Dood de Boeddha! Zen, leegte en nihilisme

‘Het boeddhisme is een van de weinige wijsheidstradities die zijn eigen overstijging tot leerstuk heeft verheven – Dood de Boeddha!’ Vissen in een lege vijver; dwaalteksten over zen, leegte, nihilisme en niet-weten.

Dwaalgids > Zen > Dood de Boeddha! Zen, leegte en nihilisme

Dood de Boeddha!

Verder lezen: De illusie van de illusie, Metafysica in een wezenloze wereld, De wolk van niet-weten (over immanentie, transcendentie en neo-platonisme), De Diamantsoetra (met name het nawoord over de leegte van de leegte) en het voorwoord van De Hartsoetra

Verder, verder!

Yanyang: Wat als je niks meer hebt?

Zhaozhou: Weg ermee.

Yanyang: Ik heb niks meer, zeg ik u.

Zhaozhou: Sleep het dan maar met je mee.

(koan 277 uit The True Dharma Eye)

Een aanbeveling

Leerling: Wat weet u eigenlijk van de Boeddha?

Meester: Minder dan wie ook.

Leerling: En van de leegte?

Meester: Idem dito.

Leerling: Dat lijkt me geen aanbeveling.

Meester: Integendeel.

Tip: Wat is niet-weten?

De gelijkenis van het vlot

Dood de Boeddha, begin bij jezelf. Of dood jezelf en begin bij de Boeddha. Heb je jezelf en de Boeddha gedood, dood dan de boeddhadoder. Of gaat dat vanzelf?

Het boeddhisme is een van de weinige wijsheidstradities die zijn eigen overstijging tot leerstuk heeft verheven. ‘Dood de Boeddha’, heet het, en ‘sunyata-sunyata’, de leegte van de leegte.

In de Diamantsoetra staat:

Daarom verkondigt de Tathagata altijd: ‘O bhikshu’s, weet dat mijn leringen vergeleken moeten worden met een vlot. Zelfs een dharma moet worden opgegeven, des te meer een niet-dharma.”

In de Alagaddupama-Sutta wordt deze gelijkenis uitgewerkt:

“Stel dat een man die op reis is een grote stroom ziet, waarvan de oever aan zijn kant gevaarlijk, angstaanjagend is en de tegenoverliggende oever veilig en er is geen veerpont of een brug om over te steken. Hij zou zo denken: “Als ik nu eens gras, stukken hout, takken en bladeren zou verzamelen, een vlot zou bouwen en met behulp van dat vlot, peddelend met handen en voeten, veilig en wel naar de overkant zou oversteken?” Hij zou dat doen en aan de overkant aangekomen zou hij dit denken: “Dit vlot is een grote hulp voor me. Als ik het nu eens op mijn hoofd of mijn schouders zou tillen en verder zou gaan?”

Wat denken jullie, zou die man doen wat er met dat vlot gedaan moet worden?”

“Zeker niet, Heer!”

“Hoe zou die man dan wel moeten handelen?”

“Welnu, die man zou, als hij overgestoken is, zo kunnen denken: “Ditvlot is een grote hulp voor me geweest. Als ik het nu eens op het droge zou trekken of op het water laten wegdrijven en zelf verder zou gaan?” Zo handelend zou die man doen wat er met dat vlot gedaan moet worden. Net zo heb ik de Dhamma onderwezen, als te vergelijken met een vlot, bedoeld om mee over te steken, niet om vast te houden. De gelijkenis van het vlot begrijpend, moeten jullie zelfs de leringen opgeven, laat staan de dingen die in strijd zijn met de leringen.”

bron

De boeddhistische leer begrijpen is de boeddhistische leer doorzien.

De boeddhistische doorzien is de boeddhistische leer achter je laten.

De boeddhistische leer achter je laten is het toppunt van boeddhisme.

Noem dat desnoods de leer.

Op deze pagina wordt het doden van de Boeddha in de praktijk gebracht onder het motto dood de Boeddha, begin bij jezelf. Of dood jezelf en begin bij de Boeddha, ook goed. Dood jezelf en dood het Zelf. Dood het subject, dood het object. Heb je jezelf en het Zelf en het subject en het object en de Boeddha en wat al niet gedood, in welke volgorde ook, dood dan de boeddhadoder. Of gaat dat dan vanzelf?

Hoe dan ook: leve de Boeddha!

Lees ook: Wat is zen? Honderd definities, Prachtzen voor de prullenbak

Dood de Boeddha

Tradities zijn er om overstegen te worden

Leerling: Wat zou u zeggen tegen de boeddhist?

Meester: Dood de Boeddha.

Leerling: En tegen de hindoe?

Meester: Dood Brahman.

Leerling: En tegen de taoïst?

Meester: Dood de Tao.

Leerling: En tegen de mohammedaan?

Meester: Dood de Profeet.

Leerling: En tegen de derwisj?

Meester: Dood de Vriend.

Leerling: En tegen de gnosticus?

Meester: Dood Jezus.

Leerling: En tegen de christen?

Meester: Dood de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.

Leerling: En tegen de jood?

Meester: Dood JWHW.

Leerling: En tegen de chassidim?

Meester: Dood de Baal Shem Tov.

Leerling: En tegen de humanist?

Meester: Dood de Mens.

Leerling: En tegen de nihilist?

Meester: Dood het Niets.

Leerling: En tegen mij?

Meester: Dood mij.

De volgende dag

Leerling: Wat zou u zeggen tegen de boeddhist die de Boeddha heeft weten te doden?

Meester: Noem dat desnoods boeddhisme.

Leerling: En tegen de hindoe die Brahman heeft weten te doden?

Meester: Noem dat desnoods hindoeïsme.

Leerling: En tegen de taoïst die de Tao heeft weten te doden?

Meester: Noem dat desnoods taoïsme.

Leerling: En tegen de moslim die de Profeet heeft weten te doden?

Meester: Noem dat desnoods mohammedanisme.

Leerling: En tegen de derwisj die de Vriend heeft weten te doden?

Meester: Noem dat desnoods soefisme.

Leerling: En tegen de gnosticus die Jezus heeft weten te doden?

Meester: Noem dat desnoods gnosticisme.

Leerling: En tegen de christen die de Vader, de Zoon en de Heilige Geest heeft weten te doden?

Meester: Noem dat desnoods christendom.

Leerling: En tegen de jood die JWHW heeft weten te doden?

Meester: Noem dat desnoods jodendom.

Leerling: En tegen de chassidim die de Baal Shem Tov heeft weten te doden?

Meester: Noem dat desnoods chassidisme.

Leerling: En tegen de humanist die de Mens heeft weten te doden?

Meester: Noem dat desnoods humanisme.

Leerling: En tegen de nihilist die het Niets heeft weten te doden?

Meester: Noem dat desnoods nihilisme.

Leerling: Hoe zou u het noemen?

Meester: Zelf zeg ik liever niets.

Leerling: Ook niet tegen degene die u heeft weten te doden?

Meester: Dat is wat anders.

Leerling: Wat zou u dan zeggen?

Meester: Opgeruimd staat netjes.

Lees ook: Verder, verder! Reistips voor spirituele zoekers

Dood Nietzsche

Beweringen weerleggen zonder beweringen

Beste Hans,

Zoekend naar nieuwe perspectieven op spiritualiteit stuitte ik op het proefschrift Nietzsche and Zen. Self-overcoming without a Self van hoogleraar boeddhistische filosofie André van der Braak. In dit boek interpreteert hij zen als een niet-propositionele weg naar een niet-propositionele waarheid. Ik moest meteen aan jou denken.

Zou jij een spiritueel niet-weten omschrijven als een niet-propositionele waarheid? Zo ja, zou dat dezelfde kunnen zijn als de niet-propositionele waarheid van zen? Is niet-weten net als zen behalve een niet-propositionele waarheid tevens een niet-propositionele weg? Zo ja, wat houdt deze weg precies in en wat is het verschil met de niet-propositionele weg van zen?

Beste Izumi,

‘Niet-weten is een niet-propositionele waarheid’ is een propositie. Als deze propositie waar is behoort ze per definitie niet tot het niet-weten dat ze probeert te definiëren.

Wat is dat eigenlijk, een niet-propositionele waarheid, en wat is precies het verschil met een niet-propositionele onwaarheid dan wel leugen? Boeiende besognes die in bruisende breinen tot briljante boeken vol pakkende proposities leiden.

Mij pakken ze niet meer; sinds mijn palingwording kan niets of niemand mij nog boeien. Ik al helemaal niet. Een kwestie van spartelen en spelen – dartele spiritualiteit.

Sowieso bedient de dwijze zich niet van proposities of van non-proposities maar van opposities. Spreken hoeft niet meer, behalve soms eens tegen. Zijn gedachten zijn als contrapunten bij de punten van de wijze. Hij biedt tegenwicht aan diens gewicht, om het evenwicht te bewaren. Om zich van gewichtigheid te vrijwaren. Om zijn gewichtloosheid te verzwaren.

Ik vrees dat je in een lege vijver zit te vissen. Probeer het anders eens bij André.

Izumi: Zie jij zen als een niet-propositionele waarheid?

Hans: ‘Zen is een niet-propositionele waarheid’ is een propositie. Als deze propositie waar is behoort ze per definitie niet tot de zen die ze probeert te definiëren.

Wat is dat eigenlijk, een niet-propositionele waarheid, en wat is precies het verschil met een niet-propositionele onwaarheid? Boeiende besognes die in bruisende breinen tot briljante boeken vol pakkende proposities leiden.

Ik vrees dat je in een lege vijver zit te vissen. Probeer het anders eens bij André.

Izumi: Even afgezien van de niet-propositionele waarheid, is niet-weten volgens jou net als zen een niet-propositionele weg?

Hans: Wat moet iemand die afziet van de niet-propositionele waarheid met een niet-propositionele weg?

Izumi: André van der Braak schrijft over Nietzsche, de filosoof van het nihilisme, maar allemachtig, jij kan er ook wat van.

Hans: Nihilisme is de niet-lege leer dat er geen grondwaarheden bestaan. Als deze propositie waar is dan bestaat er toch een grondwaarheid en is ze alsnog onwaar. Een prachtparadox waarin het fijn filosoferen is, maar geen niet-weten.

Ik vrees dat je in een lege vijver zit te vissen. Probeer het anders eens bij André.

Izumi: Is dit soms een voorbeeld van een niet-propositionele weg?

Hans: Eerder een voorbeeld van een propositionele niet-weg.

Izumi: In zijn proefschrift voert André een ch’anmeester ten tonele, ene Linji, die stelt dat verlichting verwijst naar een waarheid voorbij de woorden.

Hans: Nooit van gehoord.

Izumi: Ha ha.

Hans: Waarheid is een woord. Verlichting is een woord. Voorbij de woorden is een woord.

Izumi: ‘Verlichting verwijst naar een waarheid voorbij de woorden’ is een propositie, wou je zeggen. En als die propositie waar is, dan behoort ze per definitie niet tot de verlichting die ze definieert.

Hans: ‘Verlichting’ ook niet. Als die propositie al waar is.

Izumi: André heeft het in zijn ondertitel over ‘Self-overcoming without a Self’. Ben jij het met hem eens dat wij geen zelf hebben en daarom voor de paradoxale opdracht staan zelfloos het illusoire zelf te doorzien?

Hans: Om nog maar te zwijgen over het illusoire niet-zelf.

Izumi: Dat wij geen zelf hebben is volgens jou ook een illusie?

Hans: Tenzij dat ook een illusie is.

Izumi: Bedoel je dat zelf en niet-zelf beide illusoir zijn? Geen atman, geen anatman?

