij een radicale deconstructie van mededogen, of althans van het begrip mededogen?

Hans: Goeiendag.

Keyon: Ik wou het toch nog eens proberen.

Hans: Om te beginnen het ontmantelen van de sleutelbegrippen ‘ik’, ‘jij’ en ‘wereld’.

Volgens de boeddhistische doctrine van de leegte (sunyata) zijn alle dingen en alle begrippen leeg, dat wil zeggen zonder eigen wezen of werkzaamheid. ‘Ik’ en ‘jij’ en ‘wereld’ zijn illusies, schijngestalten van een realiteit waarin alles met alles verweven is en die zich volgens deze doctrine alleen correct laat omschrijven als niet-ik, niet-jij en niet-wereld.

Zonder ik geen vrije wil. Zonder vrije wil is mededogen niet meer dan een verschijnsel onder verschijnselen dat afhankelijk ontstaat en afhankelijk vergaat en niet gecultiveerd kan of hoeft te worden. Zonder spoor kan een trein niet rijden. Einde deconstructie.

Keyon: Logisch.

Hans: Het zwakke punt in dit verhaal is natuurlijk de doctrine van de leegte die als hij onjuist is geen hout snijdt en als hij juist is aan zijn eigen waarheid – de leegte van de leegte – ten onder gaat.

Keyon: Ik denk dat ik begrijp wat je zegt. Er moet een wereld zijn met een ik en een jij voordat de een mededogen kan hebben met de ander. Zonder ik, jij en wereld verwijlen wij in iets dat je eigenlijk alleen maar eenheid kunt noemen. In eenheid is er alleen maar het tijdloze. Het onveranderlijke. Niet-ik. Niet-jij. Niet-wereld. Leegte. Het ene kan alleen gekend kan worden door niet-weten. Is dat wat je bedoelt met deconstructie?

Hans: En dan nog de begrippen ‘tijdloos’, ‘onveranderlijk’, ‘eenheid’, ‘niet-ik’, ‘niet-jij’, ‘niet-wereld’, ‘leegte’ en ‘niet-weten’ deconstrueren. En ‘deconstructie’, niet te vergeten. Want we leveren natuurlijk geen half werk.

Keyon: Dat snap ik niet. Verlichting is toch de gang van illusie naar werkelijkheid? Van samsara naar nirwana? Van het geconditioneerde naar het ongeconditioneerde? Van het relatieve naar het absolute? Van twee naar niet-twee? Van het vele naar het ene? Van het menselijke naar het goddelijke?

Hans: Van tijdgebonden naar tijdloos is alleen maar het vervangen van het ene begrip door het andere.

Keyon: Geen begrip maar intuïtie, zou ik zeggen. Ervaring. Inzicht. Wijsheid.

Hans: Mij best. Dan zeg ik, van tijdgebonden naar tijdloos is alleen maar het vervangen van de ene intuïtie door de andere. Van de ene ervaring door de andere. Van het ene inzicht door het andere. Van de ene wijsheid door de andere. Of hoe je het maar noemen wilt. Van de regen in de drup, wat schiet je ermee up?

Keyon: Van veranderlijk naar onveranderlijk.

Hans: Idem dito.

Van ik naar niet-ik – idem dito.
Van jij naar niet-jij – idem dito.
Van wereld naar niet-wereld – idem dito.
Van vorm naar leegte – idem dito.
Van weten naar niet-weten – idem dito.
Van constructie naar deconstructie – idem dito.
Van fout naar goed – idem dito.
Van onverlicht naar verlicht – idem dito.
Van illusie naar werkelijkheid – idem dito.
Van samsara naar nirwana – idem dito.
Van het geconditioneerde naar het ongeconditioneerde – idem dito.
Van het relatieve naar het absolute – idem dito.
Van twee naar niet-twee – idem dito.
Van het vele naar het ene – idem dito.
Van het menselijke naar het goddelijke – idem dito.

Keyon: Bedoel je dat we alle zienswijzen moeten loslaten?