Hans: Geen idee.

Izumi: Werk nou eens een beetje mee.

Hans: Probeer het eerst maar bij André.

Andre van der Braak met Nietzschesnor

André van der Braak bekleedt sinds 2012 de Nicolaas Pierson-leerstoel voor ‘Boeddhistische filosofie in dialoog met andere levensbeschouwelijke tradities’ aan de Vrije Universiteit Amsterdam. In 2004 promoveerde hij op Hoe men wordt wat men is: zelfvervolmaking, zelfoverwinning en zelfvergetelheid bij Nietzsche. (Nietzsche and Zen. Self-overcoming without a Self).

Een eerdere versie van deze tekst is samen met de volgende gepubliceerd in het Boeddhistisch Dagblad als ‘Nietzsche noch zen; beweringen weerleggen zonder beweringen’.

Lees ook: Wat is spirituele verlichting? Het denken doorzien

Dood de bodhisattva

Die buik is camouflage; daarmee verbergt hij zijn leegte tot de mensen eraan toe zijn.

De lallende Basta

Dit is de Lachende Boeddha alias Maitreya, de ongeboren bodhisattva die lucht en licht wil brengen in bedompte bovenkamers en duistere achterkamers.

Dit is ook de Lallende Basta alias Friedrich Nietzsche, de doodgeboren filosoof die lucht en licht wil brengen in bedompte bovenkamers en duistere achterkamers.

Zijn denken is een kango, zijn zitten is een tango, zie je zo. Hij popelt om op te staan en aan de slacht te gaan.

Die snor is natuurlijk camouflage; daarmee verbergt hij zijn lach tot de mensen eraan toe zijn.

Die buik is ook camouflage. Daarmee verbergt hij zijn leegte tot de mensen eraan toe zijn, en de leegte van zijn leegte tot hij er zelf aan toe is.

En die broek?

Lees ook: Bodhisattvageloften

Dood de boeddhadoder

Steeds opnieuw beginnen

Leerling: Leve de Boeddha!

Meester: Dood de Boeddha!

Jaren later

Leerling: Dood de Boeddha!

Meester: Dood de Boeddhadoder!

Jaren later

Leerling: Dood de Boeddhadoder!

Meester: Leve de Boeddha!

Lees ook: De Linji lu

Dood de leerling

Spreek alles tegen, ook het tegenspreken

1.

Leerling: Spreek alles tegen!

Meester: Daar ben ik het niet mee eens.

Leerling: Waarom niet?

Meester: Dan zit je daar weer in vast.

2.

Leerling: Laat alles los!

Meester: Daar ben ik het niet mee eens.

Leerling: Waarom niet?

Meester: Dan zit je daar weer in vast.

3.

Leerling: Volg geen voorschriften!

Meester: Daar ben ik het niet mee eens.

Leerling: Waarom niet?

Meester: Dan zit je daar weer in vast.

4.

Leerling: Zit nergens in vast!

Meester: Daar ben ik het niet mee eens.

Leerling: Waarom niet?

Meester: Dan zit je daar weer in vast.

Leerling: Zit nergens in vast, zeg ik toch?

Meester: Je veronderstelt dat je het voor het zeggen hebt.

Leerling: Bedoelt u dat we geen vrije wil hebben?

Meester: Je veronderstelt dat we personen zijn die ergens over beschikken.

Leerling: Verwijst u naar de doctrine van geen zelf?

Meester: Jij met je doctrines.

Leerling: Bedoelt u dat we er geen doctrines op na mogen houden?

Meester: Natuurlijk niet.

Leerling: Waarom niet?

Meester: Dan zit je daar weer in vast.

Lees ook: Meester Schaap en Broeder Ezel

Dood meester Hans

En ga er gezellig naast hangen

Lijsje: Waarom geef jij altijd van die korte, nietszeggende antwoorden?

Hans: Doe ik dat?

Lijsje: Dat bedoel ik nou.

Hans: Het was anders een vraag.

Lijsje: Wat is daar de bedoeling van?

Hans: Waarvan?

Lijsje: Zie je wel?

Hans: Zeker weten dat er een bedoeling achter zit?

Lijsje: Wat kan anders de reden zijn?

Hans: Dat zou ik ook weleens willen weten.

Lijsje: Volgens mij hang jij de zenmeester uit.

Hans: Hang hem liever op.

Lijsje: Wat?

Hans: En ga er gezellig naast hangen.

Lijsje: Zo komen we nergens.

Hans: Waar wou je anders heen?

Lijsje: Bedoel je dat we er al zijn?

Hans: Wat dat weer niet veronderstelt.

Lijsje: Bedoel je dat we niet zijn?

Hans: Waarom stel jij altijd van die korte, nietszeggende vragen?

Lees ook: Meester ha-ha-Hans

Dood de boeddhist

Een anachronisme

Gilles: Ben jij boeddhist?

Hans: Was Boeddha boeddhist?

Gilles: Daar moet ik eens heel diep over nadenken.

Hans: En?

Gilles: Ik zou het oprecht niet weten.

Hans: Nou, ik ook niet.

Gilles: Heb je het nou over de Boeddha of over jezelf?

Hans: Daar moet ik eens heel diep over nadenken.

Lees ook: De Poortloze Poort

Dood het lichaam

Begripsvorming van vrijheid en vrijheid van begripsvorming tussen de dood en de vorige geboorte.

Beste Hans,

In De monnik en de filosoof (Asoka, 1998) vertelt de Tibetaans boeddhistische Fransman Matthieu Ricard wat we volgens hem meemaken na het overlijden van ons lichaam:

‘Achtereenvolgens zullen we een grote helderheid en gelukzaligheid ervaren en een toestand die vrij is van begripsvorming. Dat is het moment waarop we even in verbinding staan met het absolute. Een doorgewinterde beoefenaar is bij machte in deze absolute staat te blijven en het ontwaken te bereiken. Als dat niet lukt, gaat het bewustzijn naar de tussenstaat, die de periode tussen de dood en de volgende geboorte beslaat.’ (p327)

Ken jij de toestand die vrij is van begripsvorming?

Beste Javan,

Nee, vrij van begripsvorming ben ik eigenlijk nooit. Of het moest in de droomloze slaap zijn, maar hoe stel je zoiets vast? Wel lossen mijn begrippen bijna net zo snel op als ze zich vormen. Nou deze weer. Hetzelfde geldt voor mijn gedachten. Nou deze weer. Wat een mirakel. En ik heb er niet eens voor hoeven sterven. Of zou ik ongemerkt overleden zijn? Of zou ik nooit geboren zijn?

Dit een staat of toestand noemen is onzin, daar is het veel te beweeglijk voor. Dit het absolute noemen is eveneens onzin want dat is ook maar een begrip en daarom al net zo relatief als, bijvoorbeeld, het begrip ‘relatief’. Grote helderheid kan ik het ook al niet noemen, omdat mij uiteindelijk niets helder geworden is.
Dit ook niet. Daarom spreek ik liever van niet-weten.

Wat ik ook even recht wil zetten, voor het geval het scheef mocht staan: ik ben geen doorgewinterde beoefenaar van wat dan ook, behalve ademen (steeds sneller), praten (steeds dommer), eten (steeds minder) en slapen (steeds lichter). Laat staan dat ik juist dankzij mijn doorgewinterde beoefening bij machte zou zijn in niet weten te verblijven.

Dat geeft niks want niet weten vraagt geen enkele machtsuitoefening mijnerzijds. Ook van overgave is geen sprake. Eerder ben ik onmachtig eraan te ontsnappen. Dat geeft ook niks, want ik zit hier goed noch slecht, dat wil zeggen, best. Wie die ‘ik’ en waar dat ‘hier’ ook mogen wezen.

Nooit heb ik iemand gezien die vrij was van begripsvorming.

Ook Gautama Boeddha niet.
Ook Tenzin Gyatso, de veertiende dalai lama niet.
Ook Franciscus, de tweehonderdzesenzestigste paus niet.
Ook Jezus van Nazareth niet.
Ook Bhagwan Sri Rajneesh niet.
Ook Maezumi Roshi niet.
Ook Ramana Maharshi niet.
Ook Thich Nat Hahn niet (hoewel hij er nu misschien dichtbij is).

De eerste boeddhist die vrij is van begripsvorming moet waarschijnlijk nog geboren worden – of overlijden natuurlijk. Sterker nog, als je echt wil verdwalen in een ongecontroleerde wildgroei van begrippen moet je bij het boeddhisme wezen.

De eerste mysticus die vrij is van begripsvorming moet waarschijnlijk ook nog geboren worden. Sterker nog, als je echt wil verdwalen in een ongecontroleerde wildgroei van begrippen moet je bij de mystici wezen.

De eerste yogi die vrij is van begripsvorming moet waarschijnlijk ook nog geboren worden. Sterker nog, als je echt wil verdwalen in een ongecontroleerde wildgroei van begrippen moet je bij het hindoeïsme wezen.

De eerste non-dualist die vrij is van begripsvorming moet waarschijnlijk ook nog geboren worden. Sterker nog, als je echt wil verdwalen in een ongecontroleerde wildgroei van begrippen moet je bij de advaita vedanta wezen.

Alleen de allergrootste idioten zijn mogelijk vrij van begripsvorming. Voorwaar een benijdenswaardig lot. Of zou het een keuze zijn? Niet voor iemand die vrij is van begripsvorming, zou ik denken. Maar ja. Ik kan wel zoveel denken.

Overeenkomstig de diepste inzichten van broeder Ricard en zijn Tibetaanse leermeesters wens ik jou en iedereen die verbinding zoekt met het absolute een spoedige dood toe.

Javan: Grapjurk.

Hans: Staat mij beter dan een lijkwade, al zeg ik het zelf.

Javan: En hoe zit het met de gelukzaligheid waarmee de ‘toestand die vrij is van begripsvorming’ gepaard zou gaan?

Hans: Nogmaals, ik ben niet vrij van begripsvorming en nogmaals, niet weten is voor mij geen toestand. Noch gaat niet weten steeds gepaard met dezelfde gemoedstoestand.

Javan: Met welke gemoedstoestand gaat jouw niet-weten zoal gepaard?

Hans: Bij mij begon het met een paar weken van stille euforie, toen een paar maanden van stille verbijstering, vervolgens een half jaar van stil verdriet, toen een paar jaar van stille gelatenheid en daarna een paar jaar van stil geluk. Het laatste jaar is er sprake van stille jubel. Het moet niet veel gekker worden.

Wat de toekomst brengen zal, weet ik niet. Alles is welkom, en zo niet dan toch. Mijn gemoedstoestand deed en doet voor mij niet ter zake. Voor zover ik kan nagaan ben ik nooit uit geweest op innerlijke vrede, liefdevolle vriendelijkheid, universeel mededogen, sereniteit, heerlijkheid, gelukzaligheid, dankbaarheid, onverstoorbaarheid, extase en noem maar op.

Ik wou alleen maar weten wat waar was, écht waar – of het me nou uitkwam of niet. Tot ik na een halve eeuw van zoeken, vinden, kwijtraken en weer verder zoeken uit het niets de geest gaf, uit de fles ontsnapte, hoe zeg je dat?

Met ‘de geest’ bedoel ik hier gewoon het hele arsenaal van zelfbeelden, lichaamsbeelden, mensbeelden, wereldbeelden, godsbeelden, boeddhabeelden, heiligenbeelden, voorbeelden, wensbeelden, ideaalbeelden, schrikbeelden, doodsbeelden en weet ik veel wat voor denkbeelden waarmee ik tevergeefs trachtte – ja, wat eigenlijk? Al die verhalen over wie, wat, waar, wanneer, hoe en waarom. Tjonge jonge. Nou dit verhaal weer. Weg ermee.