Hans: Van vasthouden naar loslaten – idem dito.

Keyon: Radicale bevrijding dus.

Hans: Van gebondenheid naar vrijheid – idem dito.

Keyon: Wat blijft er dan nog over?

Hans: Waarvan?

Keyon: Wat kun je dan nog zeggen?

Hans: Waarover?

Keyon: Waarheen wijst jouw vinger?

Hans: Naar niet wijzen?

Keyon: Is dat een vraag of een antwoord?

Hans: Wat jij wil.

Keyon: En de maan?

Hans: Die is naar de maan.

Keyon: Een duidelijk antwoord graag: bestaat mededogen of bestaat het niet?

Hans: Is een duidelijke vraag ook goed? Wie zou er bij ontstentenis van ik, jij en een wereld mededogen moeten hebben met wie? Aan de andere kant, wie zou er bij ontstentenis van niet-ik, niet-jij en geen-wereld het bestaan van mededogen moeten ontkennen of het niet-bestaan ervan moeten bevestigen?

Keyon: Dus?

Hans: Is er geen bestaan van mededogen en geen niet-bestaan van mededogen en geen bestaan-en-niet-bestaan van mededogen en geen bestaan-noch-niet-bestaan van mededogen. Om ook maar eens tetralemma te gebruiken.

Dit moet je niet lezen als een bewering over de wereld of een motie van wantrouwen jegens de gehanteerde begrippen, maar als een schouderophalen over alles wat je maar over de wereld en haar begrippen zou kunnen beweren, bevestigend of ontkennend.

Keyon: Jij bent meedogenloos.

Hans: Als dat geen mededogen is…

Lees ook de Diamantsoetra voor dummy’s, Mediteren zonder mediteren.

Bodhisattvageloften voor doordenkers

1. Bodhisattvagelofte voor beginners

Hoe talrijk de wezens ook zijn, ik beloof ze alle te bevrijden.

2. Bodhisattvagelofte voor mingevorderden

Hoe talrijk de wezens ook zijn, ik beloof ze alle te bevrijden van de gedachte dat ze bevrijding behoeven.

3. Bodhisattvagelofte voor gevorderden

Hoe talrijk de wezens ook zijn, ik beloof ze alle te bevrijden van de gedachte dat ze bevrijding behoeven van de gedachte dat ze bevrijding behoeven.

4. Bodhisattvagelofte voor vergevorderden

Hoe talrijk de wezens ook zijn, ik beloof ze alle te bevrijden van de gedachte dat ze bevrijding behoeven van de gedachte dat ze bevrijding behoeven van de gedachte dat ze bevrijding behoeven.

5. Bodhisattvagelofte voor bodhisattva’s

Hoe talrijk de wezens ook zijn, ik beloof niets.

6. Bodhisattvagelofte voor bodhisattva’s voorbij alle bodhisattva’s

Hoe talrijk de wezens ook zijn.

Bevrijd ons van de bevrijders

Van de regen in de drup

Connie: Heb jij de bodhisattvagelofte al afgelegd?

Hans: Ik kon het niet over mijn hart verkrijgen.

Connie: ‘Hoe talrijk de wezens ook zijn, ik beloof ze alle te redden.’

Hans: En ze hebben het al zo moeilijk.

Verlos ons van de verlossers

Tip: De Intergalactische Waarheidsconferentie

Waarvan moeten de wezens eigenlijk bevrijd worden?

Monnik: Hoe talrijk de wezens ook zijn, ik beloof ze alle te bevrijden.

Meester: Oei.

Monnik: Ja, daar ben je wel even zoet mee.

Meester: Waarvan moeten de wezens eigenlijk bevrijd worden?

Monnik: Oei.

Meester: Van het lijden zeker weer.

Monnik: Dat in elk geval.

Meester: Van de bodhisattva’s?

Monnik: Twee vliegen in één klap.

Meester: Van de bodhisattva-gelofte?

Monnik: Dat is pas vrijheid.

Meester: Van de gedachte dat ze bevrijd moeten worden van de bodhisattva-gelofte?

Monnik: Dat kan ook nog.

Meester: Van het boeddhisme?

Monnik: Uiteindelijk wel.

Meester: Van de Boeddha?

Monnik: Dood de Boeddha.

Meester: Van de boeddhadoder?

Monnik: Komt er dan nooit een eind aan?

Meester: Ik zou het anders ook niet weten.

Monnik: Als u het al niet weet.

Meester: Of misschien wel van hun onwetendheid.

Monnik: Wat maakt het ook uit.

Meester: Wat?

Monnik: Hoe talrijk de wezens ook zijn, ik beloof ze alle te bevrijden.

Meester: Oei.

Tip: Goeroes, goeroelopers en ouwehoeroes

Shiguseigan 1.0 – 5.0: ‘Ik beloof dat ik niets beloof’

Shiguseigan 1.0

Hoe talrijk de wezens ook zijn, ik beloof ze alle te bevrijden.
Hoe monsterlijk de driften ook zijn, ik beloof ze alle te weerstaan.
Hoe geleerd de dharma’s ook zijn, ik beloof ze alle te verwerven.
Hoe volmaakt de boeddha’s ook zijn, ik beloof ze alle te evenaren.

Shiguseigan 2.0

Hoe talrijk de wezens ook zijn, ik beloof ze alle van mij te bevrijden.
Hoe monsterlijk de driften ook zijn, ik beloof ze alle te onderkennen.
Hoe geleerd de dharma’s ook zijn, ik beloof ze alle te weerstaan.
Hoe volmaakt de boeddha’s ook zijn, ik beloof ze alle te doden.

Shiguseigan 3.0

Hoe talrijk de wezens ook zijn, ik beloof niets
Hoe monsterlijk de driften ook zijn, ik beloof niets.
Hoe geleerd de dharma’s ook zijn, ik beloof niets.
Hoe volmaakt de boeddha’s ook zijn, ik beloof niets.

Shiguseigan 4.0

Ik beloof niet dat ik niets beloof.

Shiguseigan 5.0 en hoger

Tralala.

Tip: Verder, verder! Reistips voor spirituele zoekers

Shocktherapie

‘Is niet weten een vorm van psychotherapie?’

‘In niet weten gaat ieder idee van ik en niet-ik verloren.’

‘Wat wil je daarmee zeggen?’

‘Wie of wat zou er dan nog behandeld moeten worden?’

‘Ik noch niet-ik?’

‘In niet weten gaat ieder idee van ziek en gezond verloren.’

‘Wat wil je daarmee zeggen?’

‘Wat zou dan nog het doel van de behandeling kunnen zijn?’

‘Ziek noch gezond worden?’

‘In niet weten gaat ieder idee van doel en middel verloren.’

‘Ik geef me gewonnen.’

‘In niet weten gaat ieder idee van winnen en verliezen verloren.’

‘Dan weet ik het ook niet meer.’

‘In niet weten gaat ieder idee van weten en niet weten verloren.’

‘Zo te horen gaat in niet weten ieder idee verloren.’

‘ ’t Idee.’

Tip: Wegen naar de onbekende vraag

Heiltherapie

‘Word je van niet weten een beter mens?’

‘In niet weten gaat ieder idee van beter en slechter verloren.’

‘En?’

‘Hoe zou je er dan beter van kunnen worden?’

‘Misschien bedoelde ik niet zozeer beter als wel menselijker.’

‘In niet weten gaat ieder idee van menselijk en onmenselijk verloren.’

‘Zo te horen word je er geen heilige van.’

‘In niet weten gaat…’

‘Ieder idee van heilig en profaan verloren, ja ja.’

‘Jij zegt het.’

‘Wat zou jij zeggen?’

‘In niet weten gaat ieder idee van verloren gaan verloren.’

‘Het verloren gaan gaat ook verloren?’

‘Aan de lopende band.’

‘En dan is alles weer gewoon?’

‘In niet weten gaat ieder idee van gewoon en ongewoon verloren.’