Niks ‘even in verbinding staan met het absolute’ maar een radicale ontbinding van zowel ‘het relatieve’ als ‘het absolute’. Om over ‘radicale ontbinding’ nog maar te zwijgen. Anders bereiken we nooit de toestand die vrij is van begripsvorming waarin we gelukzaligheid en grote helderheid ervaren.

Een eerdere versie van deze tekst is gepubliceerd in het Boeddhistisch Dagblad als ‘In ontbinding’.

Lees ook: Denkbeeldenstorm! en Wat is mystiek?

Dood de boeddhanatuur

gesteld dat er zoiets is

Ilona: Helder inzicht in de boeddhanatuur vraagt volledige beheersing van de geest.

Hans: Dat gaat je de rest van je leven kosten.

Ilona: Desnoods.

Hans: En dan nog een paar honderd of duizend of miljoen levens, als we de leer van de wedergeboorte mogen geloven.

Ilona: Ze zeggen het.

Hans: Zou je niet eerst eens je aannames onderzoeken?

Ilona: Welke dan, bijvoorbeeld?

Hans: Dat je een geest hebt, bijvoorbeeld.

Ilona: En als dat niet het geval mocht zijn?

Hans: Wat valt er dan nog te beheersen?

Ilona: Welke aannames nog meer?

Hans: Dat je een vrije wil hebt, bijvoorbeeld.

Ilona: En als dat niet het geval mocht zijn?

Hans: Wat valt er dan nog te streven?

Ilona: Welke aannames nog meer?

Hans: Dat je een boeddhanatuur hebt, bijvoorbeeld. Dat je daar helder inzicht in kan krijgen, bijvoorbeeld. Dat je dan beter af bent, bijvoorbeeld.

Ilona: Potverdrie.

Hans: Nou neem je weer aan dat er iets mis is en dat je onderscheid kan maken tussen mis en raak.

Ilona: Ik voel me zo stom.

Hans: Nou neem je weer aan dat dit gesprek iets over jou zegt en dat er een jij is waarover iets gezegd kan worden.

Ilona: Wat zie jij alles toch helder.

Hans: Nou neem je weer aan dat ik gelijk heb en dat er een ik is die ergens gelijk in kan hebben.

Ilona: Wou jij beweren van niet?

Hans: Nou neem je weer aan dat ik ongelijk heb of dat er geen ik is of dat die ik nergens gelijk in kan hebben..

Ilona: Niets aannemen is het devies?

Hans: Wat dát weer niet veronderstelt.

Ilona: Hoe zou jij het noemen?

Hans: Geen idee.

Ilona: Jij zou het ‘geen idee’ noemen?

Hans: Doe dan maar helder inzicht in de boeddhanatuur

Lees ook: Wat is de mind?

Dood het zelf

want niemand anders kan het voor je doen

Corry: Zou je kunnen zeggen dat jouw ego is opgeslokt door het Zelf?

Hans: Zeker, net als het Zelf.

Corry: Wat is daarmee?

Hans: Ook opgeslokt.

Corry: Misschien had ik moeten zeggen, door niet-zelf?

Hans: Ook opgeslokt.

Corry: Door het Ene, het Ware, het Hoogste, het Absolute, Zoheid, Boeddhanatuur?

Hans: Allemaal opgeslokt.

Corry: Misschien had ik moeten zeggen, door de Gewone Geest, de Oorspronkelijke Geest, de Grote Geest, de Weetnietgeest, de Lege Geest, Geen-geest?

Hans: Allemaal opgeslokt.

Corry: Niet-weten dan?

Hans: Opgeslokt en uitgekakt.

Corry: O, ik snap het al.

Hans: Ook dat nog.

Corry: Je bedoelt natuurlijk de concepten.

Hans: In tegenstelling tot?

Corry: De Geleefde Werkelijkheid.

Hans: Ook opgeslokt.

Corry: Zo blijft er niets… aha… Het Niets. De Leegte. Sunyata?

Hans: Opgeslokt.

Corry: Is opslokken dan het enige wat overblijft?

Hans: Burp.

Tip: Ben je jezelf of het zelf?

Dood de vraag

Daar komen alleen maar antwoorden van

Sandor: Wie ben ik?

Hans: Klinkt als een retorische vraag.

Sandor: Dat heb je goed gezien.

Hans: En hoe luidt het retorische antwoord?

Sandor: Het is het ík dat antwoord eist; het is het ík dat moet worden doorzien.

Hans: Het is de vráág die antwoord eist; het is de vráág die moet worden doorzien.

Sandor: En het ik dan?

Hans: Ook die vraag moet worden doorzien.

Sandor: Maar het was toch het ik dat moest worden doorzien?

Hans: Ook die vraag moet worden doorzien.

Sandor: Zijn wij dan niet het ware zelf?

Hans: Ook die vraag moet worden doorzien.

Sandor: Of is alles zonder zelf?

Hans: Ook die vraag moet worden doorzien.

Sandor: Wat als alle vragen zijn doorzien?

Hans: Ook die vraag is dan doorzien.

Sandor: Is er dan geen antwoord meer?

Hans: Ook die vraag is dan doorzien.

Sandor: Tja, dan weet ik het ook niet meer.

Hans: Ook dat antwoord is dan doorzien.

Sandor: Omdat alles is doorzien?

Hans: Zelfs dát wordt dan doorzien.

Sandor: Een heldere visie, zonder meer.

Hans: Heb je hem al doorzien?

Sandor: Klinkt als een retorische vraag.

Hans: Dat heb je goed gezien.

Sandor: En hoe luidt het retorische antwoord?

Hans: Wie ben ík?

Lees ook: Wie ben je? Zelfbeelden, mensbeelden en drogbeelden

Dood het verstand

Wijsheid is van alle markten thuis

‘Ik ben mezelf!’ zegt het dualistisch verstand.

‘Ik ben het zelf!’ zegt het hindoeïstisch verstand.

‘Niets heeft een zelf!’ zegt het boeddhistisch verstand.

Want wijsheid is van alle markten thuis.

Lees ook: Zoeken naar het einde van het zoeken

Dood Atman

Het zelf als ongeschapen schipper, eerste oorzaak, hoogste doel en laatste verklaring. Onze Vader die in Nirwana zijt – waar hebben we dat eerder gehoord?

Dat volgens het boeddhistisch verstand niets een zelf heeft, zoals ik hierboven (in ‘Dood het verstand’) schreef, is niet helemaal waar. Heel wat boeddhisten, misschien wel de meeste, geven tegenwoordig een typisch preboeddhistisch, dat wil zeggen hindoeïstisch antwoord op de vraag ‘Wie ben ik?’

Zij weten zich het Ware Zelf, de Oorspronkelijke Geest, Big Mind™, het Onuitsprekelijke waarmee nu zelfs de oningewijde dankzij de wonderen van 4G voice dialogue draadloos kan communiceren.

Hun leer is een mengleer, laten we hem hinboedisme dopen, of hinboeddhisme, of atmanboeddhisme, of advayayana, of boeddhamystiek, of non-dualistisch boeddhisme, of dualistisch non-boeddhisme – maakt niet uit, zolang de postgautamische dubbelzennigheid maar eenpuntig tot uitdrukking komt.

In dit dubbelisme wordt onderscheid gemaakt tussen het relatieve, dat door en door zelfloos zou zijn, en het absolute, dat door en door zelvig zou zijn. Eénzelvig, om precies te zijn, ongeboren, onvergankelijk, onveranderlijk en alomvattend, waardoor het als zelf van al het zelfloze kan dienen, als weeshuis voor wezenlozen, als thuishaven voor windjammers. Het zelf als ongeschapen schipper, eerste oorzaak, hoogste doel en laatste verklaring. Onze Vader die in Nirwana zijt – waar hebben we dat eerder gehoord?

Neoplatonisme heet deze oerchristelijke zienswijze, die Meister Eckhart ten slotte in het gat van de godheid zou drijven, en de godheid in het gat van Meister Eckhart, en beiden in de behaarde handen van de inquisitie, maar dat is allang niet chique meer. Zen, noemen de Franciscanen en de Benedictijnen en de Clarissen nu het bloed van Christus, en het smaakt weer opperbest.

Als je het mij vraagt, is alles wat er van het neoplatonisme kon worden gezegd en ontkend al in de vijfde eeuw na Christus gezegd en ontkend. Door ene Pseudo-Dionysius, nou, dan weet je het wel. Maar wie ben ik?

Een eerdere versie van de vorige drie dwaalteksten (‘Dood de vraag’, ‘Dood het verstand’ en ‘Dood atman’ is gepubliceerd in het Boeddhistisch Dagblad als ‘Dubbelzennigheid.

Lees ook: Brieven zen; de dharma voorbij

Dood de leer

Een wijze van zwijgen (bij wijze van spreken)

vissen-zonder-aas

Beste Hans,

Ben jij niet gewoon een nihilist, net als iedere boeddhist?

Beste Fritjof,

Nihilist?

Fritjof: Je weet wel: er is geen god, er is geen ziel enzovoort.

Hans: Er is geen god, er is geen ziel enzovoort heet atheïsme. Er is een god, er is een ziel enzovoort heet theïsme. We kunnen niks bewijzen over god en ziel et cetera heet agnosticisme. Wie niet weet is geen theïst, geen atheïst en geen agnosticus. Wat maakt dat mij, denk jij?

Fritjof: Onder nihilisme versta ik de leer die de mogelijkheid om te komen tot een stellige overtuiging of tot grondwaarheden op ethisch, wijsgerig, spiritueel, religieus of sociaal gebied ontkent. Alles is leeg. Er is geen subject. Er is geen weg. Er valt niets te realiseren. Alle waarheid is subjectief. Iedere moraal is grondeloos. God bestaat niet. Vooruitgang is een illusie.

Hans:

Ik weet niet dat alles leeg is, ik weet ook niet van niet.

Ik weet niet dat er een subject is, ik weet ook niet van niet.

Ik weet niet dat er een weg is, ik weet ook niet van niet.

Ik weet niet dat er iets te realiseren valt, ik weet ook niet van niet.

Ik weet niet dat alle waarheid subjectief is, ik weet ook niet van niet.

Ik weet niet dat alle moraal grondeloos is, ik weet ook niet van niet.

Ik weet niet dat god bestaat, ik weet ook niet van niet.

Ik weet niet dat vooruitgang een illusie is, ik weet ook niet van niet.

Ik weet niet dat het mogelijk is om te komen tot een stellige overtuiging of tot grondwaarheden op ethisch, wijsgerig of sociaal gebied, ik weet ook niet van niet.

Ik weet niet dat termen als alles, subject, weg, waarheid, moraal, god, vooruitgang, illusie en grondwaarheid met iets werkelijks corresponderen, ik weet ook niet van niet.

Ik weet niet dat je dit alles niet kunt weten, ik weet ook niet van niet.

Daar heb ik vrede mee, vrede van jewelste.

Wat maakt dat mij, denk jij?

Fritjof: Wat heeft het voor zin om op deze manier te spreken?

Hans: Ik weet niet dat het zin heeft om op deze manier te spreken, ik weet ook niet van niet. Ook daar heb ik vrede mee, vrede van jewelste.

Fritjof: Wat is volgens jou het verband tussen niet-weten en nihilisme?

Hans: Tja.

Fritjof: Is dat alles?

Hans: Voor de grap zou je niet weten kunnen definiëren als een hypernihilisme dat zelfs het nihilisme nietig verklaart. Hypernihilisme is dan niet alleen het toppunt van nihilisme maar ook, en in dezelfde mate, dat wil zeggen totaal en onherroepelijk, het einde ervan. Zoals het ook meteen, totaal en onherroepelijk het einde van zichzelf is. Opgeruimd staat netjes.

Fritjof: Volgens mij komt jouw lege leer in wezen neer op nihilisme.

Hans: De lege leer komt niet in wezen neer op nihilisme of obscurantisme of quiëtisme of subjectivisme of relativisme of perspectivisme of scepticisme of pyrronisme of situationisme of anti-intellectualisme of irrationalisme of agnosticisme of anarchisme of sunyavada of madhyamaka of yogachara of advaeta dvaeta advaeta vedanta of welk geloof of opgeschort geloof of ongeloof ook, hoe subtiel of minimalistisch ook. Anders zou het geen lege leer zijn maar een leer over een of andere vorm van leegte.

De lege leer komt ook niet in wezen neer op een weerlegging of tegenhanger van welk geloof of opgeschort geloof of ongeloof ook, hoe subtiel of minimalistisch ook. Anders zou het geen lege leer zijn maar een leer over een of andere vorm van niet-leegte.

Fritjof: Wat is de lege leer dan wel?

Hans: Een gimmick. Een blinker. Aas zonder aas. Een non-entiteit. Een gedachte, meer niet. Of zullen we het een wijze van denken noemen? Dat wil zeggen, een wijze van zwijgen. Bij wijze van spreken.

Fritjof: Een wijze van denken?

Hans: Een katalysator die het denken smeert en in beweging houdt, maar bij gebrek aan inhoud zelf geen verbindingen aangaat. Bij wijze van spreken.

Fritjof: Dus jij bent wel een boeddhist maar geen nihilist?

Hans: Boeddhist?

Een eerdere versie van tekst is gepubliceerd in het Boeddhistisch Dagblad als ‘Aas zonder aas’.

Lees ook: De lege leer

Dood de leegte

De leegte van de leegte

1.

Viola: Wat is volgens jou de essentie van het boeddhisme?

Hans: Rare vraag voor een boeddhist.

Viola: Volgens mij is sunyata de essentie van het boeddhisme.

Hans: Raar antwoord voor een boeddhist.

Viola: Vanwege die essentie zeker.

Hans: Zeker. Om over sunyata maar te zwijgen.

Viola: Omdat sunyata zelf sunyata is, zeker.

Hans: Zeker.

Viola: Sunyata-sunyata.

Hans: Raar woord voor een boeddhist.

Viola: Omdat sunyata-sunyata ook weer sunyata is, zeker.

Hans: Zeker.

Viola: Sunyata-sunyata-sunyata.

Hans: Enzovoort.

Viola: Niemand gaat zo ver als jij.

Hans: Ik hoef nergens heen.

Viola: Raar.

Hans: Al ben ik nergens thuis.

Viola: Heel raar.

Hans: Raar raar, waar ben ik.

Viola: Volgens mij ben jij een echte boeddhist.

Hans: Raar woord voor een boeddhist.

Viola: Vanwege dat echt, zeker.

Hans: Zeker. Om over boeddhist maar te zwijgen.

2.

Akio: Wat is de essentie van het boeddhisme?

Hans: De Boeddha.

Akio: Wat is de essentie van de Boeddha?

Hans: Sunyata.

Akio: Wat is de essentie van sunyata?

Hans: Sunyata.

Akio: De leegte is zelf leeg?

Hans: Als sunyata algemeengeldig is wel.

Akio: En als sunyata niet algemeengeldig is?

Hans: Dan helemaal.

Akio: Wat blijft er dan nog over?

Hans: Waarvan?

Akio: Als sunyata de essentie van sunyata is?

Hans: Ik zou het ook niet weten.

Akio: Niets?

Hans: Zelfs niet niets.

Akio: Zelfs niet niets is de essentie van sunyata?

Hans: In wezen wel.

Akio: En sunyata is de essentie van de Boeddha?

Hans: In wezen wel.

Akio: En de Boeddha is de essentie van het boeddhisme?

Hans: In wezen wel

Akio: Dus de essentie van het boeddhisme is zelfs niet niets?

Hans: Ik zou het anders ook niet weten.

Lees ook: Help ons uit de droom (maar laat ons onze dromen)

Dood de Diamantsoetra

met behulp van de Diamantsoetra

Nicolle: Wat is de essentie van de Diamantsoetra?

Hans: Inessentie.

Nicolle: Doel je op de leegte?

Hans: En op de leegte van de leegte.

Nicolle: Het begrip leegte is zelf leeg?

Hans: Weg ermee.

Nicolle: De Diamantsoetra is geen soetra?

Hans: De Diamantsoetra is een diamant.

Nicolle: Wat voor diamant?

Hans: Een diamantmes.

Nicolle: Hoe kan dat?

Hans: Een diamantmes is zelf een diamant.

Nicolle: Wat kan je daarmee wegsnijden?

Hans: Alles.

Nicolle: Zelfs de Diamantsoetra?

Hans: En zelfs het diamantmes.

Nicolle: Maar wat is nou de essentie van de Diamantsoetra?

Hans: Ja dat is nou de essentie van de Diamantsoetra.

Lees ook: De Diamantsoetra

Dood de Hartsoetra

De soetra zonder hart

Stephan: Wat is de essentie van de Hartsoetra?

Hans: Gate gate paragate parasamgate.*

Stephan: Wat betekent dat?

Hans: Alles achter je laten.

Stephan: Behalve de Hartsoetra, zeker.

Hans: Die ook.

Stephan: Behalve het achterlaten dan?

Hans: Dat ook.

Stephan: Behalve het Zelf?

Hans: Dat ook.

Stephan: Behalve niet-zelf?

Hans: Dat ook.

Stephan: Zo hou je niets over.

Hans: Dat ook niet.

Stephan: Maar moet ik de Hartsoetra nou achter me laten of juist niet?

Hans: Ik zou het ook niet weten.

Stephan: Maar wat is nou de essentie van de Hartsoetra?

Hans: Ja dat is nou de essentie van de Hartsoetra.

* Sanskriet; letterlijk ‘gegaan, gegaan, voorbij gegaan, volledig voorbij gegaan’, op deze website hertaald als ‘verder, verder, almaar verder, zelfs het verder gaan voorbij’

Lees ook: De Hartsoetra

Dood de illusie

Fatale strategieën

Beste Hans,

Goeie greep uit Baudrillard’s Fatale Strategieën.1 Ik herken de teksten meteen, want het zijn ook de teksten die het meest indruk op mij gemaakt hebben.

Je cv begon leuk maar zo te zien verval je aan het einde toch weer in het oncomfortabele en verwoede zin- en waarheidsvinden.

Beste Simon,

Geen woord teveel hè? Wat denk jij, getuigen de fatale strategieën van Baudrillard van een oncomfortabel en verwoed zin- en waarheidsvinden zijnerzijds? Getuigt jouw lectuur van en instemming met Baudrillard’s getuigenis van een oncomfortabel en verwoed zin- en waarheidsvinden jouwerzijds? En je lectuur van mijn website?

Simon: Nee nee, ik ben niet zo bezig met zin- en waarheidszoeken. Hou me meer bezig met … eh … ‘ont-kennen’ en zal daarom wel vaker op jouw website stuiten.

Hans: Geeft ont-kennen zin aan je leven?

Simon: Om het met Nietzsche te zeggen (weer van jouw site): De ‘ware wereld’, hoe men die tot dusver ook heeft geconcipieerd – het was steeds de schijnbare wereld nog een keer.2

Hans: De ‘ware wereld’, hoe men die tot dusver ook heeft geconcipieerd – het was steeds de schijnbare wereld nog een keer – is dit dan wel de ware wereld, of de schijnbare wereld nog een keer?

filosofen

Zes maanden later

Simon: Om nog even terug te komen op ‘De Ware Wereld’ … Plato was wrong! We moeten verder in de grot der simulakra! Baudrillard: ‘Alleen het simulakrum is waar.’ Toch?

Hans: Is dat waar of is het nog steeds het simulakrum?

Simon: De iconoplasten vermoedden een ware wereld achter de beelden en de iconoclasten vermoedden dat de beelden niets verborgen … maar het simulakrum is noch waar noch on-waar … verificatie overbodig …

Hans: Zeg dat wel. Welk simulakrum eigenlijk?

Simon: Nietzsche: ‘einde van de ware wereld’ of: ‘hoe de ware wereld een fabel werd’.

Hans: De ware wereld is een fabel – is dat waar of is het de volgende fabel? Per definitie loopt met het einde van de ware wereld ook het einde van de ware wereld ten einde. Wat nu?

Enzovoort, enzovoort. Waar jij mee bezig bent is het ont-kennen van het premoderne gedachtegoed door het citeren van het postmoderne gedachtegoed. Dat is niet waar ik mee bezig ben. Niet weten is geen gedachtegoed. In niet-weten is geen gedachte goed (of fout).

Krijg je het benauwd van al die goede gedachten, dan weet je wat je laten moet. En anders is het ook goed.

Een eerdere versie van deze tekst is gepubliceerd in het Boeddhistisch Dagblad als ‘Fatale strategieën.

  1. Deze opmerking verwijst naar mijn pagina met citaten van Jean Baudrillard met betrekking tot niet-weten. Deze pagina is verwijderd, ook uit de prullenbak; ziedaar mijn bescheiden bijdrage aan de voortgang van de filosofie.
  2. Deze opmerking verwijst naar mijn pagina met citaten van Friedrich Nietzsche met betrekking tot niet-weten. Deze pagina is verwijderd, ook uit de prullenbak; ziedaar mijn bescheiden bijdrage aan de voortgang van de filosofie.

Lees ook: De illusie van de illusie

Dood de klepperman

En doe je boekjes maar toe

Klepperman van Elven

Klepperman van Elven is de erudiete driemondige protagonist van de Beppesutta, op muziek gezet door marakunstenaar Richard Wachtmaar, die aanvangt met de aria:

Klepperman van Elven
Waar ga je zo laat naar toe
Naar alle geesteskinderen
Van de Boeddha toe
En je zieltje gaat van zap zap zap
En je knietjes gaan van klap klap klap
Klepperman van Elven
Doe nou je boekjes maar toe

Daarna volgt een relaas over de zieleroerselen van Klepperman zo lang als de zieleroerselen van Klepperman, en dat wil wat zeggen, maar wat?

De Beppesutta en de gelijknamige opera hadden moeten eindigen met het lied:

Klepperman van Elven
Heeft tweeëntwintig Zelven
Zo groot als stergewelven
Maar helpen doet het niet

Maar eindigen doet het niet.

Deze tekst is gepubliceerd in het Boeddhistisch Dagblad als ‘Klepperman van Elven’.

Lees ook: Goeroes, goeroelopers en ouwehoeroes

Dood de egotripper

en weg is de weg

Roept de eerste meester: Het achtvoudige pad is de weg!
Roept de tweede: U bent gehecht aan de weg!
Roept de derde: U bent gehecht aan onthechting!
Roept de vierde: U bent gehecht aan terechtwijzen!
Roept de vijfde: U bent gehecht aan het woord!
Roept de zesde: U bent gehecht aan de stilte!
De zevende zwijgt hooghartig.
Roept de achtste: En weg was het achtvoudige pad!
Roept de eerste: Het achtvoudige pad is de weg!

Een eerdere versie van deze tekst is gepubliceerd in het Boeddhistisch Dagblad als Wegwerkers.