Tip: Wat is non-dualiteit?

De dwaasheid voorbij alle dwaasheid

‘Is heilig noch profaan een goede omschrijving van de staat van niet weten?’

‘Wie zegt dat niet weten een staat is?’

‘Is heilig noch profaan een goede omschrijving van niet weten?’

‘Hoe moet ik dat weten?’

‘Jij weet toch alles van niet weten?’

‘Ik weet er minder van dan wie ook.’

‘Ik dacht dat jij hier de expert was.’

‘Ik – weet – niets – van – niet – weten.’

‘Ach, natuurlijk.’

‘Wat natuurlijk?’

‘De waarheid is voorbij de woorden.’

‘De wát?’

‘De waarheid.’

‘Welke waarheid?’

‘De waarheid van niet weten.’

‘Hoor nou toch eens wat je zegt.’

‘Wat zeg ik dan?’

‘Niet weten heeft geen bal met waarheid te maken.’

‘Hoe bedoel je?’

‘Waarheid is iets wat je zeker weet. Iets waarover geen enkele twijfel bestaat. Hoe kan niet weten nou waarheid zijn?’

‘De wijsheid van niet-weten is…’

‘Niet weten heeft niets met wijsheid te maken, uilskuiken.’

‘Zelfs niet met de wijsheid voorbij alle wijsheid?’

‘Je stapelt de ene dwaasheid op de andere.’

‘Is wijs noch dwaas een goede omschrijving van de staat van niet-weten?’

Tip: Dwijsheid, vrijplaats tussen dwaasheid en wijsheid

Malamolens voor verlossers

Vijf eeuwigdurende meditaties

Eerste meditatie: denken

laat de waan niet
aan de mensen
laat de maan niet
aan de schijn
laat ze denken
zonder denken
laat ze worden
wat ze zijn, dus

laat de waan maar
aan de mensen
laat de maan maar
aan de schijn
laat ze denken
wat ze denken
laat ze wezen
wat ze zijn, dus

bis

Tweede meditatie: weten

laat de waan niet
aan de mensen
laat de maan niet
aan de schijn
laat ze weten
zonder weten
laat ze worden
wat ze zijn, dus

laat de waan maar
aan de mensen
laat de maan maar
aan de schijn
laat ze weten
wat ze weten
laat ze wezen
wat ze zijn, dus

bis

Derde meditatie: willen

laat de waan niet
aan de mensen
laat de maan niet
aan de schijn
laat ze willen
zonder willen
laat ze worden
wat ze zijn, dus

laat de waan maar
aan de mensen
laat de maan maar
aan de schijn
laat ze willen
wat ze willen
laat ze wezen
wat ze zijn, dus

bis

Vierde meditatie: hebben

laat de waan niet
aan de mensen
laat de maan niet
aan de schijn
laat ze hebben
zonder hebben
laat ze worden
wat ze zijn, dus

laat de waan maar
aan de mensen
laat de maan maar
aan de schijn
laat ze hebben
wat ze hebben
laat ze wezen
wat ze zijn, dus

bis

Vijfde meditatie: voelen

laat de waan niet
aan de mensen
laat de maan niet
aan de schijn
laat ze voelen
zonder voelen
laat ze worden
wat ze zijn, dus

laat de waan maar
aan de mensen
laat de maan maar
aan de schijn
laat ze voelen
wat ze voelen
laat ze wezen
wat ze zijn, dus

bis

Laat de waan niet aan de mensen, laat de maan niet aan de schijn

Aanbevolen herhalingen per meditatie: 108 of een veelvoud daarvan.
Gebruik eventueel een mala of rozenkrans om de tel bij de houden.
Je kunt de woorden denken, prevelen, fluisteren, chanten of declameren.
Uitschreeuwen mag ook, maar denk om de buren.
Geoefenden laten de woorden weg.

Deze tekst is ook gepubliceerd in het Boeddhistisch Dagblad.

Lees ook: Mediteren zonder mediteren.