Lees ook: Idolen van de zoeker

Dood de dikdoener

Grootspraak voor kleinkunstenaars

Sibren: Wat is verlichting?

Hans: Grootspraak van kleinkunstenaars.

Sibren: Hè?

Hans: Voel je je aangesproken?

Sibren: Wat is spiritualiteit?

Hans: Lulkoek voor dikdoeners.

Sibren: Wát?

Hans: Voel je je aangesproken?

Sibren: Wat is niet-weten?

Hans: Een manier van denken en spreken.

Sibren: Wat voor manier?

Hans: Zoals ik denk en spreek.

Sibren: Waarom noem je het niet-weten?

Hans: Om er afstand van te kunnen nemen.

Sibren: Waarom zou je er afstand van willen nemen?

Hans: Dat is nou eenmaal mijn manier van denken en spreken.

Sibren: Hoe denk jij over de waarheid voorbij de woorden?

Hans: Lulkoek voor dikdoeners.

Sibren: Hoe denk jij over de wijsheid voorbij alle wijsheid?

Hans: Grootspraak van kleinkunstenaars.

Sibren: Verlichting heeft volgens jou geen inhoud?

Hans: Dat zou toch weer inhoud zijn.

Sibren: Wat voor inhoud?

Hans: ‘Verlichting’, ‘mij’, ‘inhoud’ en ‘verlichting heeft volgens mij geen inhoud’.

Sibren: Volgens mij ben jij een volstrekt onafhankelijk denker.

Hans: ‘Mij’, ‘jij’, ‘onafhankelijk’, ‘denker’ en ‘volgens mij ben jij een volstrekt onafhankelijk denker’.

Sibren: Jij ziet jezelf niet als onafhankelijk?

Hans: Onafhankelijk waarvan?

Sibren: Alles en iedereen.

Hans: Dan ook van mezelf.

Sibren: En anders?

Hans: Niet.

Sibren: Niet onafhankelijk of niet afhankelijk en niet onafhankelijk?

Hans: Mij niet gezien.

Sibren: Hoe zie jij jezelf?

Hans: Vroeg de ene blinde aan de andere.

Sibren: Nou?

Hans: Ik zie mezelf niet.

Sibren: Verwijs je naar datgene wat geen oog kan zien?

Hans: Ik zie het Zelf niet.

Sibren: Het Absolute, het Kennen, het Numineuze, de Bron, je Essentie, je Oorspronkelijke Gezicht…

Hans: Dikdoener.

Sibren: Bedoel je dat je eigenlijk niemand bent?

Hans: Waar zie je mij voor aan?

Sibren: Volgens de advaita vedanta…

Hans: Non-dualist.

Sibren: Het paliwoord anatta…

Hans: Boeddhist.

Sibren: Het begrip wu wei…

Hans: Daoïst.

Sibren: Ontlediging…

Hans: Mysticus.

Sibren: Maar het Ene…

Hans: Monist.

Sibren: Je kunt toch niet ontkennen dat de Wereldwil…

Hans: Fatalist.

Sibren: Zo blijft er niks over.

Hans: Nihilist.

Sibren: Dan weet ik het ook niet meer.

Hans: Dan weet ik het ook niet meer.

Tip: Brieven niet-weten; de grootspraak voorbij

Dood het boeddhisme

Niet-weten is het meest nabij

Beste Hans,

Volgens de Boeddha is verlichting niet lijden. Volgens Nagarjuna is verlichting niet zijn. Wat is verlichting volgens jou?

Beste Berendina,

Niet-weten.

Berendina: Wat niet-weten?

Hans: Wie de boeddha eigenlijk was of is en of hij wel was of is. Wie Nagarjuna eigenlijk was of is en of hij wel was of is. Wie of wat ik zelf ben en of ik eigenlijk wel ben. Wat niet-lijden is en of de boeddha wel vrij van lijden was, gesteld dat hij was. Wat niet-zijn is en of Nagarjuna inderdaad niet was, gesteld dat hij was. Wat verlichting is, als het al is, en al dan niet voor wie.

Berendina: Maar wat is dan niet-weten?

Hans: Niet weten is het meest nabij.

Lees ook: Grote twijfel, grote verlichting

Dood de ander

Zegt de ene bodhisattva: Wat ben jij nou voor boeddhist, je weet niet eens dat je al verlicht bent!

Zegt de andere: Nee, jij dan, je weet niet eens dat je niet bestaat!

Deze tekst is verschenen in het Boeddhistisch Dagblad als ‘Licht en leegte’.

Doe de verlichtingstest

Dood de patriarch

Dada, zei de dodo

Beste Hans,

Ik las ergens dat jij jezelf omschrijft als ‘de autarkische auteur van niet-weten.nl’. Nu is mijn woordenschat niet zo heel groot, dus ik heb het even opgezocht in Van Dale XIII:

Autarkisch
1. berustend op of strevend naar autarkie (1)
2. zelfvoorzienend

Autarkie
Grieks, autarkeia (‘zelf-genoeg’-zaamheid)
1. zelfgenoegzaamheid (zowel in filosofische als psychologische zin)
2. (in ’t bijzonder) volstrekte economische onafhankelijkheid van een staat, gesloten staatshuishouding; synoniem: zelfvoorziening

Hieruit maak ik op dat jij zelfgenoegzaam bent. Nu is mijn woordenschat niet zo heel groot, dus ik heb het even opgezocht in Van Dale XIII:

Zelfgenoegzaam
1. (verouderd, gunstig) zichzelf genoeg, geen anderen, niets anders nodig hebbend
2. (ongunstig) in de overtuiging van eigen voortreffelijkheid niet naar anderen of iets anders vragend; synoniem: zelfvoldaan, zelfingenomen

Zelfgenoegzaamheid
1. het vervuld-worden door, tevredenheid met zichzelf
2. ijdele vervuldheid van zichzelf; synoniem: zelfvoldaanheid, zelfingenomenheid

Wat houdt jouw autarkie precies in? Ben jij jezelf genoeg of vraag jij in de overtuiging van je eigen voortreffelijkheid niet naar anderen of iets anders?

p.s. Heb je weleens gehoord van afhankelijk ontstaan (sunyata)?

Beste Pelle,

Nee, vervuld van mijn eigen voortreffelijkheid ben ik niet. Ik vind mij noch in algemene zin noch in bepaalde opzichten beter of slechter dan wie ook. Vind ik het toch dan geloof ik het niet.

Zelfvoorzienend waan ik mij al evenmin. Alleen al om mij een banaantje in mijn ontbijt te bezorgen spant de hele wereld samen. Afhankelijk ontstaan, hè. ‘Het is steeds een complex van factoren’, zei mijn vader altijd, die nog nooit van het boeddhisme had gehoord. ‘Wat een onzin’, dacht ik altijd, ook toen ik al meer van het boeddhisme gehoord dan me lief was.

De dwijsheid komt met de jaren. Wat bleek? Alles is zozeer met elkaar verknoopt dat ik het onmogelijk uit elkaar kan houden.

Geen idee meer waar het ene ding eindigt en het andere begint. Niet echt.

Geen idee meer waar de ene mens eindigt en de andere begint. Niet echt.

Geen idee meer waar de geest eindigt en de stof begint. Niet echt.

Geen idee meer waar het subject eindigt en het object begint. Niet echt.

Geen idee meer wat ik is en wat niet-ik. Niet echt.

Tip: Wat is non-dualiteit?

De mensen en de dingen en de ideeën en de substanties en de oorzaken en de gevolgen; waarnemer en waargenomene, kenner, kennis en gekende, feit en fictie, werkelijkheid en illusie, deugd en ondeugd, goed en slecht, gelijk en ongelijk, gehechtheid en onthechting, vasthouden en loslaten, geven en nemen, keuze en overmacht, het eendere en het andere, dwaasheid en wijsheid, weten en niet-weten, ego en zelf, mind en heart – ze laten zich door mij niet van elkaar scheiden, niet echt.

Ze laten zich niet van mij scheiden, niet echt.

Ze laten zich door mij niet met elkaar ver-enigen, niet echt.

Ze laten zich niet met mij ver-enigen, niet echt.

Zo’n warboel is het, dat ik niet eens meer van afhankelijk ontstaan durf te spreken. Wat zou er bij gebrek aan een duidelijk dit of dat nog afhankelijk moeten ontstaan? Waaruit zou het bij gebrek aan een duidelijk dit of dat nog afhankelijk moeten ontstaan?

Zo’n warboel is het dat ik niet eens meer van sunyata durf te spreken. Wat zou er bij gebrek aan een duidelijk wezen nog dit of dat moeten zijn? Wat zou er bij gebrek aan een duidelijk dit of dat nog leeg moeten wezen?

Autarkisch ben ik enkel en alleen in spiritueel opzicht. Maar dan wel absoluut. Hoe kan het ook anders, nu mijn boek helemaal leeg is? Zelfs dat je niets kunt weten, staat er niet in. Waarin zou ik dan bevestigd moeten worden?

En denk nou maar niet dat spirituele zelf-genoegzaamheid onverenigbaar is met het boeddhisme omdat het toevallig onverenigbaar lijkt met het idee van afhankelijk ontstaan of sunyata. Integendeel. Om het met de negende-eeuwse Chinese chanmeester Linji Yìxuán te zeggen:

‘Volgers van de Weg, als je het inzicht wilt verwerven dat overeenstemt met de dharma, laat je dan nooit misleiden door anderen. Of je nou naar binnen kijkt of naar buiten, wat je maar tegenkomt, dood het! Als je een boeddha tegenkomt, dood de boeddha. Als je een patriarch tegenkomt, dood de patriarch. Als je een arhat tegenkomt, dood de arhat. Als je je ouders tegenkomt, dood je ouders. Als je je familie tegenkomt, dood je familie. Alleen zo kun je echt loskomen, niet langer verstrikt in allerlei zaken, vrij om te gaan en te staan waar je wilt.’

(Watson, Burton, The Zen Teachings of Master Lin-Chi, 1999, p52)

Wordt de beginnende boeddhist nog geacht zijn toevlucht te nemen tot de Drie Juwelen (de Boeddha, de dharma en de sangha), aan het eind van de rit wordt diezelfde boeddhist geacht iedere toevlucht te ontvluchten.

Hij moet zijn boeddha’s en niet-boeddha’s doden, zijn dharma’s en niet-dharma’s opgeven (diamantsoetra) en zijn sangha’s en niet-sangha’s verlaten om terug te keren naar de marktplaats van het leven (De tien plaatjes van de os).

Hij moet het vlot waarmee hij de rivier overstak prijsgeven; zijn pij, zijn nap, zijn rakusu, zijn beeldjes, zijn matjes, zijn kussentjes, zijn aambeien, zijn geloften, zijn rituelen, zijn vaardige methoden, zijn edele wetten, zijn soetra’s, zijn shastra’s, zijn meester, zijn samsara, zijn nirwana – de hele bliksemse boel. Inclusief het verhaal van afhankelijk ontstaan, dat ook maar afhankelijk ontstaan is. Inclusief het idee van sunyata, dat ook maar sunyata is.

Als je alle kwijt bent, tot en met het kwijt zijn aan toe, wat valt er dan nog te bevestigen? Hoe kan de spiritueel lege mens iets anders zijn dan zelf-genoeg?

Pelle: Moet jij dan niet bevestigd worden in je niet-weten?

Hans: Welk niet-weten?

Pelle: Ik dacht dat je zou zeggen, ‘Wie?’

Hans: En door wie?

Pelle: De Linji die jij aanhaalt is een van de kopstukken van het zenboeddhisme, dat bekend staat als de meest iconoclastische vorm van boeddhisme die er is.

Toch hecht datzelfde zenboeddhisme veel waarde aan de ‘lineage’: een schematische voorstelling van de ononderbroken dharma-overdracht of transmissie ‘van hart tot hart’, van de historische Boeddha tot aan de hedendaagse leraar.

In Zen Centrum Amsterdam, onder leiding van Niko Sojun Tydeman sensei, word ik als onderdeel van mijn zenpraktijk geacht de ketchimyaku, de stamboom met namen van alle Patriarchen en Zenmeesters uit de lijn van Taizan Maezumi Roshi, vanaf Shakyamuni Boeddha tot en met Niko Sensei, over te schrijven op een lang papier met daarop voorgedrukt een rode slingerlijn.

Linji zegt: dood de Boeddha. Niko Sensei zegt: Leve de Boeddha. Wat zeg jij?

Hans: Linji doodde de Boeddha maar tegelijkertijd was hij boeddhist in hart en nieren. Ik bedoel natuurlijk, hij doodde de Boeddha wánt hij was boeddhist in hart en nieren.

Niko Sensei vereert de Boeddha want hij is boeddhist in hart en nieren. Tegelijkertijd is hij, voor zover ik dat vanaf hier kan beoordelen, een bijzonder bedreven boeddhadoder.

Pelle: En wat zeg jij?

Hans: Ik zeg,

Dood de Boeddha!

Dood de boeddhadoder!

Dood de boeddhadoderdoder!

Pelle: Moordenaar.

Hans: Laat ik het dan zo zeggen,

Leve de Boeddha!

Leve de boeddhadoder!

Leve de boeddhadoderdoder!

Pelle: En jij bent niet eens een boeddhist.

Hans: En ik ben niet eens een niet-boeddhist.

Pelle: Wat ben je dan wel?

Hans: Ik ben een dodo.

Pelle: Doodt de dodo.

Hans: De dodo is al dood.

Pelle: Maar wat ben je dan nu?

Hans: Ik ben mezelf genoeg.

Pelle: Ik ben mezelf teveel.

Hans: Dan zal dat het verschil wel zijn.

Lees ook: De Linji lu

Een boeddha is een antiboeddha

Boeddha is wie de Boeddha trotseert.
Een boeddha is een antiboeddha.

Antiboeddha is wie de antiboeddha bezweert.
Een antiboeddha is een boeddha.

Nirwana is geen plek

Nirwana is geen plek, maar een poort naar een plek waar geen nirwana en geen poort en geen plek meer is.

Leren dwalen

Meester Oei zegt:

‘Wat mij betreft is iedere leer een dwaalleer, of is dat ook een dwaalleer?’

Dood de anarchist

Zweven in de dwaalstroom

Against the stream

Beste Hans,

Ben jij soms geaffilieerd met de boeddhistische organisatie Against The Stream van Noah Levine c.s.?

Beste Job,

Zeker, ik ben overal mee geaffilieerd. Hoezo?

Job: Vanwege je opstandigheid. Omdat jouw spiritualiteit ook wars van alle tradities is en toch aansluiting zoekt bij diezelfde tradities. Vanwege de tegendraadsheid van je teksten. Omdat je weleens ondertekent met Jan Contrarie.

Hans: Nee hoor, ik ben nergens mee geaffilieerd.

Ik ga in ieder geval niet bij voorkeur tegen de stroom in, zoals veel dharma punx.

Ik ga ook niet bij voorkeur met de stroom mee, zoals veel new agers.

Ik sta er ook niet liever middenin, zoals veel mahayana-boeddhisten.

Ik sta er ook niet liever buiten, zoals veel hinayana-boeddhisten.

Ik vind ook niet dat mensen bij voorkeur tegen de stroom in of met de stroom mee moeten gaan of er middenin moeten staan of erbuiten of wat dan ook.

Ik vind ook niet dat mensen daar geen voorkeur in mogen hebben.

Ik vind ook niet dat mensen geen voorkeur mogen hebben voor mensen die daar al dan niet een voorkeur in hebben.

Begrijp je wat ik bedoel?

Job: Waar gaat jouw voorkeur wel naar uit?

Hans: Soms ga ik tegen de stroom in en is dat in overeenstemming met mijn voorkeur.

Soms ga ik ertegenin terwijl ik er liever in mee zou gaan of er middenin of erbuiten zou staan.

Soms ga ik met de stroom mee en is dat in overeenstemming met mijn voorkeur.

Soms ga ik erin mee terwijl ik er liever tegenin zou gaan of er middenin of erbuiten zou staan.

Soms sta ik middenin de stroom en is dat in overeenstemming met mijn voorkeur.

Soms sta ik er middenin terwijl ik er liever in mee of tegenin zou gaan of erbuiten zou staan.

Soms sta ik buiten de stroom en is dat in overeenstemming met mijn voorkeur.

Soms sta ik erbuiten terwijl ik er liever in mee of tegenin zou gaan of er middenin zou staan.

Begrijp je wat ik bedoel?

Job: Nee, ik begrijp niet wat je bedoelt.

Hans: Ik bedoel dat die voorkeur mijn zaak niet is. Hij maakt deel uit van de stroom.

Job: Heb je daar vrede mee of vecht je ertegen?

Hans: Meestal heb ik er vrede mee. Een enkele keer vecht ik ertegen. Ook daar heb ik vrede mee. Begrijp je wat ik bedoel?

Job: Nee, ik begrijp niet wat je bedoelt.

Hans: Ik bedoel dat dat vechten en die vrede mijn zaak niet zijn. Ze maken deel uit van de stroom.

Job: Wat is jouw zaak wel?

Hans: Dat is mijn zaak niet.

Job: Maakt zeker weer deel uit van de stroom.

Hans: Welke stroom?

Job: Klinkt als malen in de maalstroom.

Hans: Voelt als zweven in de dwaalstroom. Waarmee ben jij geaffilieerd?

Job: Dat weet ik eerlijk gezegd niet.

Hans: Ik begrijp precies wat je bedoelt.

Een eerdere versie van deze tekst is gepubliceerd in het Boeddhistisch Dagblad als ‘Malen in de maalstroom’.

Lees ook: Wat is gemoedsrust? Vrede sluiten met je onvrede

Dood de non-dualist

Ik ken niemand die geen onderscheid maakt

Carien: Vind jij dat we de Boeddha moeten doden?

Hans: Doden, vereren, negeren…

Carien: Maar de ware boeddhist doodt de Boeddha?

Hans: De ware boeddhist maakt geen onderscheid tussen de ware boeddhist en de valse boeddhist.

Carien: Want de ware boeddhist maakt geen onderscheid?

Hans: Ook niet tussen mensen die wel en geen onderscheid maken.

Carien: Waarom niet?

Hans: Ken jij mensen die geen onderscheid maken?

Carien: Persoonlijk?

Hans: Hoe dan ook.

Carien: Er zijn boeken waarin sprake is van…

Hans: Schrijven is onderscheiden.

Carien: Dan ken ik niemand die geen onderscheid maakt.

Hans: Nou, ik ook niet.

Carien: Dus?

Hans: Wat heeft het voor zin om onderscheid te maken tussen mensen die wel en geen onderscheid maken?

Carien: Is dit nou het doden van de Boeddha?

Hans: Eerder het doden van de boeddhist.

Carien: Van de ware boeddhist.

Hans: En daarmee van de valse.

Carien: Het doden van de dualist.

Hans: En daarmee van de non-dualist.

Lees ook: Wat is non-dualisme?

Dood de geest

Rust en vrede zonder rede

In de koancollectie de Poortloze Poort vinden we op nummer 41 de koan ‘Arm van geest’:

Bodhidharma zat onverstoorbaar met zijn gezicht naar de muur. Zijn toekomstige opvolger Hui-k’o, de tweede zenpatriarch, stond maar te wachten in de sneeuw. Ten einde raad hakte Hui-k’o zijn arm af boven de elleboog en liet hem aan Bodhidharma zien met de woorden: ‘Mijn geest kan geen rust vinden. Ik smeek u meester, breng mijn geest tot rust.’ ‘Breng me je geest en ik breng hem tot rust’, zei Bodhidharma. ‘Maar die kan ik juist niet vinden’, riep Hui-k’o uit. ‘Dan is je geest tot rust gebracht.’

Kort door de bocht:

‘Meester, breng mijn geest tot rust!’
‘Breng me je geest en ik breng hem tot rust.’

Gewoonlijk wordt deze koan verklaard vanuit de doctrine van de leegte (sunyata) van alle dingen en begrippen:

Als alles leeg is, dan ook de geest. Zonder geest valt er niets tot vrede te brengen. Beseffen dat er niets tot vrede gebracht hoeft te worden of kan worden en dat er geen jij is om dat te doen of na te laten, is vrede.

Deze redenering kunnen we bijvoorbeeld ook toepassen op de wil:

Als alles leeg is, dan ook de wil. Zonder wil valt er niets tot rust te brengen. Beseffen dat er niets tot rust gebracht hoeft te worden of kan worden en dat er geen jij is om dat te doen of na te laten is rust.

‘Meester, breng mijn wil tot rust!’
‘Breng me je wil en ik breng hem tot rust.’

De doctrine van de leegte toepassen op wie of wat dan ook (de Boeddha, de dharma, de sangha, het ik, het ego, het zelf et cetera) zou je metaforisch het doden van de Boeddha kunnen noemen, en dat is precies wat we aan het doen zijn op deze webpagina.

Maar als alles leeg is, dan ook de leegte zelf. Als de leegte zelf leeg is, wat betekent het dan nog wanneer we in onze lege wijsheid pontificeren dat de dingen en de begrippen en de wil en de geest en de rust en de vrede en degene die ze nastreeft allemaal leeg zijn? Waar hebben we het nog over?

Dat zal ik je vertellen.

Hier beneden
In het heden
Rust en vrede
Zonder rede
Diep tevreden
Zonder reden
In het heden
Hier beneden

Een eerdere versie van deze tekst is gepubliceerd in het Boeddhistisch Dagblad als ‘Rust en vrede zonder rede’.

Lees ook: Vrije wil, onvrije wil en ongewilde vrijheid

Dood de wil

Nirwana betekent uitdoving

Leerling: Ik wou dat ik niks meer wou.

Meester: Ik wou dat ik nog wat wou.

Tien jaar later

Leerling: Ik wou dat ik nog wat wou.

Meester: Ik wou dat ik wou dat ik nog wat wou.

Tien jaar later

Leerling: Ik wou dat ik wou dat ik wou dat ik nog wat wou.

Meester: Wauw.

Leerling: En u?

Meester: Dat zeg ik.

Leerling: Wat?

Meester: Wauw.

Lees ook: De mystiek van alledag, of het wonder van het water

Dood het denkbeeld

Gehechtheid en onthechting zijn denkbeelden

Leerling: Wat is gehechtheid?

Meester: Denken dat je ergens vanaf moet.

Leerling: Wat is onthechting?

Meester: Denken dat je ergens vanaf bent.

Leerling: Welke gedachte is de juiste?

Meester: Wie zegt dat er een juiste is?

2.

Leerling: Wat is gehechtheid?

Meester: Denken dat je ergens vanaf moet.

Leerling: Wat is onthechting?

Meester: Denken dat je nergens vanaf moet.

Leerling: Wat moet je er dan mee?

Meester: Ernaar kijken, ervan genieten, geen idee.

Leerling: Welke gedachte is de juiste?

Meester: Wie zegt dat er een juiste is?

Lees ook: Denkbeeldenstorm!

Dood het denken

als je kunt

Bella: Wat is gehechtheid?

Hans: Denken dat je ergens vanaf moet.

Bella: Wat is onthechting?

Hans: Denken dat je nergens vanaf moet.

Bella: Wat is de crux van deze kwestie?

Hans: Denken.

Bella: Vind jij dat we minder moeten denken?

Hans: Vinden is een vorm van denken.

Bella: Vind je dat we niet meer moeten denken?

Hans: Vinden is een vorm van denken.

Bella: Ben jij zelf gestopt met denken?

Hans: Misschien, maar denken niet met mij.

Bella: Ik snap er niks meer van.

Hans: Wat dacht je van mij.

Bella: Wat is dan het verschil tussen ons?

Hans: Dat ik er niet meer mee zit?

Bella: Ja, zit je er nou wel mee of zit je er nou niet mee?

Hans: Ja, ik kan wel zoveel denken.

Lees ook: Ik ben niet verlicht, ik ben verduisterd

Dood de denker

Catch 22: tweeëntwintig vragen aan de lezer

Vind jij dat we onze gedachten moeten overwinnen?
Vind je dat we onze gedachten moeten aanvaarden?
Vind je dat we onze gedachten keuzeloos gewaar moeten zijn?
Vind je dat we onze gedachten moeten negeren?
Vind je dat we niets van onze gedachten moeten vinden?

Vind je dat we onze mind moeten overwinnen?
Vind je dat we onze mind moeten aanvaarden?
Vind je dat we onze mind keuzeloos gewaar moeten zijn?
Vind je dat we onze mind moeten negeren?
Vind je dat we niets van onze mind moeten vinden?

Vind je dat we ons ego moeten overwinnen?
Vind je dat we ons ego moeten aanvaarden?
Vind je dat we ons ego keuzeloos gewaar moeten zijn?
Vind je dat we ons ego moeten negeren?
Vind je dat we niets van ons ego moeten vinden?

Vind je dat gehechtheden, gedachten, mind en ego in wezen hetzelfde zijn?
Vind je dat gehechtheden, gedachten, mind en ego in wezen verschillend zijn?
Vind je dat gehechtheden, gedachten, mind en ego in wezen leeg zijn?

Vind je deze vragen onthullend?
Zo ja, wat onthullen ze, en aan wie?

Vind je deze vragen misleidend?
Zo ja, wie leiden ze af, en waarvan?

Lees ook: Keuzeloos gewaarzijn, De wolk van niet-weten

Dood de doener

Ik zou niet weten hoe

Géron: Vind jij dat we onze gehechtheden moeten overwinnen?

Hans: Ik zou niet weten hoe.

Géron: Vind je dat we onze gehechtheden moeten aanvaarden?

Hans: Ik zou niet weten hoe.

Géron: Vind je dat we onze gehechtheden keuzeloos gewaar moeten zijn?

Hans: Ik zou niet weten hoe.

Géron: Vind je dat we onze gehechtheden moeten negeren?

Hans: Ik zou niet weten hoe.

Géron: Vind je dat we niets meer moeten vinden?

Hans: Dat is nog steeds een vorm van vinden.

Géron: Vind jij dan helemaal niets?

Hans: Ik zou niet weten hoe.

Lees ook: Wat is non-dualiteit?

Dood Dogen

Requiem voor Bodhidharma

Hans: Wat is volgens jou de essentie van het boeddhisme?

Erika: Alleen maar dit.

Hans: Pardon?

Erika: We zijn er nooit van gescheiden.

Hans: Waarvan in hemelsnaam?

Erika: Want ik reis in een onbegrensde wereld waar elk van mijn stappen mijn huis is.

Hans: Wereld? Onbegrensd? Huis?

Erika: Ik doel op de ultieme werkelijkheid die komt noch gaat…

Hans: Kom nou gauw.

Erika: …en tijd noch ruimte kent.

Hans: Ga toch heen.

Erika: Echt heilig is wat ons bevrijdt van onze mentale constructies en…

Hans: De ultieme werkelijkheid die komt noch gaat en tijd noch ruimte kent is een mentale constructie. Echt is een mentale constructie. Heilig is een mentale constructie. Ons is een mentale constructie. Bevrijding is een mentale constructie. Mentale constructie is een mentale constructie. Dat mentale constructies ons gevangen houden is een mentale constructie. Dat het allemaal mentale constructies zijn is een mentale constructie.

Erika: Misschien zijn het mentale constructies, maar misschien is dat ook maar een mentale constructie.

Hans: Bedenk het maar.

Erika: Maar wat is nou de essentie van het boeddhisme?

Hans: Dat is nou de essentie van het boeddhisme.

* ‘in deze onbegrensde wereld waar elk van mijn stappen mijn huis is’, is een zinsnede uit een gedicht van Dogen:

Stappend in deze illusoire, op een droom lijkende wereld,
Zelfs de voetsporen niet bekijkend die ik mogelijks heb achtergelaten,
Het lied van de koekoek geeft me aan naar huis terug te keren.
Dit aanhorend, doet me achterom kijken om te zien wie me zei terug te keren.
Maar vraag me niet waar ik naartoe ga,
Want ik reis in deze onbegrensde wereld
Waar elk van mijn stappen mijn huis is.

(internetbron verdwenen)

Lees ook: Zalig zijn de armen van geest

Dood de weg

Ode aan soto-zen

1.

Leerling: Het gaat om de weg, niet om het doel.

Meester: Toch weer een weg gevonden?

2.

Leerling: Het gaat om de weg, niet om het doel.

Meester: Toch weer een doel gevonden?

Lees ook: Wat is de weetnietgeest?

Dood de middenweg

De weg van het midden leidt recht door zee

Hans: Wat is de weg van het midden?

Kirstin: Het vermijden van uitersten.

Hans: Waarheen leidt de weg van het midden?

Kirstin: Nirwana natuurlijk.

Hans: Weet je dat of denk je dat?

Kirstin: Dat is mij plechtig verzekerd.

Hans: Kennelijk heeft het indruk gemaakt.

Kirstin: Zeker weten.

Hans: Waar een beetje plechtigheid al niet goed voor is.

Kirstin: Wat is de weg van het midden voor jou?

Hans: Dat laat ik liever in het midden.

Kirstin: Waarheen leidt de weg van het midden?

Hans: Dat laat ik liever in het midden.

Kirstin: Is er eigenlijk wel een weg van het midden?

Hans: Dat laat ik liever in het midden.

Kirstin: Wat betekent een en ander voor mij?

Hans: Dat laat ik liever in het midden.

Kirstin: En dit zou de weg van het midden zijn?

Hans: Dat laat ik liever in het midden.

Lees ook: 40 Wegen naar niet-weten

Dood de vier edele waarheden

De echte oorzaken van het lijden

Jayne: Wat is de eerste oorzaak van het lijden?

Hans: Denken dat er een oorzaak is.

Jayne: Wat is de tweede oorzaak van het lijden?

Hans: Denken dat je er vanaf moet.

Jayne: Wat is de derde oorzaak van het lijden?

Hans: Denken dat je er vanaf kan.

Jayne: Ja, hou maar op.

Hans: O?

Jayne: Dénken is de oorzaak van het lijden.

Hans: En dat is vier.

Lees ook: Lijden, is er een einde aan?

Dood het denkleed

Denkleut en denkleed voor wie wel en wie niet weet

Volgens een bekende tegeltjeswijsheid is denken de voornaamste bron van lijden:

De mens lijdt het meest van het lijden dat hij vreest

Dit is de leidende gedachte achter de rationeel-emotieve therapie van Albert Ellis, het Werk van Byron Katie en diverse andere cognitieve therapieën.

Definiëren we lijden veroorzaakt door pijnlijke gedachten als denkleed dan kunnen we de vier edele waarheden van de Boeddha samenvatten reduceren tot de stelregel:

Alle leed is denkleed

Een prachtige, compacte gedachte, die in het verleden waarschijnlijk al heel wat leed heeft veroorzaakt, en dat ook in de toekomst wel zal blijven doen.’

Lees ook: Wat is gemoedsrust? Vrede sluiten met je onvrede, Dwaalspreuken voor in de vrolijke keuken

Dood het onderscheid

De keerzijden van lijden en vreugde

Ruard: Wat is lijden?

Hans: De keerzijde van vreugde.

Ruard: Hoe bevrijd ik mij van het lijden?

Hans: Door het onderscheid tussen leed en vreugde te onderzoeken.

Ruard: Wat zal ik dan ontdekken?

Hans: Dat kun je alleen zelf vaststellen.

Ruard: Wat heb jij voor jezelf vastgesteld?

Hans: Dat kun je alleen zelf vaststellen.

Lees ook: Leven is geen kunst

Dood alles

om alles terug te winnen

Shela: Wat veroorzaakt lijden?

Hans: Alles.

Shela: Wat veroorzaakt genot?

Hans: Alles.

Shela: Dus mocht ik er ooit in slagen het lijden te overwinnen…

Hans: Alles.

Lees ook: De Grote Weg (is niet moeilijk voor wie hem kwijt is)

Dood de nihilist

en de antinihilist

Beste Hans,
Wat is NIET-WETEN.NL een afschuwelijke website, zeg. Het nihilisme walmt je tegemoet.

Beste Kloris,
De dwijze geest heeft geen seconde nodig om af te rekenen met welke nihilistische gedachte ook.

Kloris: Zijn we het toch nog ergens over eens. Weg met het nihilisme!

Hans: De dwijze geest heeft geen seconde nodig om af te rekenen met welke anti-nihilistische gedachte ook.

Kloris: De dwijze geest heeft geen seconde nodig om af te rekenen met welke gedachte ook, wou je zeggen.

Hans: Inclusief deze.

Kloris: Dus jij vindt dat we met al onze gedachten moeten afrekenen.

Hans: Inclusief deze.

Lees ook: Loflied op niet-weten

Dood je karma

het komt allemaal van de dharma

In de The Book of Equanimity (Shoyoroku) een verzameling van honderd koans, staat een voor kaaskoppen wel heel raar verhaal:

#8. Hyakujo en de vos

Iedere keer dat meester Hyakujo zijn monniken onderhield, woonde een oude man zijn preek bij. Op een dag sprak de meester hem aan: ‘Kan ik u van dienst zijn?’ De grijsaard zei: ‘Ooit was ik hier zelf zenpriester. In die hoedanigheid stelde een monnik mij eens de vraag: “Is de volmaakt verlichte nog onderhevig aan de wet van oorzaak en gevolg?” “Nee”, zei ik argeloos. Sindsdien word ik steeds als vos wedergeboren, nu al vijfhonderd keer. Alstublieft meester, wat had ik dan moeten zeggen?’ Hyakujo zei: ‘De volmaakt verlichte is één met de wet van oorzaak en gevolg.’ Daarop kwam de oude man tot volmaakte verlichting.

  1. Is dit verhaal volgens jou historisch of overdrachtelijk bedoeld?
  2. In wat voor wereld(beeld) leven of leefden (kl)oosterlingen of althans boeddhisten of althans zenpriesters dat er ten eerste onjuiste antwoorden mogelijk waren of zijn en dat ze ten tweede door een enkel onjuist antwoord maar liefst vijfhonderd levens als vos mogen of mochten of moeten of moesten slijten?
  3. Vijfhonderd identieke levens in steeds hetzelfde vossenlichaam of vijfhonderd verschillende levens in steeds hetzelfde vossenlichaam of vijfhonderd verschillende levens in opeenvolgende vossenlichamen, wat denk jij?
  4. Waarom vijfhonderd en niet vijf of vijftigduizend?
  5. Waarom een vos en niet een fugu of een bonobo?
  6. Na die vijfhonderd vossenlevens in één keer mens of via onvermelde tussenstappen?
  7. Hoe wist de oude man dat hij vijfhonderd levens als vos achter de rug had; hield hij dat ergens bij of overleefde zijn geheugen elke vossendood of hield de Boeddha het voor hem bij of was het voorgeprogrammeerd of ging hij af op zijn gevoel of gaf hij uitdrukking aan hoe het voelde of zei hij maar wat of wat?
  8. Welke wet van oorzaak en gevolg was of is hier werkzaam: een karmische of een fysische, deterministisch of indeterministisch, een morele of een feitelijke, een goddelijke of een duivelse, een biologische of een boeddhistische van leegte of afhankelijk ontstaan misschien?
  9. Zijn dit in wezen dezelfde wetten of verschillende?
  10. Gesteld dat de volmaakt verlichte inderdaad één is met de wet(ten) van oorzaak en gevolg, geldt dit dan ook voor de 1. onvolmaakte verlichte, 2. volmaakt onverlichte en 3. onvolmaakt onverlichte?
  11. Duidt het geloof in volmaakte verlichting volgens jou op onvolmaakte verlichting? Zo nee, waarop duidt het dan wel? Zo ja, waarop duidt het geloof in onvolmaakte verlichting?
  12. Is de wet van oorzaak en gevolg zelf oorzaak of gevolg en zo ja, waarvan?
  13. Waar is de wet van oorzaak en gevolg?
  14. Wie zou je zijn zonder wet van oorzaak en gevolg 1. als je eraan onderhevig was; 2. als je er niet aan onderhevig was; 3. als je er één mee was?
  15. Wie (of wat) is het die (of dat) één is met de wet van oorzaak en gevolg?
  16. Kun je er volgens jou voor kiezen om één te zijn of te worden met de wet van oorzaak en gevolg of overkomt het je of was je het altijd al of moet je ervoor oefenen of moet je je overgeven of moet je oefenen in overgave of moet je minstens eenmaal of langdurig in de aanwezigheid van een volmaakt verlichte verblijven of zo?
  17. Wil deze koan ons volgens jou verrijken met of bevrijden van deze manier van vragen en denken of beide of geen van beide?

500 levens vos

Een eerdere versie van deze tekst is gepubliceerd in het Boeddhistisch Dagblad als ‘Het karma van de dharma’.

Deze koan in de Poortloze Poort
Wet van oorzaak en gevolg in de Wikipedia
Wet van oorzaak en gevolg in het boeddhisme

Lees ook: Wat is spirituele verlichting? Het denken doorzien

Dood nirwana

en samsara

‘Nirwana, leven en dood zijn bloemen van de verbeelding.’

(Zhangzhou Xiucai)

Maar houd moed want uiteindelijk, beste passagère, zal de Perongelukexpress na de onvermijdelijke vertragingen, ontberingen, ontremmingen en ontsporingen in het schier eindeloze Niemendal, al is het misschien pas na vele levens, geheid zijn boeddhistische bestemming bereiken:

Nirwana (Nibbana zegt de allochtoon, Narwana de autochtoon, Narrenwaan de cartoon) – de laatste tussenstop vóór het terminale Parinirwana, dat op voorspraak of zonder tegen- of inspraak van de Gelijkste1 uitsluitend toegankelijk is voor de gevallen prins2 zonder carnaval3 Gautama B. zelf, Zelf of niet-zelf4 en voor zijn niet minder uitgedoofde3 buddhies uit verleden, toekomst en heden mits driewerf overleden, want verschil moet er zijn, ook in het ongedifferentieerde.

De Perongelukexpres rijdt bij gebrek aan een verder en een terug niet verder en ook niet terug, maar zal ter plaatse ontmanteld worden. Passagères worden verzocht hier uit te stappen met achterlating van alle bagage, en in te checken in het Eeuwige Kaartenhuis, de enige accommodatie in heel Op- en Neerwana, waarin voor koffers weliswaar geen plaats meer is, maar voor kaffers5 en keffers6 des te meer – voelende wezenlozen zonder onderscheid zoals u en ik, vossen, ossen, honden en andere uit de rails gelopen boeddha’s – allemaal van harte welkom, want onverschil mag er zijn, ook in het gedifferentieerde.

Intussen serveert het Kaartenhuis heerlijke lichtverterende kletskoeken ter versterking van de noodwendige mens en claimt ook in andere opzichten beter op uw wederkomst te zijn voorbereid dan bij eender welke eerdere incarnaties, talrijk als de zandkorrels van de majeustueuze Dinges. Zo wordt het dak van het Kaartenhuis onophoudelijk hersteld, heeft uw onverheven heergast ons onophoudelijk verzekerd, want alle gezegenden komen van boven of van bovenskamers, daar wil hij vanaf zijn, en dat gaat niet altijd van een leien dakje.

Sowieso is er weinig reden tot gemekker, want voor pelgrims, asielzoekers en andere reislijders staan vanaf morgen trappelvoeten, benenwagens, stoklorries en schietstoelen klaar, met en zonder wielen, voor naar keuze de bestijging, ontstijging, ophoging, afgraving, afdaling, ondermijning, omcirkeling of blote contemplatie van naar keuze de of het heilige Makke.

Was getekend,

Ahumba Sans Dhamma

NASCHRIFT

Het citaat waarmee deze tekst opent is de slotzin van het verlichtingsgedicht van de Chinese ch’anmeester Zhangzhou Xiucai (Chosetsu Shusai):

In alle werelden schijnt hetzelfde licht.
Wijzen en dwazen, ieder schepsel is al thuis.
Waar gedachten niet blijven hangen is alles helder.
Wie zijn zintuigen of geest volgt, rent rond in een dichte mist.
Wie het zoekt in soberheid vergroot zijn onrust.
Wie de waarheid wil bezitten, grijpt ernaast.
Aardse zaken bezoedelen niemand.
Nirwana, leven en dood zijn bloemen van de verbeelding.7

Zoek je blijvende helderheid dan is het te hopen dat ook de krachtige gedachten van Zhangzhou niet in je blijven hangen. Is het je om het even dan is het mij om het even.

NOTEN

  1. De Gelijkste: De historische boeddha is volgens veel boeddhistische leerscholen geen god maar mens en mensgelijk. Niettemin wordt hij dikwijls de Verhevene genoemd, met een hoofdletter, en worden de aan hem toegeschreven maar onveranderlijk postume werken gelezen als goddelijke openbaringen. ‘Evam me sutam, aldus heb ik gehoord.’ Mij is het om het even.
  2. Gevallen want dood. Verder was Gautama oorspronkelijk een prins, maar heeft hij de aardse troon zo snel hij kon verruild voor de hemelse, die door krabbelaars unaniem hoger wordt aangeslagen. Omhooggevallen dus. Mij is het om het even.
  3. Nirwana = uitgedoofd, onthecht; vandaar ook ‘zonder carnaval’. Veel boeddhisten schuwen aardigheden en streven hartstochtelijk naar onthechting. Critici noemen het quïetisme. Mij is het om het even.
  4. Of parinirwana nou anatman of misschien toch het ultieme zelf of beide of geen van beide is of dat het onheilzaam is om je over deze kwestie te buigen – daarover zijn de geleerden het weer eens niet eens. Het Nederlandstalige lemma Parinibbana en het Engelstalige lemma Parinirvana in de Wikipedia evenmin. Je kunt het ook niet een, twee, drie zelf nagaan; uit parinirwana is immers nog nooit iemand teruggekeerd, per definitie niet, of het moet na een bijna-dood-ervaring van een helemaal-verlichte zijn, of samsara moet niet alleen nirwana maar ook nog eens parinirwana zijn, of wijzelf moeten al bij leven Dát zijn (Tat tvam asi), afijn. Mij is het om het even.
  5. Kaffer in de zin van zondaar op het achtvoudige pad, en wie is dat nou niet. Van het christendom zijn we hoegenaamd of zogenaamd verlost, maar de zonde hebben we via de oosterpoort weer binnengesmokkeld en de heilige heet nu een boeddha of een arahant, of was dat nou een plant, of was het nou een vlinder, of was het Zhuang Zi, ik weet het effe nie, afijn. Mij is het om het even.
  6. Keffer als in de canonieke maar dubieuze vertaling van de eerste koan van de Poortloze Poort: ‘Heeft een hond de boeddhanatuur?’ ‘Nee.’ Dit is het soort gedachten dat de koffer van menig bodhisattva al vóór zijn intreding doet uitpuilen. Mij is het om het even, maar kruien moet je zelf.
  7. Zen and Zen Classics Volume Four: Mumonkan, Case XXXIX Ummon and a Mistake, R.H. Blyth, Hokuseido Press 1966, p257

Een eerdere versie van deze tekst is verschenen in het Boeddhistisch Dagblad onder de titel ‘Welkom in het kaartenhuis’ bij wijze van inleiding tot de serie Het Kaartenhuis, metaforen voor niet-weten.

Dood de sangha

Van mindfulness en concentratiekampen

Leandra: Waarheen leidt de boeddhistische weg?

Hans: Naar een kamp met gelijkgestemden.

Leandra: Wat staat er boven de toegangspoort?

Hans: Arbeit macht frei.

Lees ook: Mediteren zonder mediteren

Dood het hoofd

Leerling: Je moet niet naar je hoofd luisteren, maar naar je hart.

Meester: Leuk bedacht.

Lees ook: Eeuwige Wijsheid voor Eeuwige Dwazen

Dood het hart

Een leerling vraag: ‘Hoofd of hart?’ De meester zwijgt. In zijn kruis groeit een donkere vlek. De leerling roept: ‘Meester!’ De meester zegt: ‘Blaas.’

Lees ook: Dwijsheid, vrijplaats tussen dwaasheid en wijsheid

Dood niet-weten

Wat is hoger, boeddhisme of niet-weten?

Hajo: Waarvoor staat de boeddhistische term hinayana?

Hans: Het kleine voertuig.

Hajo: Wat is er klein aan?

Hans: Dat het zich alleen op de verlossing van de beoefenaar richt.

Hajo: Waarvoor staat de term mahayana?

Hans: Het grote voertuig.

Hajo: Wat is er groot aan?

Hans: Dat het zich ook op de verlossing van de medemens richt.

Hajo: Wat is het grote verschil tussen boeddhisme en niet-weten?

Hans: Dat het zich nooit voor mijn karretje laat spannen.

Hajo: Wat niet?

Hans: Niet-weten niet.

Hajo: Hoe komt dat?

Hans: Doordat het geen voertuig is.

Hajo: Wat is het kleine verschil tussen boeddhisme en niet-weten?

Hans: Dat het mij nooit voor zijn karretje zal spannen.

Hajo: Wat niet?

Hans: Niet-weten niet.

Hajo: Hoe komt dat?

Hans: Doordat het geen voertuig behoeft.

Hajo: Waarom niet?

Hans: Omdat het nergens heen gaat natuurlijk.

Hajo: Wat is volgens jou hoger, boeddhisme of niet-weten?

Hans: Boeddhisme, zou ik zeggen.

Hajo: Waarom?

Hans: Op niet-weten staat geen maat.

Lees ook: Bodhisattvageloften

Dood het doden

Eeuwige to-do list voor de eeuwige zenboeddhist

Zen is: steeds opnieuw beginnen

  1. Dood de boeddha
  2. Dood de dharma
  3. Dood de sangha
  4. Dood kanzeon
  5. Dood je leraar
  6. Dood je kussen
  7. Dood jezelf
  8. Dood het zelf
  9. Dood niet-zelf
  10. Dood het doden
  11. Naar 1

Lees ook: Wat is zen? Honderd definities